“Tijd dat de sector het stuur nú in handen neemt”
Europa verplicht grote bedrijven - waaronder ook afnemers van land- en tuinbouwproducten – om aan duurzaamheidsrapportering (CSRD) te doen. Onvermijdelijk zullen deze bedrijven data opvragen bij hun leveranciers. Landbouworganisaties, handel en primaire verwerkers buigen zich momenteel binnen Vegaplan over hoe dit op sectorniveau het best aangepakt kan worden. Brigitta Wolf (Vegaplan) en duurzaamheidsexpert Iris Penninckx (Pantarein) leggen uit hoe de kaarten momenteel liggen.
Brigitta Wolf (l) - Iris Penninckx (r)
Net als in de dierlijke sector zijn in de plantaardige sector duurzame landbouwpraktijken goed ingeburgerd. Een cijfermatige rapportering op bedrijfsniveau zal zich de komende jaren meer en meer opdringen, zo schatten beide dames in. Door zelf de koers uit te stippelen kan de sector een aanpak uitwerken op maat van de primaire sector en proberen een wildgroei aan bijkomende administratieve verplichtingen de pas af te snijden.
Brigitta, hoe kwam duurzaamheid op het bord van Vegaplan terecht?
Brigitta: “Aan de basis van Vegaplan ligt het garanderen van de voedselveiligheid en de traceerbaarheid in de keten. Vegaplan heeft de sectorgids voor de autocontrole in de primaire plantaardige productie ontwikkeld. In 2014 kwam daar een expliciet luik duurzaamheid bij waaronder maatregelen voor een duurzaam gebruik van bestrijdingsmiddelen (IPM). Het gaat deels om extralegale zaken waarvan landbouworganisaties en afnemers gezamenlijk hebben beslist om de borging ervan bij Vegaplan onder te brengen. Boeren moeten dus aan deze duurzaamheidseisen voldoen om het Vegaplancertificaat te krijgen. Ook in de buurlanden zien we dat organisaties die zich twintig jaar geleden bijna enkel met kwaliteitsborging bezighielden, nu duurzaamheid in hun focus betrekken.”
Twee jaar geleden leidde dat dan tot de publicatie van de duurzaamheidsmonitor voor de plantaardige sector. Wat bracht die aan het licht?
Brigitta: “Dat er in de primaire sector al heel wat initiatieven gebeuren. Bodemzorg, erosiebestrijding, biodiversiteit, het oordeelkundig toepassen van gewasbescherming … dat gebeurt al allemaal en dankzij de duurzaamheidsmonitor weten we ook hoeveel boeren hiermee aan de slag gaan. Deze info vormt een goede basis in het licht van wat met de Europese duurzaamheidsregelgeving op de sector afkomt.”
Iris, jullie begeleiden bedrijven en organisaties die de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) in de praktijk toepassen, een richtlijn die bedrijven verplicht om gedetailleerd over duurzaamheid te rapporteren. Ondertussen werd het deel bedrijven dat hieraan moet voldoen gereduceerd tot bedrijven met onder andere meer dan 1.000 werknemers. Dat lijkt ver van het bed van de land- en tuinbouw.
Iris: “Niet rechtstreeks, maar voor sommige afnemers zoals grote groente- en aardappelverwerkende bedrijven of voedingsbedrijven blijft CSRD wel gelden. Denk bijvoorbeeld ook aan de retail. Zij moeten uitdrukkelijk over de emissies in hun waardeketen rapporteren. Die gegevens zullen ze bij de primaire producent zoeken.”
Zolang de afnemer niets vraagt, kan de sector toch gewoon afwachten?
Iris: “Maar welke methodiek gaat de afnemer opleggen? Niet alle afnemers gaan even breed of bevragen dezelfde zaken. Op het vlak van kwaliteit en traceerbaarheid heeft Vegaplan de gelijkwaardigheid met buitenlandse labels actief opgezocht. En daarmee de administratieve last voor de land- en tuinbouwer beperkt. Dat is voor mij het voorbeeld over wat de rol van Vegaplan op het vlak van duurzaamheid kan zijn. Als land- en tuinbouwers willen vermijden dat ze voor elke afnemer andere data zullen moeten aanleveren of een andere tool zullen moeten invullen, is het belangrijk dat de sector het stuur nu in handen neemt. Zodat op zijn minst iedereen vanuit dezelfde lijn vertrekt. Als boeren geen keuze maken, zullen anderen het voor hen doen.”
Brigitta: “Op dat vlak is het vijf voor twaalf om die keuze in eigen handen te nemen. In Vegaplan is de hele plantaardige sector vertegenwoordigd, met zowel de landbouw als handel en verwerking. Dit biedt de mogelijkheid om in interprofessioneel overleg een gemeenschappelijk kader uit te werken: welke data zijn relevant en hoe kunnen we de data-uitwisseling in de keten faciliteren? Een landbouwonderneming heeft immers meerdere teelten. Met betrekking tot duurzaamheid is dan ook een holistische aanpak geboden.”
Wat is het doel van de strategische oefening die Vegaplan nu met de hulp van Pantarein maakt?
Iris: “In de eerste fase identificeren we de voor de plantaardige sector relevante duurzaamheidsthema’s. In de volgende fase willen we bepalen welke meetbare parameters (KPI’s) we hieraan moeten koppelen. Vervolgens zal de beslissing moeten worden genomen over de methodologie: hoe organiseren we het concreet.” Brigitta: “Door nu een grondige analyse te maken, zijn we in staat om een geschikte aanpak voor de plantaardige sector vast te leggen. We kunnen de thema’s en methodiek zelf kiezen, maar onze aanpak moet uiteraard ook aan de verwachtingen van de markt voldoen. Het is belangrijk dat we niet de verkeerde afslag nemen; we moeten ook rekening houden met wat in het buitenland gebeurt.”
Meten, rapporteren … klinkt als weer extra administratief werk voor de boer.
Brigitta: “Dat willen we zo veel mogelijk beperken. Daarom net dat we willen werken aan één methodiek, waarbij boeren niet dubbel moeten registreren. Wat we doen moet ook compatibel zijn met wat in de dierlijke sectoren gebeurt. Er wordt nu al veel data bijgehouden. Denk aan biodiversiteitsinspanningen zoals bloemenof grasbufferstroken die via de verzamelaanvraag geregistreerd worden.”
Iris: “We vertrekken niet van een blanco blad. Mogelijk moeten we de bestaande duurzaamheidsmonitoring verbeteren en verfijnen, om parameters (KPI’s) te bepalen (in lijn met de CSRD) die afnemers in hun rapportering kunnen meenemen. Meer cijfers dus waar een ander mee kan rekenen. Maar het kan niet zijn dat iedere landbouwer twee dagen een consultant onder de arm moet nemen om in orde te zijn.”
Zullen boeren die onvoldoende registreren hun Vegaplan-certificering verliezen?
Brigitta: “Daar kunnen we de boeren in geruststellen. Het gaat erom een methodiek aan te bieden waarbij de duurzaamheidsprestatie van een bedrijf in kaart wordt gebracht en vervolgens de evolutie ervan begeleiden. Vegaplan wil een kader bieden aan de keten om met duurzaamheidsrapportering aan de slag te gaan.”
Een aardappel is geen komkommer, aardbei of prei. Als de afnemer telkens een CO2-berekening wil per eenheid wordt het toch een hele administratie.
Brigitta: “Wij vertrekken van een duurzaamheidsmonitoring op niveau van het bedrijf. Wel kan er sprake zijn van gelaagdheid. Er is een basis, en als er dan sectoren zijn die dieper willen gaan tot op teeltniveau om daar bijvoorbeeld tot een CO2-voetafdruk te komen, willen we die mogelijkheid openhouden.”
Ligt de focus bij duurzaamheid vandaag niet te veel op de CO2-voetafdruk? Voor dit interview zijn we te gast bij ‘Ons Dagelijks Groen’ in Meldert, dat inzet op korte keten, teambuildings, groene zorg en landbouweducatie. Dat heeft toch ook waarde?
Iris: “Het is een misvatting dat duurzaamheidsrapportering enkel om de CO2- voetafdruk zou gaan. Voor de plantaardige sector kan het zeker evenzeer gaan over bodemgezondheid, water en gewasbescherming. Ook als we uitzoomen gaat CSRD nog veel ruimer dan dat: naast de pijler milieu & klimaat is er ook de pijler rond sociale thema’s en de pijler van goed bestuur. Daar komen bedrijven zoals deze zeker tot hun waarde.”
Duurzaamheid is meer dan emissies alleen?
Iris: “Ik wil niet vooruitlopen op welke thema’s uiteindelijk vastgeklikt zullen worden, maar ik kan mij inbeelden dat niet iedere boer zich zal focussen op het reduceren van CO2-emissies. Al kan het voor een specifieke sector als geheel wel een doel worden. Elk bedrijf is anders en de mogelijkheden zijn dat dus ook. Een akkerbouwbedrijf is geen glastuinbouwbedrijf.”
Brigitta: “Vegaplan wil de keten een kader bieden om dit te organiseren. En dat doen volgens een methodiek die internationaal erkend wordt en voldoet aan de verwachting van de markt.”
Het is logisch dat er tegenover extra inspanningen ook een extra vergoeding staat. Maar is het realistisch?
Iris: “Als een afnemer een vijftal leveranciers heeft en vier kunnen er duurzaamheidsdata geven en één niet, dan vrees ik dat duurzaamheid een leveringsvoorwaarde kan worden. Maar veralgemenen naar de 30.000 land- en tuinbouwers die ons land telt doe ik niet.”
Brigitta: “Wij willen ervoor zorgen dat de land- en tuinbouwer weet wat hij moet doen als hij zo’n vragen van de afnemer krijgt en dat we hem kunnen faciliteren. Om extra duurzaamheidsinspanning te kunnen valoriseren moet dit aangetoond kunnen worden en geborgd zijn. Dat is de rol van Vegaplan hierin.”
Wie is wie?
Brigitta Wolf (links) is sinds 2018 coördinatrice bij Vegaplan. Vegaplan certificeert 69% van de Belgische landbouwondernemingen met plantaardige productie op voedselveiligheid, kwaliteit, traceerbaarheid en duurzaamheid. In 2025 gebeurde dit via 7.788 audits.
Iris Penninckx (rechts) is sedert 2019 senior sustainability consultant bij Pantarein. Pantarein helpt organisaties en bedrijven om duurzaamheid in de praktijk te brengen en is beslagen in het implementeren van Europese en internationale standaarden voor duurzaamheidsrapportering.