In principe kunnen alle jongeren die ingeschreven zijn in het dagonderwijs als student werken, zolang ze niet meer moeten voldoen aan hun voltijdse leerplicht. Dit geldt dus zowel voor jongeren in het secundair onderwijs, hoger onderwijs of universitair onderwijs.
De voltijdse leerplicht geldt voor jongeren tot ze 15 jaar oud zijn én twee jaar van het secundair onderwijs gevolgd hebben. Voor deze categorie jongeren is werken verboden wegens het verbod op kinderarbeid. Eigen kinderen kunnen wel een handje toesteken op het ouderlijk bedrijf. Eigen kinderen worden namelijk niet als werknemers beschouwd.
Vanaf de leeftijd van 15 jaar geldt er een deeltijdse leerplicht en dit tot 30 juni van het jaar waarin de jongere 18 jaar wordt. Tijdens de deeltijdse leerplicht kan een jongere werken als student. Ook schoolverlaters kunnen in de vakantiemaanden na het verlaten van de school nog werken als student.
Hoeveel dagen/uren kan een student werken?
De studentenregeling is de voorbije jaren enkele keren aangepast. Sinds 2025 kan een student 650 uren werken op jaarbasis. Deze uren kunnen vrij gespreid worden gedurende het volledige jaar. Een student kan bijvoorbeeld gedurende 52 zaterdagen 8 uur op een landbouwbedrijf komen meehelpen: 52 dagen x 8 uur per dag = 416 uur. Maar hij mag ook gedurende 130 dagen verspreid over het jaar 5 uur/dag werken. Er is een maximum van 650 uur per jaar.
Er moet wel rekening gehouden worden met de beperking dat een student jonger dan 18 jaar maximaal 8 uur per dag mag werken en niet meer dan 38 uur/week. Voor een meerderjarige student gelden dezelfde mogelijkheden als voor andere werknemers. Men kan dus meer uren laten werken dan 8 uur/dag en meer dan 38 uur/week.
Combinatie met seizoenarbeid
Het is belangrijk op te merken dat jongeren ook kunnen worden ingezet als seizoenwerknemer. Zo kunnen zij ook gedurende 50 dagen per jaar op een landbouwbedrijf worden ingezet. Zij kunnen ook werken in een bedrijf met dieren (bijvoorbeeld een melkveebedrijf) en daar werken in het systeem van de 100 halve dagen. Bovendien kunnen de beide regelingen (de tewerkstelling als student en de seizoenregeling) sinds enkele jaren gecombineerd worden.
Dit houdt dat in dat een landbouwer dezelfde jongere gedurende 650 uur (als student) en 50 dagen (als seizoenswerknemer) kan tewerkstellen.
Op een melkvee bedrijf kan dezelfde jongere gedurende 650 uur werken (als student) en gedurende 100 halve dagen (als seizoenwerknemer).
Is een schriftelijke arbeidsovereenkomst nodig?
Bij de tewerkstelling van studenten moet er een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor studenten worden opgemaakt. In die overeenkomst kan de periode waarin de jongere als student komt werken opgenomen worden (bijvoorbeeld twee weken in de paasvakantie, elke zaterdag ...).
Ook voor jongeren die werken als seizoenwerknemer moet er een schriftelijke arbeidsovereenkomst worden opgesteld. Er wordt aan de betrokken jongere-seizoenwerknemer bovendien ook een gelegenheidsformulier gegeven waarop de gewerkte dagen worden aangeduid. We verwijzen hier naar de fiche inzake seizoenarbeid.
Registratie student@work
Bij de tewerkstelling van een jongere als student moet er een melding gebeuren in het systeem student@work. Hierin kan je de periode van de tewerkstelling en het aantal uren ingeven. Het aantal reëel gewerkte uren wordt dan via de kwartaalaangifte aan de RSZ in de teller aangepast. De jongere kan zelf nagaan hoeveel uren seizoenarbeid hij of zij reeds gepresteerd heeft en ook hoeveel uren er nog overblijven. In de tool student@work kan je het saldo van de maximaal 650 uren zien.
Zoals gemeld in dit artikel moet er bij de tewerkstelling van seizoenwerknemers dagelijks een Dimona-aangifte gebeuren voor de dagen waarop wordt gewerkt. Dit geldt ook voor jongeren die als seizoenswerknemer worden tewerkgesteld.
Komt het groeipakketvoor de ouders in gevaar?
Wanneer de jongere werkt als student en zich houdt aan maximaal 650 uur per jaar zal het groeipakket aan de ouders verder kunnen worden uitbetaald.
Wanneer de jongere daarentegen werkt in de seizoenregeling geldt er in Vlaanderen een maximum van 80 uur per maand. Gaat de jongere daar boven, dan wordt voor die maand het groeipakket aan de ouders niet uitbetaald.
Welk loon moet er betaald worden?
Voor studenten moet minimaal het loon van de laagste categorie van vaste werknemers (ongeschoolden) betaald worden. Het minimumloon voor deze categorie bedraagt 12,16 euro per uur vanaf 1 januari 2025.
Voor de seizoenwerknemers in de landbouw moet, net zoals voor studenten, hetzelfde uurloon als vaste werknemers betaald worden. Met ingang vanaf 1 januari 2025 bedraagt het minimumuurloon 12,16 euro per uur.
Hoeveel bedragen de sociale bijdragen?
Voor seizoenwerknemers worden de sociale bijdragen berekend op een forfaitair dagloon, ongeacht de werkelijke prestaties.
Bij studentenarbeid worden de sociale bijdragen berekend op het werkelijk betaalde brutoloon. De sociale bijdrage te betalen door de werkgever bedraagt 5,42%. Dit betekent dat er bovenop het brutoloon 5,42% sociale bijdrage bijkomend moet worden betaald.
De student zelf moet een persoonlijke sociale bijdrage betalen van 2,71%. Deze wordt ingehouden van zijn loon.
Moet er een bedrijfsvoorheffing ingehouden worden?
Aangezien studenten in principe door hun tewerkstelling niet zullen komen aan inkomsten die in België vrijgesteld zijn van belastingen (zo’n 11.000 euro netto belastbaar), moet er geen bedrijfsvoorheffing ingehouden worden.
Jongeren die werken als student kunnen in de meeste gevallen ook kind ten laste blijven van hun ouders. Dit geeft ook geen problemen voor de verdere toekenning van de kinderbijslag in hoofde van de ouders.
Landbouwers-vermeerderaars zijn essentieel in het innovatieproces van zaaizaden. Goede contractuele praktijken en sluitende afspraken staan garant voor een goede samenwerking tussen de vermeerderaars en de handelaars-bereiders
Extreme droogte en hitte hebben de Belgische aardappeloogst zwaar getroffen. Belpotato.be en Boerenbond roepen telers en afnemers op om snel in overleg te gaan over volumes, kwaliteit en contracten van aardappelen.
Nieuwe regels maken fiscale compensatie voor seizoenwerknemers opnieuw mogelijk vanaf 1 januari 2026. Ontdek hoe de gedeeltelijke niet-doorstorting van bedrijfsvoorheffing werkt en wat je nu moet doen.
Kom naar de Netwerkdag 'Techniek in bio tuinbouw' en ontdek de wondere wereld van bio-regerenatieve landbouw: een beurs- en demonstratiedag rond mechanisatie voor biologische tuinbouw op kleine en middelgrote schaal. Zet jij verschillende teelten op een beperkte oppervlakte of ben je benieuwd naar hoe dit in de praktijk kan? Ontdek innovatieve mechanisatie op maat, gedemonstreerd in het veld!
Landbouweducatie laat kinderen de sector van dichtbij beleven en vergroot begrip en draagvlak voor de landbouw van morgen. Ontdek hoe boeren hun verhaal kunnen delen met scholen en jongeren.
Jonge boeren lopen vast op de complexe NER-regels in Vlaanderen. Groene Kring vraagt snelle hervorming, zodat bedrijfsovernames haalbaar blijven en de sector toekomst krijgt.
Herbekijk hier het webinar over de compensatieregeling voor de niet-doorgestorte bedrijfsvoorheffing, het sociaal akkoord en meer tewerkstellingsnieuws.
Werken met studenten of seizoenarbeiders? Ontdek hoe beide systemen gecombineerd kunnen worden en welke extra regels gelden voor minderjarigen, helder uitgelegd door Chris Botterman.
Leer stap voor stap hoe je een arbeidskaart aanvraagt voor niet-Europeanen, volledig online via het Uniek Loket. Ontdek wat je nodig hebt en hoe je de aanvraag snel in orde brengt.
Ontdek hoe niet-EU-onderdanen in België aan de slag kunnen en waarom de arbeidskaart vaak de eenvoudigste en goedkoopste aanvraag is. Chris Botterman legt het stap voor stap uit.