Hoe emissiearm is een stal met snelle mestverwijdering?
Een flink deel van nieuwe melkveestallen bestaat uit een dichte vloer waarbij de mest met een mest(zuig)robot of mestschuif in een afstortput wordt gebracht om daarna buiten de stal bewaard te worden in een mestopslag. ILVO, VITO en de Hooibeekhoeve zoeken dergelijke stallen om uit te meten en zo beschikbaar te maken als emissiereducerende techniek.
Vaak wordt het snel verwijderen van de mest gecombineerd met een bewerking van dagverse mest om zo methaan te reduceren. Voorbeelden van mestbewerkingstechnieken zijn vergisten, scheiden van mest, strippen …
Niet enkel op vlak van emissies is het interessant om de mestverblijftijd in de stal zo kort mogelijk te houden, maar ook op vlak van dierengezondheid heeft dit type van mestmanagement voordelen. Het bewaren van de mest buiten de stal in plaats van onder de dieren, zorgt voor een verbetering van het stalklimaat.
Concrete meetgegevens ontbreken
Het is duidelijk dat melkveestallen met snelle afvoer van mest naar een externe mestopslag, al dan niet gevolgd door vergisting, een duurzame oplossing zijn voor de melkveesector. Momenteel ontbreken echter concrete meetgegevens op basis waarvan de effectieve ammoniak- en methaanemissiereductie van het geheel (stal + externe mest- en digestaatopslag) wettelijk vastgesteld kan worden.
Het project SMILE beoogt de erkenning van een melkveestal met snelle mestverwijdering als emissiereducerende techniek. Concreet streven de projectpartners naar het vaststellen van de reductie van methaan- en ammoniakemissie door het toepassen van snelle mestverwijdering in melkveestallen op basis van de resultaten van onderzoek, waarbij enerzijds de emissies op stalniveau en anderzijds de emissies op niveau van de externe mest- of digestaatopslag worden bemeten. De ambitie is om een zo hoog mogelijke reductie van emissies te halen met zo weinig mogelijk beperkingen qua praktische haalbaarheid, kostprijs, energieverbruik.
De projectuitvoerders zijn het Instituut voor Landbouw- Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO), de Vlaamse instelling voor Technologisch onderzoek (VITO) en de Hooibeekhoeve. Het onderzoek start om 1 januari 2026 en loopt vier jaar tot eind 2029. Tussentijdse onderzoeksresultaten zullen indien relevant tijdens de loop van het onderzoek worden bekendgemaakt.
Heb jij een stal met dichte vloer en snelle afvoer van mest en wil je je stal laten uitmeten? Meld je dan aan via linus.deroo@vito.be.
Op de Vlaamse Carbon Farming Dag in Lennik ontdekten landbouwers, onderzoekers en bedrijven hoe levende bodems, nieuwe technologie en samenwerking carbon farming vooruit kunnen helpen.
Een onaangekondigde update van de stikstoftools kan landbouwers met lopende vergunningsaanvragen plots boven de drempel van 0,025% duwen. Boerenbond vraagt duidelijkheid en rechtszekerheid.
Op de Vlaamse Carbon Farming Dag in Lennik ontdekten landbouwers, onderzoekers en bedrijven hoe levende bodems, nieuwe technologie en samenwerking carbon farming vooruit kunnen helpen.
Meer dan 200 lokale mandatarissen volgden Boerenbonds webinar over het BRV. Ontdek waarom we hen vroegen landbouw een volwaardige plek te geven in het Vlaamse ruimtelijk beleid.
Voor Patrick en Chiel Lemahieu-Ameloot begint een teeltplan niet bij de hoogste opbrengst, maar bij bodem, rotatie en wat hun bedrijf aankan. Ontdek hoe ze rekenen met gemiddelden én ruimte laten voor onzekerheid.
Aardbeien telen vraagt lange dagen, maar Luc Fleerackers kiest bewust voor balans: naast zijn bedrijf maakt hij enthousiast tijd voor zijn gezin en de hobby's.
Voor het viaduct van Gentbrugge zijn zeven haalbare alternatieven geselecteerd. Ontdek tijdens een infomarkt wat de plannen betekenen voor de E17, E40 en R4 en hoe u uw mening kunt geven.
De eerste resultaten van frambozen onder zonnepanelen zijn veelbelovend: minder waterverbruik, meer klasse 1-fruit en een koeler teeltklimaat. Maar de opbrengst hangt af van het type paneel.