Wat is de impact van de nieuwe asbestwetgeving in de praktijk?
In onze sector kunnen zowel werkgevers als werknemers tijdens hun werkzaamheden in contact komen met asbest. Dat kan het geval zijn door asbest dat nog aanwezig is op het eigen bedrijf, maar ook doordat asbest wordt aangetroffen op een externe werklocatie, zoals een werf of perceel. Beide situaties vragen een verschillende aanpak en worden daarom apart behandeld: asbest op het eigen bedrijf en asbest op locatie, waarbij het gaat om verwijdering via eenvoudige handelingen.
Asbest op het eigen bedrijf
De verwijdering van asbest heeft altijd prioriteit. Wanneer onmiddellijke verwijdering niet mogelijk is, zijn tijdelijke maatregelen zoals fixeren, onderhoud of herstel toegelaten, op voorwaarde dat ze een betere bescherming bieden in afwachting van definitieve verwijdering.
Een asbestinventaris is verplicht via een erkende expert. Het opstellen van een asbestinventaris (bij een eerste inventarisatie) of het uitbreiden ervan (vóór de start van werkzaamheden die kunnen leiden tot asbestblootstelling) moet gebeuren door een erkend expert in asbestinventarisatie. Ook het actualiseren van de inventaris na bepaalde werkzaamheden - zoals de verwijdering of inkapseling van asbest, of bij het aantreffen van nieuwe asbesthoudende materialen - mag uitsluitend door zo’n expert worden uitgevoerd. Werkgevers kunnen dit dus niet zelf doen zonder erkende expertise.
Asbestinventarissen die vóór 19 december 2025 werden opgemaakt, blijven geldig. Wat de werkgever wél zelf mag doen, is de jaarlijkse beoordeling van de toestand van het asbest en asbesthoudend materiaal, via een visuele inspectie.
Asbest verwijderen op locatie door middel van eenvoudige handelingen - voor wie van toepassing?
Werkgevers en werknemers in ondernemingen die sloop- en verwijderingswerkzaamheden uitvoeren van asbesthoudende materialen (ook methode van de eenvoudige handelingen).
Opgelet! Indien op diezelfde locatie na de verwijderingswerkzaamheden nog werknemers kunnen worden blootgesteld aan asbest, geldt dit ook voor zelfstandigen zonder personeel!
Bijvoorbeeld: een zelfstandige zonder personeel verwijdert asbestplaten uit de tuin, maar nadien komt een andere firma mét werknemers op diezelfde locatie een zwembad installeren, dan valt deze zelfstandige eveneens onder de nieuwe wetgeving rond asbest.
hechtgebonden asbest die niet beschadigd is of waarbij er geen vrije vezels zichtbaar zijn en waarbij verwijdering geen aanleiding geeft tot een wijziging van de toestand;
hechtgebonden asbest die beschadigd is of waarbij er vrije vezels zichtbaar zijn en die verwerkt is in een buitentoepassing waarbij geen derden aanwezig zijn, voor zover de verwijdering geen aanleiding geeft tot een wijziging van de toestand;
asbesthoudende dichtingen of pakkingen;
asbesthoudende koorden en geweven materialen;
asbesthoudende remvoeringen en analoge materialen;
losgebonden asbesthoudend plaatmateriaal, asbestkarton, voor zover het asbest gefixeerd is en het eenvoudig gedemonteerd, weggenomen en verpakt kan worden zonder de asbesthoudende materialen te breken of te beschadigen;
asbestcontaminatie van een lokaal, ruimte, gebouw of technische installatie waarbij er geen zichtbare asbestresten aanwezig zijn, voorzover het lokaal, de ruimte, het gebouw of de technische installatie gereinigd wordt met stofzuigers met een absoluutfilter en door middel van vochtige doeken.
Eenvoudige handelingen: opname op officiële lijst nodig
Ondernemingen (ook zelfstandigen) die asbest verwijderen via de techniek van de ‘eenvoudige handelingen’ moeten:
Voldoen aan specifieke organisatorische en technische voorwaarden
Beschikken over een vaste plaats waar technische installaties, arbeidsmiddelen en PBM worden opgeslagen
Zich officieel laten registreren bij de Algemene Directie Humanisering van de Arbeid (FOD WASO)
Enkel personen inzetten die de basisopleiding met jaarlijkse bijscholingen hebben gevolgd
Indien meerdere ondernemingen op dezelfde werf werkzaam zijn, moeten de zones en taken van elke onderneming duidelijk afgebakend zijn.
Pas na opname op de officiële lijst mogen deze werken worden uitgevoerd.
Alle werkzaamheden waarbij werknemers aan asbest kunnen worden blootgesteld (ongeacht de gebruikte techniek), moet de werkgever minstens 15 dagen vóór de aanvang melden:
Als de startdatum en/of de duur van werkzaamheden wordt gewijzigd na de initiële melding, dient dit zo snel mogelijk gemeld en gemotiveerd te worden aan TWW.
Bij hoogdringende werken kan een spoedmelding gebeuren, maar enkel mits schriftelijk akkoord van TWW.
Verplichte opleiding voor werknemers
Alle werknemers die asbest verwijderen of slopen, inclusief werfleiders, moeten vooraf een basisopleiding volgen:
8 uur voor werknemers die uitsluitend eenvoudige handelingen uitvoeren;
32 uur voor sloop- en verwijderingswerken.
Daarnaast is een jaarlijkse bijscholing verplicht. Zonder geldige opleiding mogen deze werkzaamheden niet worden uitgevoerd.
Vleesveeprijzen krabbelen opnieuw op: dikbilstieren, -koeien en reforme melkkoeien trekken aan, terwijl de prijzen van nuchtere kalveren voorlopig stabiel blijven.
Zuivelprijzen trekken voorzichtig aan. Stijgende melkpoeder-, room- en boterprijzen duwen ook de melkprijs omhoog, met hogere garanties en spotnoteringen begin september.
Vanaf september zamelt AgriRecover opnieuw lege verpakkingen in. Voor NBGM is er in 2026 geen ophaling: die kan pas in 2027 weer, dus bewaar ze intussen correct in het spuitlokaal.
Vroeg zaaien is cruciaal voor koolzaad. Ontdek hier de beste keuzes voor rassen, IPM, onkruidbestrijding en bescherming tegen aardvlooien voor een sterke start in het najaar.
Provincie Antwerpen en Harvestis versterken de komende jaren het praktijkgerichte tuinbouwonderzoek met een nieuwe samenwerking en jaarlijkse steun van 100.000 euro voor duurzamere, rendabele oplossingen voor telers.
Publieke consultatie voor natuurbeheerplan Hazeberg - Molensteen in Bierbeek van 20 augustus tot 19 september 2026. Bekijk het plan en dien eventueel bezwaar in.
Ontdek wat productief kruidenrijk grasland kan betekenen voor jouw melkveebedrijf: van opbrengst en rantsoeninzet tot aanleg en doorzaai, met praktijkervaringen en demonstraties op het veld.
Vroeg zaaien maakt het verschil: uit een proef van Inagro, UGent en ILVO blijkt dat groenbemesters winteronkruiden sterk kunnen remmen, vooral met Japanse haver en goed gekozen mengsels.
Jonge boeren lopen vast op de complexe NER-regels in Vlaanderen. Groene Kring vraagt snelle hervorming, zodat bedrijfsovernames haalbaar blijven en de sector toekomst krijgt.
De Vlaamse uienteelt groeit snel, maar telers worstelen met gewasbescherming en rassenkeuze. Jonas Bodyn van Viaverda pleit voor een scherpere blik op opbrengst, kwaliteit en afzet.