Pcfruit, Viaverda en Redebel onderzochten de mogelijke impact van het wegvallen van actieve stoffen die onder de voorgestelde Europese PFAS‑definitie kunnen vallen. In hun studie analyseerden ze vier teelt‑ en probleemcombinaties: granen en schimmelziekten, pitfruit en insecten- en schimmelziekten, mais en onkruidbeheersing, en consumptieaardappelen en schimmelziekten.
De technische en financiële impact van een mogelijk wegvallen van deze actieve stoffen werd berekend op basis van het reële middelengebruik door 30 tot 70 landbouwers per teelt in 2023 of 2024. De economische impact werd berekend op basis van de marktprijzen van 2023, een jaar waarin de prijsvorming voor akkerbouwgewassen relatief gunstig was. Uit de analyse blijkt dat het verdwijnen van deze stoffen in alle onderzochte teelten zou leiden tot een sterk ingeperkte toolbox voor effectieve gewasbescherming, met als gevolg lagere opbrengsten, hogere kosten en substantiële inkomensverliezen in alle onderzochte teelten.
PFAS ≠ PFAS
De betrokken gewasbeschermingsmiddelen zijn zelf geen ‘forever chemicals’, zoals de langeketenvormen van PFAS waar in de media veel aandacht naar gaat. Vooraleer een actieve stof wordt toegelaten, ondergaat ze een grondige beoordeling van de effecten op mens en milieu. Sommige van deze stoffen kunnen echter wel leiden tot de vorming van het hardnekkige afbraakproduct trifluorazijnzuur (TFA), dat met de huidige waterzuiveringstechnieken nauwelijks uit het water kan worden verwijderd. TFA ontstaat trouwens niet uitsluitend uit gewasbeschermingsmiddelen: ook andere industriële toepassingen dragen bij aan de aanwezigheid van dit afbraakproduct in het milieu.
Twee Europese agentschappen – EFSA en ECHA – evalueren momenteel de toxiciteit van TFA, een proces dat in de eerste helft van dit jaar wordt afgerond. Ook al wordt TFA niet geklasseerd als een toxisch afbraakproduct, dan nog is er een probleem als de norm van 0,1 μg per liter grondwater overschreden wordt – wat volgens de Europese kaderrichtlijn Water niet kan. Deze overschrijdingen worden veroorzaakt omdat TFA nauwelijks op natuurlijke wijze wordt afgebroken en TFA heel goed oplost in water, en dus de waterstromen volgt. Deze normoverschrijding zal vooral spelen op het moment dat de betrokken actieve stof aan herziening toe is. Mogelijk verdwijnen ze dus niet gelijktijdig, tenzij Europa alsnog een onmiddellijke schrapping oplegt. Bovendien loopt er op EU-niveau ook nog een oefening om het TFA-leverend vermogen van elke actieve stof te bepalen en mee in de evaluatie op te nemen.
Granen tot 12% minder opbrengst
In gerst en tarwe werden in 2023 vijf fungiciden gebruikt die onder de voorgestelde EU-definitie voor PFAS dreigen te vallen. Het eventueel wegvallen van deze middelen zal zich voornamelijk laten voelen bij de beheersing van witziekte, ramularia, septoria en bruine roest, in het bijzonder bij de T2-bespuiting. Men schat dat de opbrengsten met 3 tot 12% zullen dalen.
Mais tot 10% verlies
In 2023 werden in mais drie herbiciden gebruikt die onder de voorgestelde EUdefinitie voor PFAS dreigen te vallen. Dit betekent 20,6% van de vooropkomstbehandelingen en 16,4% van het totaal aantal gebruikte herbiciden. Vooral de bestrijding van vingergras (Digitaria spp.) zal bijzonder moeilijk worden zonder deze componenten. De geschatte opbrengstvermindering bij het eventuele wegvallen van deze middelen wordt in normale jaren geschat tussen 8 en 10%.
Aardappelen veel minder alternatieven
Liefst 58% van de behandelingen die in 2023 in aardappelen werden uitgevoerd tegen valse meeldauw (phytophtora of aardappelziekte) bevatte een fungicide dat onder de voorgestelde definitie voor PFAS dreigt te vallen. Aangezien het de belangrijkste ziekte in de aardappelen is, mag het niet verwonderen dat men een opbrengstdaling met 5 à 7% verwacht. Voor alternaria gaat het om 61% van de behandelingen uitgevoerd met een fungicide dat onder de vernieuwde EU-definitie zou vallen. Hier verwacht men nog een bijkomend gemiddeld opbrengstverlies van 3%. Ziektebestrijding wordt vooral moeilijk in de periode van snelle groei tot knolvorming enerzijds, en van de start van de senescentie tot afrijping van de knol anderzijds.
In de aardappelteelt neemt de druk op resistentievorming tegen de overblijvende middelen fors toe. Op basis van het gemiddelde middelengebruik in 2023 zou het aantal beschikbare werkingsmechanismen dalen van 7,5 naar 4,8 voor valse meeldauw, en van 1,8 naar 1,1 voor alternaria. Dat betekent voor beide ziekten vrijwel een halvering van het beschikbare arsenaal. Voor alternaria leidt dit bovendien tot een grotere afhankelijkheid van triazolen, een middelengroep die vandaag al met diverse problemen kampt.
Pitfruit: geen alternatieven meer voor bladluis?
In de pitfruitteelt werden in 2024 vier fungiciden gebruikt in appel en peer die dreigen te vallen onder de voorgestelde EU-definitie voor PFAS. Het ging om 9,1% van de fungicidenbehandelingen in appel en 5,2% in peer. Voor de twee belangrijkste ziekten – schurft en witziekte – kunnen gelijkwaardige producten gebruikt worden met hetzelfde werkingsmechanisme. De moeilijkheden zijn eerder te verwachten in de bestrijding van kanker/neusrot waarvoor er geen bestrijdingsmiddelen meer overblijven en zwartrot (Stemphilium) waarvoor vier van de meest efficiënte fungiciden in de nabije toekomst zullen verdwijnen.
Het insecticide dat volgens de voorgestelde EU‑definitie van PFAS dreigt te verdwijnen, werd in 2024 door ongeveer 10% van de fruitteeltbedrijven gebruikt. Door het bijkomend wegvallen van andere middelen neemt het belang van dit insecticide echter enkel toe: het behoort tot de laatste beschikbare opties voor een doeltreffende bestrijding van wollige bloedluis in appel en van perenbladvlo in peer. Voor bladluisbestrijding in appel zou de sector in de komende jaren terugvallen van vier naar één werkingsmechanisme. In peer blijven voor de bestrijding van bladluizen zelfs helemaal geen middelen meer over.
Zijn we voorbereid?
Nee. Het mogelijke wegvallen van deze actieve stoffen kwam onverwacht. Het komt bovendien bovenop andere factoren die ertoe leiden dat chemische gewasbeschermingsmiddelen in een ongezien tempo verdwijnen – zoals vermoedens van hormoonverstorende eigenschappen en neveneffecten voor waterorganismen – waardoor de beschikbare middelen al sterk zijn uitgedund. Daarbij komt dat fluortechnologie de voorbije jaren zo diep verankerd raakte in de ontwikkeling van nieuwe actieve stoffen, dat veel producten die nog in de pijplijn zaten vaak dezelfde problematiek vertonen en onder de voorgestelde Europese PFAS‑definitie dreigen te vallen. Die middelen zullen daardoor niet meer op de Europese markt komen.
Over welke actieve stoffen gaat het?
De volledige lijst van actieve stoffen met een recente erkenning in België die onder de voorgestelde Europese PFAS-definitie kunnen vallen, vind je in de tabel hieronder. Wil je alle handelsproducten zien per actieve stof, dan ga je naar Fytoweb waar je kan zoeken op de actieve stof en zo vind je alle commerciële handelsproducten terug.
Actieve stof
Type
Handelsproducten (beperkte voorbeeldenlijst)
Specifieke vermelding
Beflubutamid
herbicide
Beflex, Goupil
Benfluralin
herbicide
Bonalan
Verbod sinds 12/05/2024
Cyflufenamid
fungicide
Atacert, Closine, Nissodium
Cyflumetofen
acaricide
Danisaraba, Scelta
Diflufenican
herbicide
Diflanil, Herold, Jura
Flazasulfuron
herbicide
Chikara, Flaza,
Flonicamid
insecticide
Tepekki, Afinto
Fluazifop-p-butyl
herbicide
Frequent, Fusilade Max, Phantom
Fluazinam
fungicide
Banjo, Shirlan
Flufenacet
herbicide
Andes, Arnold, Aspect T, Dalupe, Gofor, Herold, Mertil, Flupicos in
opgebruik tot december 2026
Cayunis, Luna Sensation, Luna Smart,
Delaro, Flint
Friflusulfuron
herbicide
Safari, Shiro, …
Verbod sinds 20/08/2024
Tritosulfuron
herbicide
Biathlon (Duo), Callam, Frisk, Piorun
Verbod sinds 31/07/2025
Economische impact
De economische impact in de vier onderzochte sectoren is aanzienlijk. Ze vertaalt zich in een duidelijk gemiddeld opbrengstverlies per hectare, en dus in een directe inkomensdaling voor de landbouwer (zie tabel). Daarnaast werd ook een inschatting gemaakt van de verliezen in een worstcasescenario - namelijk wanneer één van de ziekten of plagen binnen het toepassingsgebied van de bestudeerde middelen maximaal toeslaat. Dat extreme scenario deed zich niet gelijktijdig voor bij alle teelten, maar kan zich wel manifesteren onder specifieke omstandigheden, zoals tijdens zeer natte groeiseizoenen. Het uitzonderlijk regenachtige jaar 2024 illustreert hoe snel zo’n situatie werkelijkheid kan worden.
De tabel toont het geschatte gemiddelde nationale verlies per teelt en zal voor de vier onderzochte teelten gezamenlijk de 250 miljoen euro overschrijden. Daarnaast is er bij de aardappelen een te verwachten risico voor de voedingsindustrie. Om de 3 à 4 jaar dreigt zich minstens een opbrengstverlies van 20% te zullen voordoen, wat aanvoerrisico’s inhoudt voor de aardappelverwerkende industrie in België.
Voor pitfruit dreigt vooral een exportprobleem. In veel verre exportmarkten geldt kanker (neonectria) als een cruciale ziekte: percelen waar deze ziekte voorkomt, worden uitgesloten van export. Omdat voor deze pathogeen mogelijk geen gewasbeschermingsmiddelen meer beschikbaar blijven, komt de exportpositie van Belgische appel- en perentelers ernstig onder druk te staan. Daarnaast zal de algemene gezondheidstoestand van de boomgaard langzaam maar zeker achteruitgaan. Kanker tast de takken aan en verspreidt zich snel doorheen het perceel, waardoor bomen verzwakken en de productiecapaciteit aanzienlijk afneemt.
De economische impact wordt treffend geïllustreerd als we de ingeschatte verliezen bekijken ten opzichte van de inkomstendistributies van de landbouwbedrijven. Hiervoor gebruikten we sectorsamenvattingen uit de bedrijfsboekhoudingen die Boerenbond beschikbaar stelde voor de akkerbouwteelten. De verminderde opbrengsten die gepaard gaan met de mogelijke verliezen van actieve stoffen die vallen onder de voorgestelde EU-definitie voor PFAS zorgen ervoor dat de 25% minst verdienende aardappeltelers in de helft van de jaren geen netto-inkomen kunnen verwerven uit deze teelt. In jaren met veel regen, en dus een hoge ziektedruk, zal 50% van de bedrijven een verlies optekenen. Bij granen wordt de situatie onhoudbaar: meer dan 50% van de bedrijven zal in de helft van de jaren niet meer uit de kosten geraken wanneer deze actieve stoffen zouden wegvallen. n
Economische impact van het potentieel wegvallen van actieve stoffen die dreigen te vallen onder de voorgestelde EU-definitie voor PFAS op basis van prijzen vóór processing of bewaring van 2023
Bylemans, D., Eekhout, I., Thys, E., Vandermoere S. (2025). Impact assessment of the potential removal of active ingredients triggering the proposed EU PFAS definition in plant protection products for cereals, pome fruit and potato cropping in Belgium. Internal Report for Belplant.
PFAS-debat vraagt nuance, geen slogans
Bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen staat de gezondheid van zowel landbouwer als consument altijd voorop. Tegelijk benadrukt Boerenbond dat deze middelen een belangrijke rol spelen in het garanderen van voedselveiligheid en voedselzekerheid. Het publieke en politieke debat mag daarom niet verzanden in simplistische oneliners, maar moet vertrekken van correcte wetenschappelijke inzichten. Alle gewasbeschermingsmiddelen – ook producten die PFAS bevatten – doorlopen een streng Europees toetsingsproces voordat ze op de markt komen.
Volgens Boerenbond is het dan ook niet wenselijk dat Vlaanderen of België eigen regels oplegt die verder gaan dan het Europese kader. PFAS‑maatregelen moeten in verhouding staan tot het werkelijke gebruik ervan. Zo gaat ongeveer 75% van de PFAS‑hoeveelheden in België naar medische toepassingen, textiel en airconditioning, terwijl gewasbeschermingsmiddelen minder dan 5% van het totale PFAS‑volume uitmaken. Dat aandeel blijft bovendien dalen door de permanente evaluatie van actieve stoffen voor gewasbeschermingsmiddelen op Europees niveau.
We blijven benadrukken dat er altijd volwaardige en werkbare alternatieven beschikbaar moeten zijn wanneer gewasbeschermingsmiddelen van de Europese markt verdwijnen.
Ontdek in onze economische sectoroutlook vleesvee hoe Boerenbond en KBC samen hun gemeenschappelijke economische kennis toegankelijk maken voor leden en klanten. Een beknopte webinarvideo voor en op maat van onze vleesveehouders.
Bayer toont op zijn proefplatform hoe gewasbescherming evolueert naar gerichte, goed getimede combinaties. Van aardappelen tot tarwe en mais: resistentie, timing en formulering bepalen steeds vaker het verschil.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Bayer toont op zijn proefplatform hoe gewasbescherming evolueert naar gerichte, goed getimede combinaties. Van aardappelen tot tarwe en mais: resistentie, timing en formulering bepalen steeds vaker het verschil.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.
Doornappel rukt op in meerdere percelen: snel ingrijpen voorkomt zaadvorming en verspreiding. Kom meer te weten over de aanpak per teelt en lees hoe je planten veilig verwijdert.
De sectorvakgroep Fruit trok naar Diest voor een boeiende bijeenkomst over driftreductie, robuuste rassen en inspirerende bedrijfsbezoeken bij fruit-, witloof- en wijnbedrijven.
De stormschade van 27 op 28 juni heeft heel wat mais doen omvallen. Landbouwcentrum voor Voedergewassen publiceerde nu een beslissingsboom die je helpt te beslissen wat je moet doen na schade.