Wat verandert aan de afstandsregels langs waterlopen?
Aangemaakt op
Vanaf 2026 worden de regels rond beschermingsstroken langs waterlopen strenger. Deze aanpassingen vloeien voort uit MAP 7 en zijn opgenomen in de conditionaliteit van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB). Hoewel de basisregels al in 2025 van kracht gingen, worden ze in 2026 verder verfijnd en uitgebreid. Als landbouwer is het belangrijk om deze veranderingen goed te begrijpen, want ze hebben een directe impact op het gebruik van je percelen.
Wat blijft hetzelfde?
Voor ‘roze waterlopen’ verandert er niets en moet je dus ook geen beschermingsstrook aanleggen. De bestaande afstandsregels blijven ongewijzigd, wat betekent dat je hier geen bijkomende maatregelen hoeft te nemen. Langs roze waterlopen moet je een 1 meter teeltvrije, 1 meter fytovrije en 5 meter bemestingsvrije zone respecteren.
Wat verandert in 2026?
Voor percelen die grenzen aan ‘blauwe waterlopen’ uit de Vlaamse Hydrografische Atlas (VHA) zijn er wel wijzigingen. Vanaf 2026 moet op elk perceel langs zo’n waterloop een beschermingsstrook aanwezig zijn van 3 of 5 meter breed. De breedte van die strook hangt af van de ligging, het gebiedstype en de aard van de teelt. In groene bestemmingen en in Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) wordt een beschermingsstrook van vijf meter verplicht, ongeacht het type teelt of gebied. Die strook bestaat uit één meter teeltvrije zone en vier meter bufferteelt. De volledige zone moet vrij blijven van bemesting en gewasbeschermingsmiddelen. Ook in agrarisch gebied (en andere gebieden, behalve de groene bestemmingen en SBZ-H), wanneer het gaat om gebiedstype 2 of 3 in combinatie met een nitraatgevoelige teelt, geldt dezelfde verplichting tot een vijf meter brede strook. In alle andere situaties – zoals bij niet-nitraatgevoelige teelten of bij gebiedstype 0 en 1 – volstaat een beschermingsstrook van 3 meter, bestaande uit 1 meter teeltvrije zone en 2 meter bufferteelt. Ook hier geldt een verbod op bemesting en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Een belangrijke uitzondering blijft van kracht: langs waterlopen en oppervlaktewaterlichamen in het Vlaams Ecologisch Netwerk (VEN) of op hellingen is een bemestingsvrije zone van 10 meter verplicht, ongeacht de andere voorwaarden.
Wat mag (niet) op een beschermingsstrook?
Op een beschermingsstrook mag je kiezen voor spontane vegetatie of een meerjarig buffergewas. Dat kan bijvoorbeeld gras zijn, meerjarige vlinderbloemigen, mengsels met meerjarige vlinderbloemigen of houtige gewassen. Maaien is toegestaan, behalve tussen 15 maart en 15 juli. Op de teeltvrije zone van 1 meter zijn alle bewerkingen het hele jaar door verboden. Het buffergewas mag maximaal één keer om de 3 jaar vernieuwd worden. Gewasbeschermingsmiddelen zijn niet toegelaten op de beschermingsstrook. Enkel pleksgewijze, mechanische bestrijding van probleemonkruiden is toegestaan. Ook bemesting is volledig verboden.
De Europese Commissie zet veehouderij opnieuw centraal met een strategie richting 2040: meer rendabiliteit, minder vergunningenknelpunten, aandacht voor dierziekten, mest als grondstof en een sterker Europees eiwitplan.
Ontdek tijdens de Demoreeks Klimaat & Technologie praktische innovaties voor land- en tuinbouwbedrijven. Bekijk demo’s op het veld, stel vragen en laat je inspireren door concrete oplossingen uit de praktijk.
De studie naar de evaluatie van het MAP-meetnet is officieel van start gegaan. Schrijf je nu in voor ons webinar op 9 juli! We lichten toe hoe dit traject in elkaar zit, wat er precies onderzocht wordt en op welke manier je je input kan meegeven.
Proef in Gelinden toont hoe innovatieve groenbedekkers nitraat vasthouden en de bodemwaterhuishouding verbeteren, zelfs na een droge zomer, met duidelijke lessen voor Vlaamse landbouwers.
Limagrain toont op hun proefveld in Kluisbergen hoe bodemgezondheid, hybride tarwe, vernieuwd koolzaad en slimme groenbedekkers helpen om hogere inputkosten en strengere bemestingsnormen op te vangen.