Europees ontwerpvoorstel voor digestaat als kunstmestvervanger eindelijk gelanceerd
De Europese Commissie wil de mogelijkheden uitbreiden om nutriënten uit dierlijke mest circulair te gebruiken. In een nieuw ontwerpvoorstel wordt ook de vloeibare fractie van digestaat na scheiding met een decantercentrifuge opgenomen in het Europese kader voor kunstmestvervangers. Voor Boerenbond is dit een belangrijke stap. We ijveren al langer voor een beleid waarin dierlijke mest niet louter als afval- of probleemstroom wordt bekeken, maar als bron van waardevolle nutriënten. Tegelijk vragen we werkbare voorwaarden voor de Vlaamse praktijk. Boerenbond zal daarom ook formeel reageren in de Europese bevraging.
Van dierlijke mest naar kunstmestvervanger
Sinds februari 2026 bestaat op Europees niveau een specifiek kader voor RENURE, of REcovered Nitrogen from manURE. Het gaat om stikstofhoudende meststoffen die uit dierlijke mest worden teruggewonnen en die, mits voldaan wordt aan specifieke voorwaarden, bovenop de klassieke grens van 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare kunnen worden gebruikt. Hiervoor werd de nitraatrichtlijn aangepast.
Deze stap komt niet uit de lucht vallen. De uitbreiding van de mogelijkheden om gerecycleerde nutriënten uit dierlijke mest als alternatief voor kunstmest in te zetten, werd al aangekondigd in de Europese Fertiliser Action Plan van mei 2026. Daarin gaf de Europese Commissie aan te willen onderzoeken hoe de bestaande RENURE-regels konden worden uitgebreid naar bepaalde vloeibare digestaten uit dierlijke mest. Het huidige ontwerpvoorstel geeft daar nu concreet uitvoering aan. Daarmee past het voorstel in de bredere Europese ambitie om de afhankelijkheid van ingevoerde en energie-intensieve kunstmest te verminderen en nutriënten binnen de landbouw meer circulair te benutten.
Belangrijk is dat deze Europese regeling niet automatisch in elke lidstaat van toepassing wordt: elke lidstaat beslist zelf of en hoe hij van de geboden mogelijkheid gebruikmaakt. Vlaanderen werkt momenteel nog aan de omzetting en concrete toepassing van het bestaande Europese RENURE-kader. Ook deze eventuele uitbreiding naar vloeibaar digestaat zal dus nog een Vlaamse vertaling moeten krijgen.
Onder de bestaande Europese regeling vallen drie product-technologiecombinaties: ammoniumzouten uit gaszuivering of emissiebehandeling, mineralenconcentraten uit omgekeerde osmose en struviet dat via precipitatie uit dierlijke mest wordt gewonnen.
De Europese Commissie wil die lijst nu uitbreiden met vloeibaar digestaat dat ontstaat na anaerobe vergisting en vervolgens wordt gescheiden met een decantercentrifuge. Het digestaat kan daarbij afkomstig zijn van landbouwkundige of agrovoedingsgrondstoffen en van bepaalde afzonderlijk ingezamelde bioafvalstromen. Dat laatste is belangrijk: het voorstel gaat dus niet zomaar over alle digestaat. Er is volgens de ontwerptekst een bijkomende scheidingsstap nodig.
Aan het ontwerpvoorstel ligt een nieuwe studie van het Joint Research Centre (JRC) van de Europese Commissie ten grondslag. De studie concludeert dat bepaalde digestaten vanuit agronomisch oogpunt minerale kunstmest minstens gedeeltelijk kunnen vervangen: vooral vloeibare fracties bevatten een hoog aandeel snel beschikbare stikstof en kunnen daardoor qua nutriëntenbenutting dichter bij minerale meststoffen aanleunen dan ruwe dierlijke mest. Tegelijk benadrukt het JRC dat digestaat geen uniform product is. De samenstelling en milieuprestaties worden bepaald door onder meer de gebruikte inputstromen, de vergistingstechniek, de nabehandeling en opslag, en de manier en het tijdstip waarop het product op het veld wordt toegediend. Volgens de studie kunnen de meeste milieurisico’s beheerst worden wanneer passende voorwaarden gelden voor deze verschillende stappen. Het JRC wijst bovendien op een economisch voordeel: een uitbreiding van de RENURE-regeling naar bepaalde vloeibare digestaten kan de vervanging van minerale kunstmest vergemakkelijken en kosten verminderen, vooral in regio’s met een hoge veedichtheid.
Waarom precies centrifugeren?
Vergisting zet organisch materiaal onder zuurstofloze omstandigheden om in biogas. Wat achterblijft, is digestaat. Dat bevat onder meer stikstof, fosfor, kalium en organische stof. Het precieze karakter van digestaat hangt sterk samen met de gebruikte inputstromen en met het vergistings- en nabehandelingsproces.
Voor de bemestende waarde is vooral de vorm waarin de stikstof voorkomt van belang. In bepaalde vloeibare digestaatfracties bevindt een groot deel van de stikstof zich in minerale, snel voor planten beschikbare vorm. Daardoor kan hun agronomisch gedrag dichter aansluiten bij minerale kunstmest dan dat van onbewerkte dierlijke mest. Het Europese Joint Research Centre (JRC) concludeert dat vervanging van minerale meststoffen door bepaalde digestaten vanuit agronomisch oogpunt haalbaar is, op voorwaarde dat kwaliteit, verwerking en toepassing goed worden beheerd.
Een decantercentrifuge gebruikt een hoge rotatiesnelheid om de vaste en vloeibare bestanddelen op basis van hun dichtheid van elkaar te scheiden. De techniek haalt ook fijne deeltjes uit de vloeibare fractie en zorgt daardoor voor een verdergaande scheiding dan eenvoudigere technieken. Daar staan een hoger elektriciteitsverbruik, investeringskost en onderhoud tegenover.
De scheiding verandert bovendien de verdeling van de nutriënten. Bij mechanische vast-vloeibaarscheiding blijft het grootste deel van de ammoniumstikstof en kalium in de vloeibare fractie, terwijl een groter aandeel organische stikstof en fosfor naar de vaste fractie gaat. Daardoor concludeert het JRC dat de vloeibare fractie interessant is als kunstmestvervanger.
Geen bijkomende 80 kg stikstof
Hier moeten we een belangrijke nuance maken. Het Commissievoorstel creëert geen nieuwe, bijkomende schijf van 80 kg N per hectare specifiek voor digestaat.
Volgens de bestaande RENURE-regeling kunnen de betrokken meststoffen onder voorwaarden tot 80 kg N/ha boven de grens van 170 kg N/ha uit dierlijke mest worden gebruikt. Het nieuwe voorstel wil het gescheiden vloeibare digestaat binnen diezelfde regeling onderbrengen.
Wie bijvoorbeeld al andere RENURE-producten binnen die ruimte gebruikt, krijgt door het voorstel dus niet nog eens 80 kg N/ha extra ruimte voor digestaat. Dat onderscheid is belangrijk om verkeerde verwachtingen bij landbouwers te vermijden en wordt ook zo meegenomen in de interne analyse van Boerenbond.
Milieuvoorwaarden blijven belangrijk
De Europese Commissie koppelt de verruiming aan verschillende voorwaarden. Bij het bepalen van de bemesting moet rekening worden gehouden met het risico op verliezen van stikstof naar water en lucht. Het voorstel schrijft voor deze materialen een kunstmestequivalentiecoëfficiënt van 1 voor. Ook een levende bodembedekking of gelijkwaardige maatregel moet waar mogelijk worden behouden.
Voor het vloeibare digestaat uit de nieuwe categorie zijn maatregelen tegen ammoniakverliezen bovendien verplicht. De ontwerptekst verwijst daarbij onder meer naar injectie of onmiddellijke inwerking, of gelijkwaardige maatregelen.
Daarnaast moeten lidstaten rekening houden met andere Europese milieuverplichtingen en bijkomende maatregelen nemen rond onder meer Natura 2000-gebieden en waterwingebieden. Er moet ook een regeling komen waarmee op bedrijfsniveau de fosforbemesting wordt afgestemd op de gewasbehoefte, de bemesting en de bodem.
Belangrijke wetenschappelijke Vlaamse inbreng
Voor Boerenbond is het belangrijk dat regelgeving over circulaire meststoffen zoveel mogelijk wetenschappelijk en op de eigenschappen van het eindproduct wordt gebaseerd.
De nieuwe Europese stap wordt ondersteund door een omvangrijke studie van het JRC. Opvallend is daarbij de sterke Vlaamse wetenschappelijke inbreng: prof. Erik Meers van UGent behoort tot de auteurs van de studie.
Het nieuwe JRC-onderzoek concludeert onder meer dat bepaalde digestaten minerale meststoffen minstens gedeeltelijk kunnen vervangen en dat veel van de potentiële milieueffecten beheersbaar zijn wanneer correcte inputmaterialen, verwerking, opslag en toedieningstechnieken worden toegepast.
Boerenbond heeft mee druk gezet op Europa
Deze opening komt niet uit het niets. Boerenbond dringt al geruime tijd aan op meer circulair gebruik van nutriënten uit dierlijke mest. Daarbij vragen we Europa om minder afhankelijk te worden van ingevoerde en energie-intensieve kunstmest en meer ruimte te geven aan nutriënten die binnen de Europese landbouw zelf beschikbaar zijn. In eerste instantie kan dat via onbewerkte runderdrijfmest in derogatie. Daarnaast zijn innovatieve toepassingen zoals het ammoniumsulfaat uit een stripper-scrubber of nu ook het digestaat uit bijvoorbeeld een pocketvergister, nuttige stromen waar gebruik van moet gestimuleerd worden, in plaats van tegengewerkt.
Dit werd ook via Copa-Cogeca Europees aangekaart. In de eerdere RENURE-consultatie pleitte Copa-Cogeca onder meer voor een snelle goedkeuring van het Europese kader en voor technisch werkbare criteria. Daarbij werd bijvoorbeeld uitdrukkelijk gevraagd dat de regelgeving innovatie niet onnodig zou beperken door enkel bepaalde productietechnieken toe te laten.
Die bredere inzet blijft voor Boerenbond essentieel. Digestaat is een interessante bijkomende piste, maar mag niet het eindpunt van het debat over circulair mestgebruik worden. Onze inzet gaat ruimer: beschikbare nutriënten uit dierlijke mest moeten veilig en efficiënt kunnen worden benut, zodat landbouwers minder afhankelijk worden van aangekochte kunstmest.
Tegelijk moeten we oog hebben voor de specifieke Vlaamse situatie. Het is van belang om een goed zicht te hebben op de inputstromen van vergisters en co-vergisters. De eigenschappen van digestaat hangen immers rechtstreeks samen met de gebruikte inputstromen.
Boerenbond dient reactie in
Het voorstel is nog geen definitieve Europese regelgeving. De Commissie heeft een publieke feedbackronde geopend. Vervolgens moet het ontwerp worden besproken door het Europese Nitraatcomité. Bij voldoende steun van de lidstaten volgt daarna nog een controleperiode voor het Europees Parlement en de Raad. De Europese Commissie beschrijft dezelfde verdere procedure voor het ontwerp.
De Europese Have your say-bevraging loopt tot 13 november 2026. Boerenbond zal hierin zeker een reactie indienen.
Daarbij zullen we het uitgangspunt van de Europese Commissie ondersteunen: nutriënten uit dierlijke mest die op een veilige en agronomisch efficiënte manier kunstmest kunnen vervangen, moeten daarvoor ook de nodige juridische ruimte krijgen. Tegelijk bekijken we kritisch of de voorgestelde technische en milieukundige voorwaarden voldoende werkbaar zijn voor de Vlaamse praktijk en hoe wordt omgegaan met de inputstromen in vergistingsinstallaties. Voor pocketvergisters op landbouwbedrijven is dit in ieder geval een positieve evolutie: het creëert bijkomend perspectief om het digestaat na de vereiste scheidingstechniek hoogwaardiger in te zetten als kunstmestvervanger en zo de nutriëntenkringloop verder op het eigen bedrijf te sluiten. Daarbij rijst zelfs de vraag of centrifugatie effectief een vereiste stap is.
De richting is alvast belangrijk. Europa erkent steeds nadrukkelijker dat dierlijke mest niet alleen een bron van emissies of nutriëntenverliezen is, maar ook een waardevolle Europese grondstof voor nutriënten én hernieuwbare energie. Voor een regio als Vlaanderen, met veel landbouwkundige kennis, mestverwerking en vergisting, is het belangrijk dat die omslag zich nu ook vertaalt in werkbare regelgeving.
Jaarcijfers van de Vlaamse landbouw: omzet Vlaamse land- en tuinbouw daalt met bijna 10%
Droogte, hitte, lagere prijzen en hogere kosten drukken de Vlaamse land- en tuinbouw in 2026: de omzet daalt met 9,5% en investeringen in verduurzaming komen onder druk te staan.
OVAM vindt vooral historische gewasbeschermingsmiddelen terug in Vlaamse bodems. Landbouwpercelen tonen lage concentraties, terwijl particuliere tuinen hogere waarden laten zien.
Bezoek de John Deere- en Kuhn-fabrieken tijdens een boeiende tweedaagse busuitstap op 9 en 10 februari 2027. Schrijf je tijdig in: de plaatsen zijn beperkt!
Vlaamse zeugenhouders gezocht voor extra metingen in vrijloopkraamhokken. DUOSEP-V verminderde in praktijkmetingen de ammoniak-, methaan- en geuremissie sterk. Interesse? Lees meer.
De Vlaamse Regering actualiseert de regressierechten voor varkens: nieuwe formules sluiten beter aan bij de huidige praktijk en verlagen de berekende mestproductie met ongeveer 10%.
Jaarcijfers van de Vlaamse landbouw: omzet Vlaamse land- en tuinbouw daalt met bijna 10%
Droogte, hitte, lagere prijzen en hogere kosten drukken de Vlaamse land- en tuinbouw in 2026: de omzet daalt met 9,5% en investeringen in verduurzaming komen onder druk te staan.
OVAM vindt vooral historische gewasbeschermingsmiddelen terug in Vlaamse bodems. Landbouwpercelen tonen lage concentraties, terwijl particuliere tuinen hogere waarden laten zien.
AVBS vraagt de federale regering het btw-tarief van 6% op bloemen en planten te behouden. Een verhoging maakt groen duurder, zet de sierteeltsector onder druk en botst met de nood aan meer groen.
De startnota voor de Noord-Zuidverbinding in Wetteren is goedgekeurd, maar een tracé ligt nog niet vast. Ontdek welke alternatieven onderzocht worden en hoe je tot 17 december 2026 kunt reageren.