Openbaar onderzoek watergevoelige openruimtegebieden (WORG) gaat van start
Op 26 juni 2026 keurde de Vlaamse Regering de voorlopige aanduiding goed van 26 watergevoelige openruimtegebieden over verschillende gemeenten gelegen in de provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant en West-Vlaanderen met een totale oppervlakte van ongeveer 285 hectare. Het grootste deel bevindt zich in Oost-Vlaanderen, namelijk 227,4 hectare. Vanaf 1 september tot en met 30 oktober loopt een openbaar onderzoek naar de voorlopige aanduiding van deze gebieden.
Wat is een WORG?
De Vlaamse Regering wil Vlaanderen weerbaarder maken tegen droogte en overstromingen door onder meer het waterbergend vermogen van bepaalde watergevoelige gebieden te vrijwaren. Dit doet de overheid door de watergevoelige gebieden te herbestemmen via een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) of door aanduiding als watergevoelige openruimtegebieden (WORG). WORG zijn vaak al aangeduid als signaalgebied. Dat zijn de nog niet ontwikkelde watergevoelige gebieden met een harde bestemming waarvan de Vlaamse Regering besliste dat het beter is om deze niet meer te ontwikkelen maar te herbestemmen naar zones met bouwvrije opgave. In 2024 zijn er reeds 139 gebieden definitief aangeduid als WORG.
In het Vlaams Regeerakkoord 2024-2029 werd de bijkomende aanduiding van WORG opgenomen vanuit de doelstellingen bij Blue Deal 2.0. Daarbij werden de laatste signaalgebieden met bouwvrije opgave waar geen proces lopende was aangevuld met gebieden met een hoge ontwikkelingsdruk die zowel door lokale besturen als waterloopbeheerders werden voorgesteld.
Welke gevolgen heeft de aanduiding als WORG?
Een aanduiding als WORG betekent dat de huidige harde bestemming van een gebied, zoals woon- of industriegebied, niet langer kan worden gerealiseerd. Daardoor kunnen in deze zones geen vergunningen meer worden verleend voor onder meer nieuwe woningen of bedrijfsgebouwen. Binnen de aangeduide WORG zijn waterbeheer, natuurbehoud, bosbouw, landschapszorg, landbouw en recreatie nevengeschikte functies.
Met de procedure voor de aanduiding van watergevoelige openruimtegebieden wordt dezelfde vergoeding voor planschade voorzien als bij ruimtelijke uitvoeringsplannen. Na de definitieve herbestemming tot watergevoelig openruimtegebied hebben eigenaars twee jaar de tijd om van de mogelijkheid tot planschade gebruik te maken. Nieuw is dat vanaf 20 augustus 2026 iedereen die een opstalrecht, erfpacht of een ander zakelijk recht heeft op een grond die ooit als watergevoelig openruimtegebied werd aangeduid, nu ook recht heeft op een vergoeding. De termijn van twee jaar om alsnog een aanvraag in te dienen, begint te lopen vanaf 20 augustus 2026, niet enkel voor nieuwe aanduidingen maar ook voor aanduidingen van jaren geleden.
Heeft afbakening als WORG impact op landbouw?
De WORG worden in de ruimteboekhouding opgenomen onder de categorie ‘overig groen’. Binnen de aangeduide WORG zijn er heel wat percelen in landbouwgebruik.
Hoewel WORG niet automatisch een natuur- of bosbestemming is, vloeit zulk gebruik er al te makkelijk uit voort. Die vrees wordt versterkt aangezien in elke toelichtingsfiche van de aangeduide WORG die momenteel in openbaar onderzoek liggen onder paragraaf 1.2.4 Klimaatadaptatieplan de volgende stelling terugkomt:
“Bij de afbakening van de watergevoelige openruimtegebieden bestaan er koppelkansen met onder meer de doelstelling voor bosuitbreiding. Het verkennen van het bebossingspotentieel in deze gebieden is dan ook expliciet opgenomen.”
Boerenbond vraagt dat in toekomstige ruimtelijke uitvoeringsplannen de landbouwgebruiksoppervlakte binnen WORG herbestemd wordt naar bouwvrij agrarisch gebied (BAG). Op deze manier wordt vermeden dat er nog meer landbouwgrond onnodig uit landbouwgebruik gaat en druk op overgebleven landbouwpercelen vergroot. WORGs draaien immers rond het controleren van overstromingen, iets wat niet uitsluitend voor natuur is weggelegd en waar landbouw deel uit kan maken van het verhaal.
Openbaar onderzoek
Het openbaar onderzoek over de voorlopige aanduiding loopt van 1 september 2026 tot en met 30 oktober 2026. Een inspraakreactie indienen kan bij de Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid (online of schriftelijk) of bij de betrokken gemeentebesturen. Na afloop van het openbaar onderzoek worden de inspraakreacties onderzocht. Pas daarna kan de Vlaamse Regering beslissen over de definitieve aanduiding van de gebieden.
Eigenaars van percelen binnen de gebieden worden via brief op de hoogte gebracht van het openbaar onderzoek over de voorlopige aanduiding, en later ook over de definitieve aanduiding.
Boerenbond zal inspraakreacties indienen, gelet op de bezorgdheden uit bovenstaande paragraaf. Contacteer jouw Boerenbondconsulent voor hulp bij het opstellen van een individueel bezwaar.
Op de Vlaamse Carbon Farming Dag in Lennik ontdekten landbouwers, onderzoekers en bedrijven hoe levende bodems, nieuwe technologie en samenwerking carbon farming vooruit kunnen helpen.
Na de recente regen wordt het tijdelijke verbod op wateronttrekking in elf zones rond de Dijle en de Winge opgeheven. In andere stroomgebieden blijft het verbod voorlopig gelden.
Meer dan 200 lokale mandatarissen volgden Boerenbonds webinar over het BRV. Ontdek waarom we hen vroegen landbouw een volwaardige plek te geven in het Vlaamse ruimtelijk beleid.
Voor Patrick en Chiel Lemahieu-Ameloot begint een teeltplan niet bij de hoogste opbrengst, maar bij bodem, rotatie en wat hun bedrijf aankan. Ontdek hoe ze rekenen met gemiddelden én ruimte laten voor onzekerheid.
Na recente regenval heft West-Vlaanderen het onttrekkingsverbod in de vier overgebleven stroomgebieden op. Het watersysteem blijft kwetsbaar, dus water vasthouden en laten infiltreren blijft belangrijk.
Voor het viaduct van Gentbrugge zijn zeven haalbare alternatieven geselecteerd. Ontdek tijdens een infomarkt wat de plannen betekenen voor de E17, E40 en R4 en hoe u uw mening kunt geven.