Sleutel tot kwaliteit en typiciteit in de Vlaamse wijnbouw
Aangemaakt op
In 2015 telde België 221 hectare wijndruiven en werd voor het eerst de kaap van één miljoen liter wijnproductie overschreden. Datzelfde jaar legde Proefcentrum Fruitteelt (pcfruit) een eigen wijngaard aan, met als doel wijnbouwers gericht te ondersteunen via praktijkgericht onderzoek. Intussen ligt er meer dan tien jaar aan data rond fenologie, rijping, opbrengst en andere teeltparameters. Die schat aan informatie maakt het mogelijk om de impact van verschillende teeltmaatregelen en -technieken onderbouwd te evalueren. Met het LA-traject VitiTyp vertalen we die opgebouwde kennis naar de praktijk en brengen we ze rechtstreeks tot bij de Vlaamse wijnbouwer.
Karel Mercken en Anne Cortleven, pcfruit
Vitiwat?
VitiTyp is een Vlaio-project (november 2024 tot oktober 2028) waarin pcfruit en ILVO de krachten bundelen om enkele hardnekkige vraagstukken binnen de Vlaamse wijnbouw aan te pakken. Het project biedt een platform waar telers en onderzoekers kennis en inzichten uitwisselen én hun netwerk versterken. Zo willen we zowel ervaren wijnbouwers als nieuwkomers in de sector aanspreken. Met praktijkgericht onderzoek, kennisuitwisseling uit binnen- en buitenland en het testen van aangepaste teeltmaatregelen ondersteunt VitiTyp Vlaamse wijnbouwers bij het rendabeler maken van hun wijngaarden. Daarbij zoeken we voortdurend naar het optimale evenwicht tussen opbrengst en kwaliteit onder Vlaamse omstandigheden.
Tien wijndomeinen verspreid over Vlaanderen
Als we uitzoomen naar de schaal van het project, zien we dat tien wijndomeinen deelnemen, verspreid over de Voerstreek, de Maasvallei, Haspengouw, de Kempen, het Hageland en de Schelde-Leiestreek (figuur 1). De deelnemers krijgen de kans om zelf te experimenteren met teeltmaatregelen die de wijnkwaliteit kunnen verbeteren. Het project ondersteunt hen daarbij zowel in de opzet van de proeven als in de verwerking van de resultaten. Daarnaast streven we ernaar om een aantal van deze proeven bij meerdere telers én op pcfruit aan te leggen, zodat de resultaten breder onderbouwd en beter vergelijkbaar zijn.
Anderzijds worden de deelnemende wijngaarden op drie niveaus opgevolgd: fenologie, rijping en teeltmaatregelen. De fenologische gegevens vormen daarbij als het ware de tijdlijn van het project. Voor de rijping meten we parameters zoals suikergehalte, zuurtegraad en vergistbare stikstof, zodat we de evolutie van de druiven nauwgezet in kaart kunnen brengen. Daarnaast registreren we welke teelttechnieken en ingrepen de wijnbouwers toepassen. Die informatie helpt om verschillen in groei en rijping te verklaren en vormt bovendien de basis voor de economische analyses die door het ILVO worden uitgevoerd.
Figuur 1. Verspreiding deelnemende wijndomeinen aan het VitiTyp-project
Fenologie als leidraad
Een belangrijk luik binnen het project is de fenologie, de opvolging van de groeistadia van de wijnstok doorheen het seizoen. Onze wijnbouwers volgen hiervoor een gestandaardiseerd protocol, gebaseerd op de methodiek van Agnès Destrac-Irvine, coördinator van het Vitadapt-project in Bordeaux (2019). Dit protocol beschrijft voor drie sleutelmomenten in de groeicyclus een duidelijke en gedetailleerde aanpak. Zo wordt vandaag in een groot deel van Vlaanderen de fenologie systematisch opgevolgd voor knopontluiking, bloei en véraison.
Deze gemeenschappelijke aanpak is van groot belang omdat de waarnemingen als kalender dienen om de rest van het VitiTyp-project uit te voeren. Zo gebeuren de rijpingsproeven 20 en 40 dagen na het stadium van 50% véraison. Deze datum is in de praktijk voor ieder wijndomein en elke druivensoort anders. Maar we gaan bijvoorbeeld ook twee weken na het stadium 50% bloei ontbladeren, op deze manier spreekt iedereen dezelfde taal.
Meten is weten, ook tijdens de rijping
Een ander luik zijn de rijpheidsmetingen die, zoals vermeld, 20 en 40 dagen na het stadium véraison en bij de oogst plaatsvinden. Daarbij analyseren we onder meer titreerbare zuren, suikers, vergistbare stikstof, appelzuur en pH. Door deze metingen over meerdere jaren op te volgen, krijgen we zicht op verschillen in rijping en rijpingssnelheid. Waar mogelijk koppelen we die verschillen aan factoren zoals ras, kloon en perceel, maar ook aan toegepaste teeltmaatregelen en -technieken, zoals ontbladeren.
Een derde luik is de opvolging van de verschillende handelingen in de wijngaard. Die gegevens helpen ons om variaties in de waarnemingen beter te verklaren. Onze partners van het ILVO gebruiken deze informatie vervolgens om een economische rekentool te ontwikkelen. Die tool kan wijnbouwers ondersteunen bij het maken van onderbouwde keuzes, bijvoorbeeld via kosten-batenanalyses van handwerk, loonwerk, seizoenarbeid of investeringen in mechanisatie.
Ontbladeringsproef 2025
In 2025 hebben we binnen het project bij twee wijndomeinen en in de proefwijngaard drie variaties aangelegd in Chardonnay 96 en Pinot noir 777, waarbij we niet ontbladeren, vroeg in de bloei ontbladeren en twee weken na de bloei ontbladeren (figuur 2). Resultaten tonen aan dat ontbladeren in verschillende gevallen tot een lager bessengewicht leidt. Het ontbladeren had meestal geen impact op de suikergehaltes, maar er was soms een lager appelzuurgehalte door het ontbladeren. Verder waren er geen significante verschillen in de vergistbare stikstof.
Binnen het project brengen we de impact van specifieke teeltmaatregelen op de druiven, hun opbrengst en hun kwaliteit in kaart. Een goed voorbeeld is de ontbladeringsproef. Uit de literatuur weten we dat vroege ontbladering de kwaliteitsparameters kan beïnvloeden, zowel positief als negatief, maar hoe zit dat nu op onze Vlaamse percelen?
In 2025 legden we daarom bij twee wijndomeinen en in de proefwijngaard proeven aan met drie varianten in Chardonnay 96 en Pinot noir 777 waarbij er niet ontbladerd werd, vroeg in de bloei ontbladerd en twee weken na de bloei (figuur 2). De resultaten tonen aan dat ontbladeren in verschillende gevallen leidt tot een lager bessengewicht. Op de suikergehaltes had de maatregel doorgaans geen effect, al werd soms wel een lager appelzuurgehalte vastgesteld. Voor de vergistbare stikstof werden geen significante verschillen gemeten.
Verschillende objecten van de ontbladeringsproef: niet ontbladerd, in de bloei ontbladerd en twee weken na de bloei ontbladerd.
Eerste oogst afgerond
Het project heeft intussen zijn eerste werkingsjaar afgerond en zit midden in seizoen twee. In juni vonden opnieuw waarnemingen plaats, onder meer in het stadium van 50% bloei. Op pcfruit bereiden de onderzoekers alles voor om eind augustus de eerste stalen opnieuw te analyseren voor de rijpheidsmetingen. VitiTyp draait dus op volle toeren en zal in totaal vier druivenoogsten opvolgen bij de deelnemende wijndomeinen. Dat levert een unieke schat aan data op, als bron van kennis voor én door de sector.
Boerenbond en SBB onderhandelen jaarlijks met de fiscus over fiscale tuinbouwbarema’s. Ontdek hoe praktijkkennis, cijfers en seizoenslonen samen zorgen voor een werkbaar forfaitair systeem.
Herbekijk hier het webinar over de compensatieregeling voor de niet-doorgestorte bedrijfsvoorheffing, het sociaal akkoord en meer tewerkstellingsnieuws.
De extreme hitte zorgde voor uitdagingen in het zachtfruit, met druk op de prijzen. Intussen stabiliseert de aardbeienmarkt opnieuw naar een correct prijsniveau. Kersen kenden een moeilijk seizoen door importdruk, maar de prijzen herstelden zich de voorbije weken.
Vegaplan-certificering stijgt verder in België, ondanks minder landbouwbedrijven. Ontdek ook welke non-conformiteiten in 2025 het vaakst opdoken tijdens audits en hoe landbouwers zich beter kunnen voorbereiden.
Werken met studenten of seizoenarbeiders? Ontdek hoe beide systemen gecombineerd kunnen worden en welke extra regels gelden voor minderjarigen, helder uitgelegd door Chris Botterman.
We zijn nog maar halfweg de zomer, maar de hittedagen hebben zich al volop aangediend. Voor runderen, die moeite hebben om hun lichaamstemperatuur onder controle te houden, zijn dat zware periodes. Ook vleesveehouders staan voor een uitdaging en moeten soms creatief uit de hoek komen om hun dieren verkoeling te bieden.
Vijf heldere antwoorden over het Vlaams Pachtdecreet: wanneer er sprake is van pacht, hoe de prijs werkt, wat bij overdracht geldt en hoe het voorkooprecht de rechten van pachter en eigenaar beïnvloedt.
Het Vlaams Pachtdecreet verandert de verpachting van landbouwgronden door openbare besturen. Ontdek de nieuwe procedure, toewijzingscriteria en contractvoorwaarden voor gemeenten, provincies en kerkfabrieken.
Biddit maakt de verkoop van verpachte landbouwgronden eenvoudiger, maar voor pachters gelden extra regels. Ontdek wanneer het voorkooprecht speelt en hoe je biedingen van een overheid correct opvolgt.
Vlaanderen wil landbouwgrond beter beschermen: publieke gronden moeten eerst naar actieve landbouwers, zodat waardevolle open ruimte en voedselproductie niet verder onder druk komen.
Publieke landbouwgrond verdwijnt razendsnel, terwijl ze juist cruciaal is voor toekomstgerichte landbouw, bodemzorg en maatschappelijke doelen. Hans Vandermaelen pleit voor een langetermijnvisie op publiek grondbezit.