Weersextremen op de boerderij: snel schakelen, slim handelen
Aangemaakt op
Extreem weer stelt landbouwers steeds vaker voor stevige uitdagingen. Van aanhoudende droogte tot plotse wateroverlast en hittestress bij dieren: snel en doordacht handelen is cruciaal om schade te beperken. Fien Vandekerchove, adviseur Water, antwoordt op onze vragen en geeft praktische tips om je bedrijf weerbaarder te maken tegen de grillen van het weer.
Wat moet ik doen bij schade door droogte of wateroverlast?
Neem eerst de tijd om de impact goed te beoordelen. Loop je percelen na en noteer welke teelten getroffen zijn en hoe ernstig de schade is. Maak duidelijke foto’s en verzamel bewijs. Dat is belangrijk voor verzekering en een eventuele schadevergoeding. Contacteer onmiddellijk je verzekeraar als je een brede weersverzekering hebt. Die moet de schade kunnen vaststellen vóór je verdere ingrepen doet op het perceel. Schade aan landbouwgewassen zit in principe vervat in de brede weersverzekering. Je kan enkel nog materiële schade melden bij het Rampenfonds als het niet om verzekerbare schade gaat. Neem ten slotte maatregelen om bijkomende schade te vermijden. Zorg er bij wateroverlast voor dat overtollig water kan weglopen, verwijder slib en plantresten en beperk de betreding van natte percelen om structuurschade te vermijden. Bij verdere vragen kunnen onze dienstbetoonconsulenten helpen met administratief advies en het opstellen van een schadedossier.
Hoe vraag ik een onttrekkingsticket aan voor watercaptatie uit waterlopen?
Wil je water onttrekken met een mobiele installatie uit een onbevaarbare waterloop of publieke gracht, dan moet je dit altijd vooraf melden aan de betrokken waterbeheerder of beheerder van de publieke gracht via het e-loket wateronttrekking. Voor de onttrekking uit een private gracht is geen melding nodig. Bij het onttrekken van dit oppervlaktewater, ben je verplicht een verzegelde debietmeter te plaatsen op je mobiele installatie voor het oppompen van oppervlaktewater. De hoeveelheid water die je wil onttrekken, moet op voorhand gemeld worden. Om water uit een bevaarbare waterloop (kanaal of rivier) te mogen capteren, heb je vanaf 500 m3 per jaar een vergunning nodig. Voor watercaptatie van minder dan 500 m3 per jaar is enkel een melding verplicht. Je kan deze aanvraag doen bij de Vlaamse Waterweg. Indien er blauwalgen aanwezig zijn of er geldt een captatieverbod op de waterloop mag dit water niet onttrokken worden.
Waar kan ik bij Boerenbond terecht met vragen rond duurzaam waterbeheer?
Boerenbond adviseert boeren rond duurzaam waterbeheer via het waterloket en de waterscan. Het waterloket is een eerstelijnsadviespunt waar boeren terechtkunnen met vragen over waterbeheer. Concreet kunnen boeren en tuinders er aankloppen voor informatie over maatregelen die interessant zijn om op een land- en tuinbouwbedrijf duurzamer om te springen met water. Bij de waterscan volgt ook een bedrijfsbezoek waarbij een waterconsulent het volledige waterverbruik, de watertoepassingen en waterknelpunten van het bedrijf in kaart brengt. Na de scan heeft de landbouwer een inzicht in de acties die hij of zij kan nemen om duurzamer om te gaan met water. Het kan gaan om manieren om regenwater op te vangen maar ook om waterbesparende technieken.
Waar kan ik de waterkwaliteit van waterlopen en de evolutie ervan raadplegen?
De Vlaamse Milieumaatschappij beheert verschillende meetnetten om de waterkwaliteit van de Vlaamse waterlopen op te volgen. VMM heeft dashboards opgemaakt voor zowel grondwater als oppervlaktewater in functie van de stroomgebiedbeheerplannen. De dashboards tonen je per waterlichaam: acties en maatregelen, toestand en voortgang, knelpunten en drukken en kenmerken en ligging. Om de verziltingstoestand op te volgen, meten tientallen sensoren voortdurend de geleidbaarheid in de waterlopen van de kustpolders. Via het verziltingsdashboard van de VMM kan je deze metingen opvolgen.
Wat doen bij hittestress bij dieren?
Heel wat landbouwdieren zijn beter aangepast aan frisse temperaturen dan aan hitte. Als de dieren hijgen met open muil, minder gaan liggen en minder gaan herkauwen, dan spreken we al van matige tot ernstige hittestress. Elke diersoort reageert anders op hitte, maar er zijn een aantal basisprincipes die elke veehouder in acht kan nemen tijdens een warme periode:
Laat de dieren zo veel mogelijk met rust tijdens de warmste momenten van de dag.
Voederen doe je liefst op de koelste momenten. Zorg ervoor dat er voldoende wateropname is en dat voeder niet te veel blijft staan, want dan kan het door de hitte gaan broeien en minder smakelijk worden.
Het kan goed zijn om je voedermanagement aan te passen in warme periodes. Bespreek dit met je voederleverancier- of adviseur. Zo kan je voorkomen dat dieren door de warmte minder voeder gaan opnemen.
Veel stallen zijn vandaag voorzien van een koelsysteem of ventilatoren. Controleer deze regelmatig, zorg dat de ventilatoren schoon zijn en zet het systeem tijdig op. In een gesloten stal is het belangrijk dat de temperatuur niet te snel zakt, want dat kan longproblemen veroorzaken.
Provincie West-Vlaanderen investeert in lokale koolstofopslag in landbouwbodems om CO₂-uitstoot te compenseren en bodemkwaliteit te verbeteren. Ook steden en gemeenten kunnen meedoen.
Koe en Eiwit laat zien hoe melkveehouders met een volledig rantsoen minder stikstof verliezen, zonder in te leveren op melkproductie, diergezondheid en rendement.
Ecorobotix ARA 620 combineert AI, camera’s en individuele dopaansturing voor ultralokale onkruidbestrijding. Zo spuit de machine alleen waar nodig en beperkt ze drift en middelengebruik.
Warme en natte maanden zorgden voor snelle gewasgroei, maar hitte, onweersbuien en hagel zetten de opbrengst van granen, aardappelen, maïs en suikerbieten onder druk.
Landbouwers kunnen tot 18 september 2026 subsidie aanvragen voor boslandbouw: tot 75% van de aanplantkosten, mits voldaan wordt aan strikte voorwaarden rond perceel, boomdichtheid en behoud.