Efficiëntie en begeleiding sleutel tot klimaatvriendelijke melk
Aangemaakt op
Uit de resultaten van veel geciteerd ILVO-onderzoek uit 2023 bleek al dat Vlaamse melk de klimaatvriendelijkste ter wereld is. Maar welke maatregelen helpen melkveehouders nu het best in het bereiken van die lage klimaatimpact? Een grondige analyse van maar liefst 550 klimaatscans, uitgevoerd bij 320 Vlaamse melkveehouders, toont voor het eerst de succesfactoren achter die prestatie aan.
Klimrek staat voor ‘KLImaatMaatRegelen met Economische Kansen op het landbouwbedrijf.’ ILVO coördineert het onderzoek, Boerenbond en MilkBE zijn partner voor de klimaatscans in de melkveehouderij. Klimrek bezit een digitale rekentool verbonden met de actueelste rekenfactoren en -methodes. De klimaatconsulenten zijn opgeleid (en gebrevetteerd) om op basis van de zwaktes en sterktes van het bedrijf scenario’s uit te werken. De boer krijgt bij elke voorgestelde maatregel op een overzichtspagina de voorspelde klimaateffecten en een kosten-batenberekening.
Grote verschillen
Bij de productie van 1 liter melk in Vlaanderen komt gemiddeld 1,00 kg aan broeikasgassen vrij. Daardoor behoort Vlaamse melk tot de wereldwijde top als het over klimaatvriendelijkheid gaat. Toch herbergt dat gemiddelde cijfer grote verschillen. De klimaatimpact van Vlaamse melk varieert sterk naargelang het bedrijf waar de melk vandaan komt: van 0,64 tot 1,76 kg CO2-equivalenten per eenheid meetmelk. Dankzij een grondige analyse van de Klimrek-meetresultaten wordt duidelijk waaraan dat ligt, en wat bedrijven kunnen doen om de klimaatimpact verder te verlagen.
Meer is niet altijd beter
Meer is niet altijd beter. De Klimrek-analyses tonen aan dat die uitspraak ook voor de melkveehouderij geldt. Een toename van de schaalgrootte, in de zin van meer koeien per bedrijf, is geen afdoende manier om de klimaatimpact van een melkveebedrijf te verlagen. Hetzelfde geldt voor intensivering: ook daarmee behaal je niet per definitie een succesvolle inperking van de klimaatimpact. Hoewel kleinere melkveebedrijven eerder benedengemiddeld presteren, zitten er in de topgroep toch ook melkveebedrijven met minder koeien.
Bedrijven die hun hoge melkproductie daarentegen bereiken door in te zetten op efficiënt voederen en diergezondheid, scoren over het algemeen het best.
In sommige gevallen is meer wel beter: bedrijven die een hogere melkproductie per koe realiseren hebben per liter melk over het algemeen een lagere klimaatimpact. Dat verschil valt niet helemaal te verklaren door schaalgrootte. Veerle Van Linden, projectcoördinator en onderzoeker bij ILVO: “Bedrijven die hun hoge melkproductie bereiken door in te zetten op efficiënt voederen en veel aandacht hebben voor diergezondheid - zeker bij de opfok van de kalveren maar ook daarna - scoren over het algemeen het best.”
Afkalfleeftijd en vervangingspercentage
Factoren die dus wel meteen impact hebben op de klimaatimpact van melkveebedrijven, zijn de afkalfleeftijd en het vervangingspercentage. Bedrijven waarin die cijfers laag gehouden worden, scoren doorgaans beter. Een lager vervangingspercentage zorgt ervoor dat er minder niet-lacterend jongvee gehouden moet worden, terwijl vroeg afkalven voor een hogere melkproductie over de totale levensduur van een koe zorgt.
Als het over voeder gaat, zijn kwaliteit en efficiëntie de belangrijkste sleutelwoorden. Door in te zetten op de teelt van gras en grasklaver en/of grondstoffen in te kopen, kan een betere voederconversie gehaald worden. Daarnaast blijkt dat een hoog aandeel van soja in het voederrantsoen ook naar een hoge klimaatimpact leidt. Op vlak van soja is het dan ook belangrijk om in te zetten op een efficiënte omzetting in melk. De topgroep produceert gemiddeld 39,5 kg melk per kg gevoederde soja. Aan de andere kant van het spectrum wordt met één kg gevoederde soja slechts 16,5 kg melk geproduceerd.
Inzetten op de teelt van gras en grasklaver heeft als bijkomend voordeel dat er beweid kan worden. Daardoor hoeft mest minder lang op het bedrijf opgeslagen te worden, wat eveneens een positief effect heeft op de klimaatimpact.
Het positieve effect van begeleiding
Een ander aspect dat een ontegensprekelijk positief effect heeft op de klimaatimpact van een melkveebedrijf, is doorlopende begeleiding. Een 80-tal melkveehouders liet in de afgelopen periode jaarlijks een Klimrek-scan uitvoeren. Bij die bedrijven valt stuk voor stuk een dalende trend waar te nemen. Het is mag dus duidelijk zijn dat de Klimrek-scan en de begeleiding die daarbij hoort de klimaatimpact daadwerkelijk kan verlagen.
De scan jaarlijks laten uitvoeren heeft bovendien nog andere voordelen. Door de resultaten van elk jaar naast elkaar te leggen, is het mogelijk om zicht te krijgen op externe factoren die de klimaatimpact van een bedrijf beïnvloeden. “Soms kan een landbouwer een belangrijke maatregel nemen die zich niet meteen vertaalt in een lagere klimaatimpact door externe factoren zoals het weer of een ziekte-uitbraak. Het is belangrijk dat we begrijpen hoe dat werkt, zodat landbouwers meer controle krijgen over hun eigen voetafdruk en gerichter kunnen bijsturen”, zegt Veerle Van Linden. Naast de Klimrek-analyse, die gebruik maakt van een digitale rekentool met de actueelste rekenmethodes, stellen klimaatconsulenten een aantal klimaatmaatregelen voor, rekening houdend met de sterktes en zwaktes van het bedrijf. Op een overzichtspagina krijg je dan voorspelde klimaateffecten van elke maatregel te zien, samen met een kosten-batenanalyse. Op die manier helpt Klimrek om weloverwogen en gerichte keuzes te maken voor je bedrijf.
Maatregelen op maat
Dat ervaart ook Jan Van den Keybus, melkveehouder in het Antwerpse Essen. De afgelopen drie jaar liet hij, in zijn bedrijf dat bijna 300 melkkoeien telt, jaarlijks een Klimrek-meting uitvoeren. “Het is een meerwaarde dat ik zo veel informatie over mijn werking uit de analyses haal en dat ik zelf kan bepalen welke bijkomende maatregelen ik wil treffen om mijn klimaatimpact verder te verbeteren. Want elke verandering heeft een impact op onze bedrijfsvoering. Ik wil ook het financiële plaatje niet uit het oog verliezen. Groen boeren met rode cijfers is geen optie.” Vandaag zit Jan met 0,86 kg CO2 per liter melk onder het gemiddelde. Dat is vooral te danken aan inspanningen die inzetten op efficiënt voederbeheer en een hoge melkgift. Die inspanningen komen niet enkel het klimaat ten goede, maar ook de boer zelf: “Ik ben trots dat we beter scoren dan het Vlaams gemiddelde,” zegt Van den Keybus erover.
Blijven investeren in klimaatscans
In de sector zelf is veel draagvlak om de klimaatscans verder uit te rollen. Lien Callewaert, ondervoorzitter van brancheorganisatie MilkBE, ondersteunt een snellere uitrol van klimaatscans zoals Klimrek. “Deze resultaten bevestigen onze visie: scannen zet bedrijven in beweging en stimuleert continue verbetering. Ik onthou vooral het belang van inzetten op efficiëntie; hiermee hebben we op sectorniveau nog een mooi potentieel. Het zijn belangrijke inzichten die we als MilkBE verder zullen uitdragen.”
De meerwaarde van KLIMREK zit niet alleen in het rekenmodel, maar vooral in het gepersonaliseerd advies en het inzetten op maatregelen die passen binnen het bedrijf.
Boerenbondvoorzitter Lode Ceyssens vat het mooi samen. “Vandaag zien we dat onze melkveehouders blijven inspanningen leveren om de broeikasgasemissies verder te laten dalen en klimaatvriendelijke melk te produceren. De resultaten tonen nogmaals de noodzaak aan om onze eigen lokale melkveehouderij in stand te houden en te ondersteunen in plaats van af te bouwen. De meerwaarde van Klimrek zit niet alleen in het rekenmodel, maar vooral in het gepersonaliseerd advies en het inzetten op maatregelen die passen binnen het bedrijf,” aldus Lode Ceyssens. “Daarom zet ook het Vlaams Energie- en Klimaatplan in op de klimaatscan en een keuzemenu voor melkveehouders. Met Boerenbond blijven we dan ook investeren in Klimrek-modules voor melkveehouders en andere sectoren.”
De resultaten van de Klimrek scans tonen duidelijk dat onze melkveehouders al heel wat inspanningen doen om hun carbonfootprint terug te dringen. Steeds meer afnemers van melk en zuivelproducten vragen naar de voetafdruk van de producten die hen wordt aangeleverd. De melkerijen voorzien dan ook meer en meer incentives via bijvoorbeeld hun duurzaamheidspremies om individuele carbonfootprints op bedrijfsniveau te bepalen. Maar ook de Vlaamse overheid verwacht in haar Klimaatplan een inspanning van de melkveehouders. Met de klimaatscans worden de inspanningen van elk bedrijf inzichtelijk gemaakt. De scans laten toe dat melkveehouders geadviseerd kunnen worden om in te zetten op maatregelen op maat die best passen in hun bedrijfsvoering om zo hun voetafdruk proberen te verlagen. Deze keuzemogelijkheid is cruciaal voor ons. Maar als melkveehouders inspanningen leveren en deze inzichtelijk maken via klimaatscans, is het ook noodzakelijk dat ze worden gehonoreerd in de Vlaamse klimaatboekhouding.
Op het jaarlijkse BASF-proefveld in Pont-à-Celles presenteerde het bedrijf onder andere een nieuw bladluizenmiddel in bieten en twee nieuwe producten in de bestrijding van aardappelplaag.
Binnen het Europese project Re-Greenhouse kunnen glastuinbouwers zich kandidaat stellen voor een begeleidingstraject met een nieuwe energietool. Die helpt om na te gaan welke hernieuwbare of alternatieve energiebronnen technisch en economisch interessant kunnen zijn voor jouw bedrijf. Inschrijven kan tot 23 augustus 2026 om 17 uur.
Ontdek tijdens de Demoreeks Klimaat & Technologie praktische innovaties voor land- en tuinbouwbedrijven. Bekijk demo’s op het veld, stel vragen en laat je inspireren door concrete oplossingen uit de praktijk.
Ferm voor Agravrouwen organiseerde op 3 juli een fietsbenefiet om aandacht te vragen voor het mentale welzijn van boeren en boerinnen. De opbrengst gaat naar Boeren op een Kruispunt.
Boerenbond bracht landbouwers in Ronse en Wetteren samen rond slim energiebeheer, met praktische inzichten over zonnepanelen, batterijen en kosten op het erf.
Peilbesluiten bepalen waterpeilen in Vlaanderen en beïnvloeden landbouw, natuur en bedrijfsvoering. Ontdek hoe de procedure verloopt, waar inspraak mogelijk is en wat de impact is op percelen.