Bij de hoevewinkel van Stijn en Ann Van de Voorde-Slachmuylders van ’t Hertsveld in Leest (Mechelen) werd de Week van de Korte Keten (16 tot 24 mei) gelanceerd. De korte keten in België blijft in omzet groeien, al wordt de groep die koopt kleiner. De Week van de Korte Keten biedt een steuntje in de rug bij de zoektocht naar een breder publiek.
De korte keten is een verzamelnaam van verkoopsvormen. De meest toegepaste vorm is de hoevewinkel, al zijn er ook boerenmarkten, automaten, afhaalpunten, webwinkels, pakketsystemen, pluktuinen en CSA-boerderijen. Naar schatting doet bijna één op vier land- en tuinbouwbedrijven (23%) aan verkoop in de korte keten. Er zijn grote verschillen per sector. 31% van de tuinbouwbedrijven (groenten en fruit) doet aan korteketenverkoop, tegenover slechts 4% van de pluimveebedrijven.
Corona overstegen
Volgens cijfers van YouGov België steeg de hoeveverkoop naar een totaalbedrag van 140 miljoen euro in 2025. Hoewel het om een groot bedrag gaat is het nog altijd maar iets meer dan één procent van de totale aankoop verse voeding in België. Tijdens corona kende de korte keten een piek in de verkoop, om in 2023 terug te vallen op een lager niveau. Daarna steeg deze weer opnieuw om in 2025 voor het eerst de coronapiek van 2020 te overtreffen, al is dit zonder rekening te houden met inflatie.
Minder gezinnen kopen op de hoeve, maar wie dat doet, koopt frequenter. In 2025 kocht 13% van de Vlaamse gezinnen minstens één keer op de hoeve, tegenover 20% in 2016. Tegelijkertijd steeg de aankoopfrequentie tot gemiddeld 12 aankopen per jaar. Een beperktere groep koopt dus meer. In Vlaanderen wordt er meer in de korte keten gekocht dan in Wallonië.
Dichter bij elkaar
De korte keten is een echte win-win, legde Leen Jolling, adjunct-directeur bij VLAM uit. “Consumenten zijn zich steeds bewuster van waar hun eten vandaan komt en wie het produceert. De korte keten brengt de landbouwer en de consument dichter bij elkaar. Het brengt vertrouwen en transparantie. De landbouwer op zijn beurt krijgt meer waardering en voelt beter aan wat de consument wil.” VLAM ondersteunt deze negende editie van de Week van de Korte Keten onder andere met radiospotjes waarbij het de consument nog meer de weg wil laten vinden naar de directe verkoop.
Minister voor Landbouw Jo Brouns (CD&V) herhaalde dat hij het belangrijk vindt dat de landbouwer “zijn deuren opent voor de Vlaming zodat de Vlaming zijn hart opent voor de boer.”
“De winkelkar mag Vlaamser. De consument onderschat vaak nog welke inspanningen de land- en tuinbouwers leveren om hun voedsel te produceren op een manier die veel duurzamer is dan op veel andere plekken in de wereld.” Verder vond de minister dat iedere boer iets op zijn landbouwbedrijf zou moeten verkopen om die band met de consument aan te halen. Antwerps gedeputeerde voor Landbouw Jinnih Beels zag nog een rol voor de overheid om het de consument makkelijker te maken in de korte keten aan te kopen. Ze zag vooral nog een belangrijk doelpubliek in het stedelijk publiek. “Zij zijn vaak bezig met duurzaamheid, maar ze hebben hun weg nog niet gevonden naar de korte keten.”
Ontwikkelingskansen
Consumenten hebben een duidelijk positieve houding tegenover de korte keten, maar ervaren nog een aantal drempels zoals beperkte kennis over het aanbod en verkooppunten, twijfels rond gemak en prijs, en praktische bezwaren zoals bereikbaarheid en het beperkte assortiment. Ann Detelder werkt voor het Steunpunt Korte Keten en heeft al twintig jaar ervaring in de sector. Zij stelt vast dat de sector steeds professioneler wordt. Ze nam van de lancering gebruik om ervoor te pleiten korteketenondernemers genoeg ontwikkelingskansen te geven in agrarisch gebied. “Uiteraard is een landbouwer met 20 ha mais een landbouwer, maar er zijn nog zoveel meer land- en tuinbouwmodellen die ook thuishoren op het platteland”, zo stelde ze.
Volgens de seizoenen
Stijn en Ann Van de Voorde-Slachmuylders maakten in 2014 de keuze om een hoevewinkel te openen. Zij telen onder andere bonen, spruiten, erwten, venkel, spinazie, pompoenen en aardappelen. In volume uitgedrukt gaat 90-95% van de productie naar veiling BelOrta. Maar dat neemt niet weg dat de hoeveverkoop een volwaardige poot is geworden. Ondertussen werkt zus Leen vast op het bedrijf in de hoevewinkel, daarbij bijgestaan door een aantal flexi-jobbers (wel toegestaan voor de hoevewinkel, niet voor de land- en tuinbouwactiviteiten). Op de velden rond de hoevewinkel staan twee mobiele kippenstallen, met telkens 300 kippen. “De eieren zijn een dankbaar product; de vraag ernaar stijgt nog steeds”, vertelt Ann. ‘Recht van het land naar de klant’, is het motto van het bedrijf. Stijn en Ann leggen de klemtoon op het seizoenskarakter van vele groenten. Deze zetten ze dan passend in de kijker, zodat de klanten het ritme van de seizoenen leren kennen en appreciëren.
Korte keten of Kenia?
Toen Stijn een aantal jaar geleden in de winkelrekken op verkenning ging naar welke teelten voor hem interessant konden zijn, zag hij in de zomer veel fijne bonen uit Kenia in de schappen liggen. Het overtuigde Stijn om zich op de teelt van fijne bonen toe te leggen. Hij vond bij Delhaize een partner en zo biedt Delhaize in de zomer Stijns bonen aan. “Nu de kerosine voor het invliegen van bonen uit Kenia duur is, kreeg ik al vragen wanneer de Belgische bonen klaar zullen zijn, al weten ze wel dat het daarvoor nog te vroeg is”, geeft Stijn aan. Met het bedrijf gelegen op lichte zandgronden maken Stijn en Ann er een doel van om te mikken op een vroege oogst, en zo de grootste droogte voor te blijven. De velden zijn ook gedraineerd en van irrigatie voorzien om altijd de juiste vochtvoorziening te hebben.
De korte keten biedt risicospreiding aan het bedrijf. Dat dit geen overbodige luxe is, bleek nog in de zomer van 2024 toen een zomerstorm lelijk huishield en de teelten verwoestte. “Gelukkig hadden we een brede weersverzekering, anders zaten we in een heel ander verhaal”, aldus Stijn.
Ontdek in onze economische sectoroutlook vleesvee hoe Boerenbond en KBC samen hun gemeenschappelijke economische kennis toegankelijk maken voor leden en klanten. Een beknopte webinarvideo voor en op maat van onze vleesveehouders.
Ferm voor Agravrouwen organiseerde op 3 juli een fietsbenefiet om aandacht te vragen voor het mentale welzijn van boeren en boerinnen. De opbrengst gaat naar Boeren op een Kruispunt.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.