Dinsdag 16 juni ging de jaarlijkse studiedag van de Hooibeekhoeve door. Inzichten uit de projecten rond stikstof, emissiereductie, kruidenrijk grasland en bodemkwaliteit werden gepresenteerd.
Emissies in de stal
Stikstof is spijtig genoeg een hot topic de laatste jaren. Het houdt de boeren wakker, maar ook de onderzoekers. In het project Rammonia gaat men op zoek naar nieuwe maatregelen die op de PAS-lijst zouden kunnen komen en dus toepasbaar kunnen worden voor de melkveehouders. Gestart met 33 ideeën, getoetst aan onderzoeks- en praktijkinzichten, worden er momenteel twee pistes verder verkend, enerzijds het aanzuren van de mest in de put en anderzijds besproeien van de roostervloer. Praktische haalbaarheid, gevolgen voor dieren, mest, gebouw, ..., kostprijs, borging ... worden onderzocht. Bij een finale keuze zal er gewerkt moeten worden met een goedgekeurd meetplan op 4 meetlocaties. Hopelijk worden er goede reducties gemeten, waarbij deze meetrapporten dan aan het WeComV gepresenteerd zullen worden. Na hun advies zal dit naar de minister voor leefmilieu gaan. Nog een lange weg af te leggen, maar stap voor stap en op hoop van zege!
Metst en urine zorgen samen voor NH3-productie. Als we de mest snel verwijderen uit de stal, lijdt dit logischerwijze tot een beperking van de luchtemissies. Logisch, maar niet erkend. In het project SMILE zal men stallen met dichte vloer met een snelle mestverwijdering en een afgedekte mestopslag gaan proberen doormeten via een erkend meetplan. Ook hier worden positieve reducties verwacht waarbij de techniek hopelijk via positief advies WeComV ook door de minister van leefmilieu op de PAS-lijst bijgevoegd wordt.
Emissies in het veld
Niet alleen in de stal probeert men via technieken de emissies te beperken. Ook in het veld hebben we te maken met vervluchtiging van ammoniak. In het project BRON gaat men de verschillende factoren die dit beïnvloeden bij bemesting onderzoeken (samenstelling mest, methode van toediening, weersomstandigheden, begroeiing, ...), alsook kijken welke teelten of teeltrotaties hun invloed kunnen hebben. Sommige teelten vragen minder stikstof terwijl anderen juist heel efficiënt de N gebruiken.
In het project A-MOVE gaat men dan weer voor een integrale aanpak van de ammoniakveldemissies. Eerst zal men de verschillende meetmethodes in het veld gaan optimaliseren, om zich vervolgens te richten op het breder kader van bemestingsstrategieën, bodembeheer en mestkwaliteit. Zo komen onder andere het verdunnen en aanzuren van dierlijke mest aan bod, het fractioneren van de kunstmestgift alsook het gebruik van ureaseremmers en slow release N.
Hopelijk krijgen we op de studiedag volgend jaar een positieve updatestatus van de projecten of al nieuwe inzichten die men heeft gevonden of heeft kunnen bewijzen!
Toekomst van bedrijven
verder ging men ook nog even in op het project VEEKOMPAS, waarbij men bedrijven helpt bij de voorbereiding van de toekomst van hun bedrijf, in kader van de PAS-doelstellingen. Via veekompas kan iedere veehouder geïnformeerd en begeleid worden bij zijn of haar vraagstukken in kader van PAS voor zijn of haar bedrijf. Wat zijn mijn doelstellingen? Wat zijn mijn mogelijkheden tot oplossing voor mijn bedrijf? Is er een heroriëntering van mijn bedrijf mogelijk? Aanmelden hiervoor kan via het aanmeldingsformulier onderaan de site ‘https://veekompas.vlaanderen.be’.
Productief kruidenrijk grasland
In de namiddag werden aan de hand van keuzesessie verschillende thema’s toegelicht. De twee projecten die eruit sprongen voor ons werken rond kruidenrijk grasland en bodemkwaliteit.
Bevindingen uit de projecten GRANOLA, HERBgrass en een demonstratieproject rond kruidenrijk grasland geven samen nieuwe inzichten. In de drie projecten word er steeds gefocust op productief kruidenrijk grasland. Het woordje productief is daarin zeer belangrijk, het geeft weer dat het gaat over bemest grasland dat bestaat uit veredelde soorten om een goede opbrengst en kwaliteit te krijgen. Om te spreken van kruidenrijk grasland moet de mix drie componenten bevatten; grassen, vlinderbloemigen en kruiden. Elk van dezen dragen op hun eigen manier bij aan de voordelen van productief kruidenrijk grasland. Zo is het beter bestand tegen droogte door de diepe worteling van onder andere rietzwenkgras, is het door de vlinderbloemigen efficiënter in N-gebruik, zorgt het voor meer biodiversiteit, verbetert het de kwaliteit van de bodem, bevat het meer sporenelementen en geeft het bovenal een stabieler groeiverloop ten opzichte van klassiek grasland.
Groeisnelheid van gras tov klavers en kruiden
In de verschillende proeven kon men zien dat productief kruidenrijk grasland niet moet onderdoen voor grasklaver wat betreft opbrengst. Zowel qua ton DS als qua VEM-waarde werden er nauwelijks verschillen gevonden. De onderzoekers vonden ook dat productief kruidenrijk grasland voor een goede opbrengst kan zorgen met minder N-bemesting. Daarnaast is er een duidelijk positief effect op de biodiversiteit waar te nemen, zeker als er ingezet wordt op specifieke kruiden.
Beoordeel zelf je bodem
Er wordt heel veel gesproken over het feit dat een goede bodemkwaliteit belangrijk is. Maar hoe beoordeel je zelf je eigen bodem? En hoe kan je je bodem verbeteren als die niet goed is? De onderzoekers van de Hooibeekhoeve, het praktijkpunt in Herent en de Bodemkundige Dienst zoeken op deze vragen praktische, bruikbare antwoorden.
In de bodem zit enorm veel bodemleven dat bijdraagt aan een gezonde bodem. Voor elke koe die bovenop de grond staat, is er tot wel vijf keer het gewicht van deze koe terug te vinden aan bodemleven in de grond. Dit bodemleven bestaat voor het grootste deel uit bacteriën, schimmels en regenwormen. Ze dragen allemaal op hun manier bij aan de kwaliteit van je bodem. De regenwormen zijn hierin de gekendste waarschijnlijk. Wist je dat er drie verschillende regenwormen zijn met heel verschillende functies? De rode regenworm beweegt zich voornamelijk in de bovenste laag en staat in voor de vertering van grover materiaal tot fijner materiaal. De witte regenworm gaat aan de slag met het fijner materiaal en verteerd dit nog verder. Deze regenworm dankt zijn kleur aan zijn woonplaats, hij zit veel dieper in de grond en ziet nauwelijks zonlicht. Om deze twee regenwormen met elkaar in contact te brengen hebben we tot slot de pendelaar. Deze donkere regenworm pendelt letterlijk van boven naar beneden. Hierbij maakt hij gangen in de grond die bevorderlijk zijn tegen compactering en vervoert hij materiaal tussen de verschillende lagen in de bodem.
De rode regenworm
De witte regenworm
De pendelaar
‹
›
De verschillende regenwormen die je kan vinden in je bodem
Om de kwaliteit van je eigen bodem na te gaan kan je een PLFA-analyse laten uitvoeren bij de Bodemkundige dienst, dan krijg je een uitgebreid verslag over de exacte samenstelling van het bodemleven. Je kan ook zelf aan de slag gaan en je bodem beoordelen via het boekje dat B3W heeft opgesteld. Hierin staat stap voor stap hoe je zelf een inschatting kan maken van je bodem. Je kan dit op verschillende percelen doen, op verschillende plekken binnen hetzelfde perceel of op dezelfde plek op verschillende tijdstippen. Meer info over deze aanpak kan je vinden op de website van B3W (https://www.b3w.vlaanderen.be/kennispunt/bodemkwaliteit-visueel-beoordelen/zelf-je-bodem-testen).
Tot slot gaven ze nog enkele tips mee om je bodemkwaliteit te verbeteren.
Let op het organischestofgehalte
Pas beperkte bodembewerking toe
Laat je grond zo min mogelijk braak liggen, werk aan optimale bodembedekking
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.
De stormschade van 27 op 28 juni heeft heel wat mais doen omvallen. Het (Landbouwcentrum voor Voedergewassen) publiceert nu een beslissingsboom die je helpt te beslissen wat je moet doen na schade.
Campo Solar groeide in tien jaar van een tuinfeest uit tot een festival voor 30.000 bezoekers, met landbouw als hart van de beleving: tussen mais, bloemen en lokale smaken.
Dikbilkoeien blijven stabiel op hoog niveau, terwijl dikbilstieren en reforme melkkoeien onder druk staan. Ontdek hoe de prijzen evolueren en wat de zomer kan brengen.
ILVO-onderzoekster Sarah Garré gaat op zoek naar mogelijkheden voor onze boeren om ook in de toekomst nog goed te kunnen blijven telen, ongeacht of het nu veel of weinig regent; Willem Rombaut vertelt over het Steunpunt Groene Zorg; en we maken kennis met Harvestis, de nieuwe naam van de fusie van het Proefstation voor de Groenteteelt in Sint-Katelijne-Waver en Proefcentrum Hoogstraten.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.
De sectorvakgroep Fruit trok naar Diest voor een boeiende bijeenkomst over driftreductie, robuuste rassen en inspirerende bedrijfsbezoeken bij fruit-, witloof- en wijnbedrijven.
De stormschade van 27 op 28 juni heeft heel wat mais doen omvallen. Het (Landbouwcentrum voor Voedergewassen) publiceert nu een beslissingsboom die je helpt te beslissen wat je moet doen na schade.
Peilbesluiten bepalen waterpeilen in Vlaanderen en beïnvloeden landbouw, natuur en bedrijfsvoering. Ontdek hoe de procedure verloopt, waar inspraak mogelijk is en wat de impact is op percelen.
VMM werkt aan een totaalplan voor de Getestreek om wateroverlast beter op te vangen, met maatregelen per deelgebied en prioriteit voor woonkernen. De stand van zaken van dit klimaatrobuuste project.
De opmars van de bever in Antwerpen zorgt voor groeiende druk op landbouwgronden, waterbeheer en beleid. Dit artikel belicht de stijgende schade, de beperkingen van het huidige kader en de nood aan gerichte keuzes.