Gezien in Boer&Tuinder: Meer digitalisering met vertrouwd dorsconcept
Met de vernieuwde T5- en T6-maaidorsers zet John Deere vooral in op digitalisering, automatisering en gebruiksgemak. Het basisconcept van de conventionele schuddermaaidorser blijft daarbij behouden. De constructeur bouwt verder op het bestaande dors- en scheidingssysteem, maar voorziet de machines van een nieuwe cabine, een vernieuwde elektronische architectuur en extra mogelijkheden op het vlak van precisielandbouw. Daarnaast werd ook gewerkt aan capaciteit en efficiëntie.
De T5- en T6-serie vormen binnen het John Deere-gamma de conventionele schuddermaaidorsers. Ze combineren een hoge capaciteit met een goede strokwaliteit, wat vooral belangrijk blijft voor bedrijven die stro valoriseren. Met de nieuwste generatie kiest John Deere niet voor een volledig nieuw maaidorserconcept, maar voor een verdere evolutie van een bestaande technische basis, aangevuld met moderne digitale technologie.
Beproefd dorsconcept als basis
Aan het dors- en scheidingssysteem zelf veranderde John Deere relatief weinig. De constructeur bouwt verder op het bestaande Tangential Plus-dorssysteem met een dorstrommel van 660 mm diameter. Achter de dorstrommel bevindt zich een afscheidertrommel van 800 mm diameter, een concept dat enkele jaren geleden werd geïntroduceerd en ook op de nieuwe generatie behouden blijft.
De T5-modellen beschikken over vijf stroschudders, terwijl de T6-serie uitgerust is met zes schudders. Het totale actieve afscheidingsoppervlak bedraagt afhankelijk van het model 3,3 tot 4,0 m².
Hoewel veel aandacht vandaag uitgaat naar rotor- en hybridesystemen blijven conventionele schuddermaaidorsers een vaste waarde op tal van landbouwbedrijven. Zeker waar stro een economisch belangrijke rol speelt, wordt de kwaliteit van het stro vaak mee in rekening gebracht bij de keuze van een maaidorser. Door de relatief zachte behandeling van het gewas blijven langere strolengtes behouden, wat voor bepaalde toepassingen een voordeel kan zijn.
Opvallend is dat John Deere sterk blijft inzetten op een vlotte gewasdoorstroming doorheen de machine. Volgens de constructeur draagt een gelijkmatige productstroom bij tot een constante capaciteit en een zorgvuldige behandeling van zowel stro als korrel. Daarbij spelen onder meer de grote afscheidertrommel, de snel inschakelbare boosterbar en de verwisselbare korfsegmenten een belangrijke rol. Die laatste zorgen ervoor dat de maaidorser snel kan worden aangepast aan verschillende gewassen en wisselende oogstomstandigheden.
De boosterbar kan bijvoorbeeld worden ingezet wanneer een agressievere dorswerking gewenst is, zoals bij gerst. De bestuurder hoeft daarvoor geen ingrijpende aanpassingen uit te voeren. Ook de verwisselbare korfsegmenten moeten de omschakeling tussen gewassen vereenvoudigen.
Ook het reinigingssysteem wijkt af van wat bij veel andere maaidorsers gebruikelijk is. In plaats van een klassieke voorbereidingstafel maakt John Deere gebruik van zes versterkte transportvijzels die het materiaal naar de zeven voeren. Volgens de constructeur zorgt dat voor een gelijkmatige verdeling van het gewas over de volledige breedte van het reinigingssysteem. Doordat het materiaal via verschillende niveaus naar beneden valt, ontstaat een natuurlijk watervaleffect waarbij op meerdere plaatsen lucht kan worden ingeblazen. Dat moet bijdragen aan een efficiënte reiniging, terwijl het systeem ook minder gevoelig zou zijn voor hellingen doordat het materiaal minder gemakkelijk naar één zijde verschuift.
Van maaidorser naar dataplatform
De grootste vernieuwingen bevinden zich in de cabine en de digitale omgeving. De T5- en T6-serie krijgt dezelfde designtaal als de grotere S7- en X9-maaidorsers. De cabine heeft een volume van 3,35 m³ en wordt uitgerust met het nieuwe G5Plus CommandCenter-display.
Naast de vernieuwde vormgeving werd ook de volledige elektronische architectuur aangepast. Dat was nodig om de grotere hoeveelheid gegevens die vandaag verwerkt wordt vlot te kunnen beheren. De bediening verloopt via een vernieuwde CommandPro-joystick en een gebruikersinterface die meer weg heeft van een moderne tabletomgeving dan van de klassieke menu-structuren die jarenlang gebruikelijk waren op landbouwmachines.
De vernieuwde elektronische architectuur vormt de basis voor een reeks digitale functies. Waar de maaidorser vroeger voornamelijk een oogstmachine was, evolueert hij steeds meer naar een platform voor gegevensverzameling. Tijdens de oogst kunnen opbrengstgegevens, vochtmetingen en andere machinegegevens geregistreerd worden. Via JDLink en het John Deere Operations Center kunnen deze gegevens vervolgens verder worden verwerkt en geanalyseerd.
Die informatie kan later opnieuw worden ingezet bij andere teeltwerkzaamheden. Opbrengstkaarten kan je bijvoorbeeld gebruiken om verschillen binnen een perceel in kaart te brengen en kunnen als basis te dienen voor variabele toepassingen. Zo verschuift de rol van de maaidorser steeds meer van louter oogstmachine naar informatiebron voor het volledige teeltseizoen.
Ook op het vlak van automatische besturing breidt John Deere de mogelijkheden verder uit. Systemen zoals AutoTrac, AutoPath en Machine Sync laten toe om oogst- en transportbewegingen beter op elkaar af te stemmen. Zo kunnen maaidorser en tractor tijdens het lossen gegevens uitwisselen, wat de werklast voor beide bestuurders vermindert.
Voor bedrijven die meer inzicht willen krijgen in de kwaliteit van hun geoogste product, is ook graananalyse beschikbaar. Daarbij kunnen tijdens het oogsten onder meer vocht- en kwaliteitsparameters worden geregistreerd.
Focus op capaciteit en efficiëntie
Naast digitalisering werd ook gewerkt aan capaciteit en efficiëntie. De vernieuwde serie maakt gebruik van de nieuwe JD9X-motoren, met vermogens die afhankelijk van het model variëren van 275 tot 466 pk.
Volgens John Deere zijn deze motoren ontwikkeld met aandacht voor een lager brandstofverbruik en een hoog koppel bij lagere toerentallen. De constructeur combineert dit met HarvestMotion-technologie, die erop gericht is om de motorbelasting beter af te stemmen op de omstandigheden tijdens het oogsten.
Volgens de constructeur bedraagt de doorvoercapaciteit van de machines meer dan 50 ton per uur. Ook de afvoer van het graan werd verder geoptimaliseerd. De grootste modellen beschikken over een graantank tot 13.500 liter en een lossnelheid tot 150 liter per seconde. Daardoor kan tijdens het lossen meer graan worden verwerkt zonder de oogstcapaciteit onnodig te onderbreken.
Ook het lossysteem werd verder verfijnd. Afhankelijk van het gekozen maaibord zijn verschillende losvijzellengtes beschikbaar. Nieuw is de verstelbare uitloop aan het uiteinde van de lospijp. Die kan vanuit de cabine worden bediend, waardoor de bestuurder de graanstroom nauwkeuriger kan richten tijdens het lossen. Vooral bij kleinere transportwagens of bij wisselende afvoersystemen kan dat helpen om de laadruimte beter te benutten en verliezen naast de wagen te beperken.
Voor bedrijven die regelmatig op hellende percelen werken, blijft daarnaast HillMaster beschikbaar. Daarbij wordt niet alleen het maaibord gecorrigeerd, maar wordt de volledige machine hydraulisch aangepast zodat dors- en reinigingsorganen zo horizontaal mogelijk blijven werken. Dat moet bijdragen aan een gelijkmatige materiaalstroom en een constante reiniging, ook wanneer de hellingsgraad toeneemt.
Aardappelen komen dit seizoen kiemlustig de loods binnen. Ontdek hoe tijdige ventilatie, juiste koeling en doordachte kiemremming helpen de kwaliteit tijdens bewaring te beschermen.
Met het impulsprogramma ‘7 voor 27’ wil Vlaanderen de waterkwaliteit versneld verbeteren. Ontdek welke zeven acties tegen 2027 voor schoner water en gerichter beleid moeten zorgen.
De beste spuittechniek hangt af van het doelwit, het gewas en de omstandigheden. Optispray toont hoe druppelgrootte, spuitvolume en techniek samen driftreductie en werking bepalen.
AI neemt steeds meer werk over in de aardappelsector. Van ziektes herkennen op het veld tot aardappelen beoordelen en automatisch sorteren. Lees hoe CroptiScan, Ellips en Visar die ontwikkeling mee vormgeven.
Boer&Bondig spreekt met premier Bart De Wever over pionieren in de landbouw, maar gaat daarnaast ook over de gevolgen van de Septemberverklaring en hoe herders en boeren met begrazing het landschap beheren.
Vlaamse landbouwers kunnen Europese steun krijgen voor gestegen kunstmestkosten, maar de koppeling aan de registratie in het kunstmestregister van aankopen tussen maart en augustus roept vragen op.
Het organischestofgehalte verhogen in de bodem wordt terecht als een belangrijke hoeksteen gezien van agro-ecologische landbouw. Maar in Vlaamse bodems is de pH evenzeer een werkpunt, net als het voorkomen van bodemverdichting
Tot 40 procent van de Vlaamse bataatoogst haalt de winkel niet. VALOBAT onderzoekt hoe deze reststromen nieuwe kansen krijgen in dumplings, bakkerijproducten en andere voeding.
Vanaf 12 januari moeten voertuigen vooraf in de voertuigbibliotheek geregistreerd zijn voor een vergunning uitzonderlijk vervoer. Boerenbond helpt je daarbij tijdens speciale zitdagen.