Septemberverklaring: tijd om de ambities waar te maken
Aan het begin van het politieke werkjaar in september sprak de minister-president van de Vlaamse Regering zijn Septemberverklaring uit in het Vlaams Parlement. Hierin worden de krachtlijnen van het Vlaams beleid en de begroting geduid.
In een eerste reactie op de speech van de minister-president verwelkomden we alvast de expliciete erkenning van de agrovoedingssector als wereldspeler door de Vlaamse Regering. Ook de ambitie om landbouwers ruimte te geven om te ondernemen en hen te ondersteunen bij de gevolgen van steeds extremere weersomstandigheden, is een stap in de goede richting.
Lode Ceyssens:
Maar landbouwers vragen vooral een beleid dat vertrouwen en zekerheid geeft. Dat begint bij rechtszekerheid, administratieve eenvoud en voldoende landbouwgrond om te kunnen investeren en ondernemen. De minister-president heeft daarnaar verwezen, nu is het tijd om die aangekondigde ambities ook daadwerkelijk waar te maken
10 miljoen extra ondersteuning voor vernieuwd risicomanagement
Intussen zijn meer details bekend over de impact voor landbouw. We kunnen tevreden zijn dat Vlaanderen blijft investeren in risico’s die individuele landbouwers moeilijk zelf kunnen dragen.
Er wordt niet bespaard op de PAS-provisie en er komt 10 miljoen extra ondersteuning voor vernieuwd risicomanagement. Onder meer de brede weersverzekering wordt voortgezet, zij het met enkele aanpassingen, en de aanpak van wildschade krijgt een plaats binnen het risicomanagement. Ook op de Blue Deal wordt niet bespaard.
We betreuren wel dat er bespaard wordt op een aantal andere posten, zoals de tussenkomst in de kosten van Rendac en de steun aan projecten inzake innovatie. Er zijn ook besparingen aangekondigd binnen het klimaatfonds, maar het is nog onduidelijk wat daarvan de impact zal zijn. Ook voor een aantal andere maatregelen, zoals de verhoging van de bijdrage voor afvalwater is nog niet duidelijk of er impact is voor de landbouwsector en hoe hoog die impact zal zijn.
Brede weersverzekering wordt voortgezet en bijgestuurd
De brede weersverzekering bestaat sinds 2020 en laat land- en tuinbouwers toe om zich te verzekeren tegen verschillende weersrisico’s. Vlaanderen komt via een subsidie tussen in een deel van de verzekeringspremie. De huidige subsidieregeling loopt eind 2026 af. Vanaf 2027 wordt ze voortgezet en bijgestuurd. Uit de evaluatie blijkt dat het oorspronkelijke doel van de brede weersverzekering is bereikt: landbouwers kunnen zich vandaag verzekeren tegen verschillende weersrisico’s. Tegelijk neemt de belangstelling af. In 2024 gaven 1.585 landbouwers via hun verzamelaanvraag aan een premiesubsidie te willen aanvragen. In 2025 waren dat er 1.059.
Daarom wordt bekeken hoe de verzekering betaalbaarder, aantrekkelijker en voldoende voorspelbaar kan worden gemaakt. Daarbij worden onder meer de hoogte van de premiesubsidie, de verzekeringstaks en een mogelijke rol van Vlaanderen als herverzekeraar onderzocht. In dat laatste geval zou Vlaanderen een deel van het risico van verzekeraars opvangen, waardoor de premie voor de landbouwer meer betaalbaar wordt.
Minister Jo Brouns: “Onze landbouwers hebben hun inkomen voor een stuk letterlijk in openlucht staan. Eén zware hagelbui of een periode van extreme droogte kan maanden werk en investeringen tenietdoen. Het weer kunnen we niet veranderen, maar we kunnen landbouwers wel helpen om zich beter tegen de gevolgen te beschermen. Daarom zetten we de brede weersverzekering voort en sturen we ze bij waar dat nodig is. Zo maken we onze landbouwbedrijven weerbaarder tegen risico’s die ze zelf moeilijk kunnen dragen.”
Ook wildschade onderdeel van risicomanagement
Ook voor wildschade wordt verder gewerkt met drie pijlers: preventie, responsabilisering en schadevergoeding.
In de eerste plaats moet schade zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarom is er ondersteuning voor preventieve maatregelen om gewassen te beschermen, zoals rasters, gaskanonnen en blaaspoppen. Ook de jachtsector draagt verantwoordelijkheid. Jachtrechthouders worden aangesproken om populaties van jachtwild, zoals everzwijnen, op een verantwoord niveau te beheren.
Wanneer ondanks preventie en beheer toch schade optreedt, vormt schadevergoeding het sluitstuk. Landbouwers die bijvoorbeeld te maken krijgen met door everzwijnen omgewoelde akkers kunnen onder bepaalde voorwaarden een schadevergoeding aanvragen. Bij schade door everzwijnen is een vergoeding mogelijk wanneer de schadelijder minstens één van de vereiste preventieve basismaatregelen heeft genomen en de dieren afkomstig zijn uit een gebied waar ze niet bejaagd of bestreden mogen worden.
Vlaamse tussenkomst in Rendac-kosten wordt stopgezet
Tegenover de bijkomende middelen voor risicomanagement staan ook besparingen binnen de landbouwbegroting. De subsidie aan Rendac wordt verminderd. De resterende tussenkomst waarmee Vlaanderen vandaag een deel van de kosten voor individuele landbouwers draagt, wordt stopgezet. Daardoor zullen de betrokken veehouders, particulieren en VZW’s die kosten voortaan zelf moeten dragen.
“Ook binnen landbouw moeten we budgettaire keuzes maken. Ik besef dat het stopzetten van deze tussenkomst voor veehouders een extra kost betekent en daar wil ik duidelijk over zijn. We kunnen niet elke bestaande subsidie behouden. Daarom kiezen we ervoor om de beschikbare middelen gerichter in te zetten op risico’s die landbouwers moeilijk zelf kunnen dragen” zegt Vlaams minister van Landbouw Jo Brouns.