Voortgangsrapport PAS 2025: vooruitgang zichtbaar, maar grote uitdagingen blijven
Aangemaakt op
Zoals voorzien binnen het Stikstofdecreet, dat in werking trad op 23 februari 2024, is het Departement Omgeving bevoegd om jaarlijks een voortgangsrapport over de uitvoering en de evoluties binnen de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) op te maken. Op 3 april nam de Vlaamse Regering akte van het voortgangsrapport PAS 2025 (VORA PAS). 2025 is het tweede jaar waarin gerapporteerd wordt sinds de inwerkingtreding, met uitspraken tot in het jaar 2023. Hierdoor geven de cijfers dus nog het beeld voordat de maatregelen uit het Stikstofdecreet in werking gingen. Het rapport focust zich op emissies en deposities van zowel stikstofoxiden als ammoniak. De evoluties worden gerapporteerd en beargumenteerd. Het effect van de maatregelen voorzien voor emissiereductie, het flankerend beleid en de stikstofsanering worden onder de loep genomen en beoordeeld. Ook de impact & de trends van de depositie op de stikstofgevoelige natuur binnen Vlaanderen worden in kaart gebracht. We geven jullie op hoofdlijnen wat inzichten mee uit dit rapport.
Emissiecijfers
Zowel de emissiecijfers van ammoniak (die voornamelijk wordt uitgestoten door landbouwtoepassingen) als die van stikstofoxiden (toe te wijzen aan transport, energie en industrie) gaan omlaag. Ten opzichte van het jaar 2015 is de totale Vlaamse ammoniakuitstoot met zo’n 12,4% gedaald. De daling in emissies van de stikstofoxiden wordt in diezelfde periode geschat op zo’n 39,4%. De meest recente emissiecijfers bevestigen dat de daling zich ook na 2022 heeft doorgezet, waardoor vandaag een duidelijk sterkere afname zichtbaar is dan in het vorige voortgangsrapport. Het aandeel van de land- en tuinbouwsectoren binnen de ammoniakuitstoot en de emissies van stikstofoxiden worden respectievelijk toebedeeld als 96% en 11%. De ammoniakemissies afkomstig uit stallen (dieren, mestopslag) daalde met 16,6%. Ammoniakuitstoot afkomstig van buiten de stal (beweiden, bemesten, verwerking) daalde met 6%.
Figuur 1 uit het Voortgangsrapport PAS 2025
Wanneer de emissies per diercategorie worden geanalyseerd valt het op dat de reductiedoelstelling die wordt vooropgesteld voor vleesrunderen reeds wordt behaald (21% reductie t.o.v. 15% doelstelling). Ook bij de uitstoot voortgebracht door de varkenshouderij wordt een sterke reductie van 32% waargenomen. Deze daling wordt verklaard door de verbeterde stalsystemen en een gereduceerde varkensstapel t.o.v. 2015. De uitstoot die wordt waargenomen binnen de pluimveehouderij blijft stabiel door een combinatie van een stijgende pluimveestapel met verbeterde stalsystemen. De globale trends in de uitstootcijfers van melkveehouderij en de mestkalverhouderij stijgen met respectievelijk 15,7% en 5,2% t.o.v. 2015. Wel wordt er voor het eerst een reductie in de melkveestapel waargenomen in 2024 (-1,4% in dieraantallen).
Ook buiten de stal vinden er emissies plaats, toe te schrijven aan beweiding, bemesting en de verwerking van mest. Er is een daling t.o.v. 2015 waar te nemen in de emissies afkomstig van verwerking (29%) en beweiding (21%). De uitstoot door het toedienen van dierlijke mest staat in voor het grootste aandeel van de emissies buiten de stal, waarbij zowel in 2023 als in 2024 een daling waar te nemen was. Hoewel er de laatste jaren terug een stijging was van de uitstoot door het gebruik van kunstmest, is de algemene tendens t.o.v. 2015 nog steeds een daling.
Depositiecijfers
In de depositie van stikstofoxiden en ammoniak op onze stikstofgevoelige habitats zijn ook dalingen te merken. Die dalingen worden gelinkt aan de daling van de gemiddelde stikstofuitstoot in Vlaanderen en in de omliggende buurlanden. Zo komt ongeveer 40% van de ammoniak die neerslaat op onze habitats uit het buitenland. De depositie van stikstof was gemiddeld zo’n vijfde lager in 2023 t.o.v. 2015 (21,5 kg N/ha per jaar naar 17,0 kg N/ha per jaar). Het rapport geeft uitdrukkelijk aan dat de maatregelen voorzien binnen het stikstofdecreet zich nog onvoldoende weerspiegelen in de gerapporteerde cijfers, en er een trendbreuk moet plaatsvinden op de vooropgestelde doelstellingen te halen. Dat is niet verrassend, omdat de maatregelen van het Stikstofdecreet in 2023 nog niet golden.
Wat met de habitats
Deze ingewikkelde reductieoefening kadert nog steeds binnen het natuurbeheer, waarbij de Europees beschermde natuur zich onvoldoende kan ontwikkelen binnen Vlaanderen, door een te grote stikstofdepositie. Vlaanderen berekent de overschrijding van de actuele depositie t.o.v. kritische depositiewaarde (KDW) die is bepaalt per habitattype. Zo hebben stikstofgevoelige habitats over het algemeen een lagere KDW die sneller overschreden wordt. In 2023 wordt op 35% van de stikstofgevoelige habitatoppervlakte in Vlaanderen de KDW niet overschreden, op 65% is dit wel het geval. De 2030-PAS doelstelling, die vraagt voor een halvering van de overschrijding van de KDW in 2030, wordt in 2023 wel reeds in 62,2% van de mogelijke situaties gehaald.
Conclusie
Landbouw heeft de voorbije jaren al sterk bijgedragen aan de daling van de stikstofemissies. Tegelijk tonen de cijfers aan dat de natuurdoelstellingen voor 2030 met het huidige reductietempo nog niet binnen bereik zijn. Voor individuele bedrijven blijft bovendien de onzekerheid rond vergunningverlening en PAS‑referenties groot. Boerenbond blijft daarom nadrukkelijk aandringen op haalbare, rechtszekere en bedrijfsspecifieke oplossingen.
Boerennatuur Vlaanderen lanceert een groepsaankoop voor productief kruidenrijk grasland: een klimaatrobuust, meerjarig mengsel voor melkveehouders met korting, praktische begeleiding en mogelijke subsidie.
Koe en Eiwit laat zien hoe melkveehouders met een volledig rantsoen minder stikstof verliezen, zonder in te leveren op melkproductie, diergezondheid en rendement.
Landbouwers kunnen tot 18 september 2026 subsidie aanvragen voor boslandbouw: tot 75% van de aanplantkosten, mits voldaan wordt aan strikte voorwaarden rond perceel, boomdichtheid en behoud.
Provincie West-Vlaanderen investeert in lokale koolstofopslag in landbouwbodems om CO₂-uitstoot te compenseren en bodemkwaliteit te verbeteren. Ook steden en gemeenten kunnen meedoen.
Koe en Eiwit laat zien hoe melkveehouders met een volledig rantsoen minder stikstof verliezen, zonder in te leveren op melkproductie, diergezondheid en rendement.
Ecorobotix ARA 620 combineert AI, camera’s en individuele dopaansturing voor ultralokale onkruidbestrijding. Zo spuit de machine alleen waar nodig en beperkt ze drift en middelengebruik.
De Europese Commissie zet veehouderij opnieuw centraal met een strategie richting 2040: meer rendabiliteit, minder vergunningenknelpunten, aandacht voor dierziekten, mest als grondstof en een sterker Europees eiwitplan.
Op het jaarlijkse BASF-proefveld in Pont-à-Celles presenteerde het bedrijf onder andere een nieuw bladluizenmiddel in bieten en twee nieuwe producten in de bestrijding van aardappelplaag.
Ontdek tijdens de Demoreeks Klimaat & Technologie praktische innovaties voor land- en tuinbouwbedrijven. Bekijk demo’s op het veld, stel vragen en laat je inspireren door concrete oplossingen uit de praktijk.