“De tijd dat groei vanzelf rendeerde, is voorbij”
Varkens | 60 jaar Propigs
v.l.n.r. afscheidnemend directeur Luc Verspreet, opvolger Jan Coenegrachts en voorzitter-varkenshouder Renaat Moors.
Met twee druk bijgewoonde feestvergaderingen vierde coöperatie Propigs (en voorloper Covavee) deze zomer haar 60-jarig jubileum. In de marge werd de samenwerking met Westvlees in de Belgian Pork Group tot algemene tevredenheid verlengd met een nieuwe tienjarige aandeelhoudersovereenkomst. Propigs heeft niet de ambitie om de markt te veranderen, maar wil varkenshouders helpen om het type varken te produceren dat de hoogste marktwaarde heeft. “Een varkenshouder die telt, komt bij ons uit.”
Propigs verzamelt de varkens van zo’n 220 varkenshouders. Goed voor 1,2 miljoen varkens op jaarbasis. Op die manier groepeert de coöperatie 40% van de aanvoer van Belgian Pork Group en 15% van de Belgische markt. Het label van feestvarken moest de coöperatie tijdens de feestvergadering delen met afscheidnemend directeur Luc Verspreet, die 43 jaar lang de drijvende kracht was achter de coöperatie en nu met pensioen gaat. Samen met diens opvolger Jan Coenegrachts en voorzitter-varkenshouder Renaats Moors keek hij voor Boer&Tuinder nog één keer achteruit, maar vooral vooruit.
Covavee besliste lang geleden om zelf slachtactiviteiten uit te bouwen, maar maakte zo’n tien jaar geleden ietwat de omgekeerde beweging door die slachtactiviteiten weer wat verderaf onder te brengen in een samenuitbating met Westvlees in Belgian Pork Group. Een logische evolutie?
Luc: “Beide keuzes waren logisch in hun tijd. Zonder de eigen slachtactiviteiten was het toenmalige Covavee de speelbal van vleeshandelaren en had die zeker in de beginjaren geen marktmacht. De eigen vleesverwerking bracht daar verandering in. De afzetmarkt werd steeds groter: eerst was het de regio, dan het land, later heel Europa en bijkomend een groot stuk van de wereld. Voor het deel van het varkensvlees dat naar bijvoorbeeld Azië ging, waren we als Covavee te klein om op te tornen tegen de grote spelers uit de buurlanden. De samenwerking met Westvlees was in dat kader een logische stap.”
En is de schaal nu wél groot genoeg? In de zuivel zagen we hoe Milcobel uiteindelijk ook de volgende fusiestap opzocht.
Luc: “Ik denk dat de markt veranderd is. Ze wordt opnieuw kleiner. Ik zie een wereld met handelstarieven en protectionisme. De trend naar nog groter en nog meer is voorbij. Vandaag is niemand nog op zoek naar nog méér. Tönnies en Vion krimpen eerder dan dat ze groeien en ook de Denen stoten af. ‘Massa is kassa’ geldt niet meer. De trend ligt nu overal op efficiënter werken en automatisering. Kosten reduceren en inzetten op AI.”
default
De samenwerking met Westvlees in Belgian Pork Group werd recent tot tevredenheid van alle partijen verlengd. Een coöperatie streeft naar hoge varkensprijzen, een privaat bedrijf eerder naar lage. Hoe heeft Belgian Pork Group die ogenschijnlijk tegenstrijdige belangen weten te verzoenen?
Renaat: “We hebben elkaar nodig. Wij de slachtcapaciteit, Belgian Pork Group de varkens. Het is goed dat die wederzijdse afhankelijkheid er is, anders werkt het niet en krijg je een onevenwichtige machtspositie. Vanzelfsprekend is er een spanningsveld. Als de marges er niet zijn voor het slachthuis, en de prijzen zijn niet oké voor de boer, waarvoor kies je dan? Maar binnen Belgian Pork Group zijn er genoeg alarmbellen en overlegorganen om de prijs te bepalen. We hebben ook iemand van Propigs in het prijzencomité.”
Heeft Propigs de macht om de varkensprijs structureel hoger te duwen dan de vrije markt?
Renaat: “De markt kun je niet dwingen.”
Luc: “De wereld is de markt. België is goed voor 3-4% van de slachtingen in Europa. Spanje slacht 56 miljoen dieren, wij 9 miljoen. Wij gaan de rest van Europa niet vertellen wat ze moeten doen. Aanbod bundelen kan alleen maar op Europees niveau, en dan nog.”
Kippenhouders durven in slechte tijden wel eens een ronde overslaan om hun aanbod naar beneden te halen.
Renaat: “De cyclussen zijn er ook veel korter. Je kan als varkenshouder de varkens een week langer houden, maar dan stopt het. Ze moeten wel weg, want de volgende zijn er al. Bij slechte prijzen is het zelfs nog belangrijker om technisch goed te presteren.”
En prijsafspraken op langere termijn?
Luc: “Geprobeerd, maar werkt niet. Je zit met de vierkantsverwaarding. Je kan wel afspraken met bijvoorbeeld retailers maken over bepaalde deelstukken, maar geen enkele klant koopt het hele varken. Met de rest moet je alsnog de vrije markt op.”
De varkenscyclus is nog altijd alive and kicking in de prijsvorming. Kan een coöperatie een bufferende rol spelen in het dempen van de diepste dalen?
Luc: “Ook dat hebben we geprobeerd, bijvoorbeeld door met driewekenprijzen te werken. We hadden er echt alles aan gedaan om een goed systeem op te zetten. Maar wat we zagen is dat varkenshouders toch gingen spelen met de aanleverdatum om net nog goede prijzen mee te nemen of slechte prijzen te ontwijken. Het systeem was niet houdbaar. De ervaring leert dat als de boer speculeert, hij altijd aan het kortste eind trekt.”
Waar kan Propigs het verschil maken voor de coöperanten als die geen financiële meerwaarde kan bieden? Coöperant worden kost immers ook geld, er is een verplichte deelname in het kapitaal.
Jan: “Die verplichte deelname is in tegenstelling met coöperaties in andere sectoren beperkt en er staat een stevig dividend tegenover, vorig jaar 6%. Dat zijn A-aandelen. Coöperanten kunnen ook vrijwillig B-aandelen aankopen, wat gezien het rendement ook gedaan wordt. Als coöperant heb je daarnaast ook recht op een stevige nabetaling, vorig jaar 35 cent per varken. Dat er geen financiële meerwaarde zou zijn, klopt dus niet.”
Covavee zette al vroeg in op data, met onder andere de introductie van de AutoFom in ons land. Propigs zet die lijn verder?
Jan: “Klopt, en daarvoor hebben we Picaso uitgewerkt, Pig Carcass Solutions. Het is een onlinetool waarmee de varkenshouder gedetailleerd zijn slachtresultaten kan analyseren. Hoe groot zijn de deelstukken, wat is de karkaskwaliteit (MBI, Meat Building Index), hoe verhoudt hij zich ten opzichte van het gemiddelde … Boeren kunnen ook stallen, afdelingen en groepen biggen vergelijken. We hebben dat heel fijnmazig uitgebouwd en zijn daar zelfs uniek in.”
Renaat: “Als varkenshouder krijg je doorgaans toeslagen tussen de 5 en 15 cent per kg. Met Picaso als managementtool kan je richting die 15 cent evolueren. Daar zit dus zeker ook een financiële waarde.”
Waarom vinden jullie dit aspect zo belangrijk?
Luc: “Omdat daar een kerntaak van Propigs ligt: het afstemmen van wat de boer produceert en wat de markt vraagt. Afhankelijk van voor welke klant je produceert, is het gevraagde varken anders. Ik ben ervan overtuigd dat daar nog veel centen te rapen vallen voor de boer. Een klant in het VK vraagt een ander type varken dan in Azië. Ook van de retail krijgen wij feedback. Dat soort feedback is heel waardevol voor de boer. En dat gaat hij niet van zijn veevoederfirma krijgen, maar wel van ons. Daar zit onze rol.”
Jan: “We geven niet alleen de data door, maar begeleiden ook in het optimaliseren van de resultaten. Wat kan je doen om de vleeskwaliteit te verbeteren of de uniformiteit te vergroten. Als de groei niet goed is, zie je dat aan het vlees. We komen langs en we vertellen waar de boer kan bijsturen.”
Wat is het belangrijkste? Snelle groeiers of conformatie?
Luc: “Het is een oude discussie en de beslissing ligt natuurlijk bij de varkenshouder. Er zijn zeker ook tussenwegen mogelijk. Maar ik denk dat we het verplicht zijn om ons te onderscheiden van een Duits, Deens of Nederlands varken. Waarom zouden veel Oost-Europese landen naar ons komen als ze dichter bij huis hetzelfde varken vinden. Dan speelt alleen nog de prijs. De stressgerelateerde vleeskwaliteitsproblemen - zoals dripverlies - zijn grotendeels voorbij. Vandaag hebben we een varken met een vleeskwaliteit die minstens even goed is als dat van onze buurlanden én met een betere conformatie en uitsnijrendement. Dat zijn troeven die we moeten behouden. Ook voor de Aziatische markt is dit belangrijk.”
Hoe belangrijk is het dat ons land nog een coöperatie in de varkenssector kent?
Renaat: “Ik denk dat je maar weet wat je hebt als je het niet meer hebt. Het feit dat we als Propigs vertegenwoordigd zijn in de raad van bestuur van Belgian Pork Group, de grootste slacht- en versnijdingsgroep in België is belangrijk. Als je iets aankaart, wordt er rekening mee gehouden. Ook het regelmatige informele overleg is belangrijk. Propigs ondersteunt ook varkenshouders in het voldoen aan specifieke lastenboeken. We luisteren mee in de keten en laten ons horen waar nodig. We staan ook in contact met andere stakeholders.”
Luc: “We staan aan de kant van de boer. Als er een probleem is, dan lossen we het op. We zorgen ervoor dat de varkens weg zijn, als ze weg moeten zijn. De laatste drie jaar is dat altijd evident geweest, maar ik kan je verzekeren dat dit in slechte tijden niet altijd zo is geweest.”
Wat zijn de ambities met Propigs voor de komende tien jaar? In een krimpende markt is het moeilijk voor iedereen.
Jan: “We zijn ambitieus. We hebben nu 1,2 miljoen slachtingen met Propigs. We hebben ons tot doel gesteld dat aantal vast te houden, ook al is de verwachting dat ons land van 9 miljoen slachtingen nu naar 7 miljoen slachtingen in 2030 zal dalen.”
België zakt, terwijl bijvoorbeeld Spanje na een daling opnieuw in de lift zit. Komen we in de verdrukking als varkensland?
Luc: “Er zijn altijd landen geweest die uitschieters toonden naar boven of beneden. Het Europese plaatje is wat telt, de optelsom. Spanje stijgt, maar andere landen dalen. Bijkomend, als de grote exporterende landen hun varkensvlees kwijt kunnen buiten Europa is er niet veel aan de hand. Het is pas als zij hun varkensvlees buiten de EU niet afgezet krijgen en dit op de Europese markt duwen, dat de druk erg groot wordt.”
Pessimisme hoeft niet?
Luc: “Ik ben niet pessimistisch. De vooropgestelde daling met 30% in ons land komt er zeker. Afhankelijk van de conjunctuur en de mogelijkheden om zich in regel te stellen met de stikstofwetgeving kan dat vroeger of later zijn dan 2030. Maar voor de overblijvers zal het goed zijn. We kunnen beter en efficiënter produceren dan veel andere Europese landen. Onze varkenshouders zijn top.”
Renaat: “Ik ben evenmin pessimistisch gestemd. Het vleesverbruik is stabiel en zelfs licht stijgend. Het negativisme dat rond vlees hangt, ebt weer wat weg.”
Het negativisme is weg, maar het thema duurzaamheid zal ongetwijfeld niet weggaan.
Jan: “Met Belgian Pork Group hebben we met ons Taste&Welfare-label daar een mooi antwoord op. Het gaat om pig, planet, product en people. En people, daaronder valt ook de coöperatieve gedachte. We werken als Propigs ook mee met het Klimrek-project, dat de koolstofvoetafdruk van het varkensvlees in kaart brengt. Als dat breed uitgerold zou worden, kunnen we dat als Propigs mee faciliteren. Om zo de varkenshouder administratief zo veel mogelijk te ontlasten.”
Propigs zal ook voor de komende 60 jaar een blijver zijn?
Luc: “We zitten met Belgian Pork Group in een sterke groep. We kunnen tegen een stoot. Als Belgian Pork Group het niet redt, dan niemand in ons land. Ik heb ook het gevoel dat de jonge varkenshouders ons wat herontdekt hebben. Vroeger had je varkensboeren die omwille van het denken in zuilen nooit aan Propigs geleverd zouden hebben. De jonge varkenshouders denken rationeler. Er wordt meer geteld. En dan komen ze bij ons uit.”
Tot slot, welke raadgevingen geef je je opvolger Jan Coenegrachts mee.
Renaat: “Dat hij goed luistert naar zijn voorzitter.” (lacht)
Luc: “Ik heb hem niets meer te leren; we werken al 30 jaar samen. Dat het belangrijk is dat boeren samenwerken en met één stem blijven spreken naar de rest van de keten. In een sector die consolideert is dat nog belangrijker dan vroeger. Verder moet Propigs blijven denken vanuit het standpunt van de boer. Werken voor de boer en denken aan de boer. Boeren mogen niet herleid worden tot gewone grondstofleveranciers. Maar dat weet Jan allemaal al.”
Jan: “Ons doel is om de verbindende rol tussen de boer en de rest van de keten in de toekomst te blijven spelen. We willen daartoe onze datagedreven ondersteuning verder uitbouwen. De boer helpen geld te verdienen. Ik zie geen trendbreuk met wat Luc gedaan heeft. Wat we in het verleden misschien wél te weinig gedaan hebben is zeggen waarvoor we staan. Meer gezicht krijgen in de markt, daar willen we de komende jaren werk van maken.”
FOD WASO verduidelijkt de regels: bedrijven zonder personeel hoeven voor stagiairs en duaal leren niet langer aan te sluiten bij een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.
Landbouweducatie laat kinderen de sector van dichtbij beleven en vergroot begrip en draagvlak voor de landbouw van morgen. Ontdek hoe boeren hun verhaal kunnen delen met scholen en jongeren.
Jonge boeren lopen vast op de complexe NER-regels in Vlaanderen. Groene Kring vraagt snelle hervorming, zodat bedrijfsovernames haalbaar blijven en de sector toekomst krijgt.
Hoe breng je de milieu-impact van een product op een betrouwbare en vergelijkbare manier in kaart? Ontdek op 8 september hoe LCA en PEF daarbij helpen. Tijdens dit webinar krijg je praktische inzichten, voorbeelden en concrete handvaten voor de voedingsketen.
Wat is de verwachte impact van het overschakelen van Holstein naar Jersey op de technische resultaten en zijn er andere zaken om rekening mee te houden?
Vleesveeprijzen krabbelen opnieuw op: dikbilstieren, -koeien en reforme melkkoeien trekken aan, terwijl de prijzen van nuchtere kalveren voorlopig stabiel blijven.
Zuivelprijzen trekken voorzichtig aan. Stijgende melkpoeder-, room- en boterprijzen duwen ook de melkprijs omhoog, met hogere garanties en spotnoteringen begin september.