Volle belangstelling voor demodag over bodemgezondheid, rantsoen en koolstofopslag
Wat hebben het rantsoen van melkkoeien, bodemkwaliteit en koolstofopslag met elkaar te maken? Dat werd duidelijk tijdens de demodag 'Bodem als basis: van rantsoen tot koolstofopslag' op het melkveebedrijf van Peter Bauwens in Sint-Lievens-Esse (Herzele).
Zo'n 60 geïnteresseerden zakten af naar het bedrijf. Na een korte verwelkoming stond de voormiddag in het teken van de bedrijfsvoering van Peter en de keuzes achter zijn rantsoen en bodembeheer. Na de lunch ging B3W dieper in op de wisselwerking tussen bodem en rantsoen en op hoe het rantsoen van Peter er vandaag uitziet. Boerenbond plaatste dit vervolgens binnen het ruimere verhaal van koolstoflandbouw en de koolstofmarkt. Een rondgang over de velden met een softijsje van verse melk sloot de dag af.
Gras als basis van het rantsoen
Peter nam de bezoekers mee in de evolutie van zijn bedrijf. Waar het rantsoen vroeger bestond uit maïs en soja, vormt gras vandaag de basis. Dat wordt aangevuld met onder meer klaver, voederbieten, geplette gerst en haver, rogge, veldbonen, koolzaadschroot, droge pulp en lijnzaad.
Peter zet de koe centraal in zijn bedrijfsvoering. Vanuit de vraag wat een koe echt nodig heeft, maakt hij zijn keuzes rond voederproductie, teelten en bodembeheer. Daarom koos hij ervoor om zijn Holsteinkoeien in te kruisen met Fleckvieh en Brown Swiss, met als doel robuustere koeien die veel ruwvoeder kunnen omzetten in melk. Daarnaast probeert hij zoveel mogelijk voeder en krachtvoer op het eigen bedrijf te produceren, zodat hij zo weinig mogelijk afhankelijk is van externe aanvoer. Die aanpak moet leiden tot een goede melkproductie, kwaliteitsvolle melk met een hoog gehalte aan omega 3-vetzuren en een sterke kringloop op het bedrijf.
Peter benadrukte dat verandering begint bij de overtuiging dat het ook anders kan: "We moeten ervan overtuigd zijn dat het anders kan." Volgens hem zijn landbouwers doorheen de jaren soms steeds afhankelijker geworden van externe inputs. Daarmee bedoelde hij niet dat landbouwers de realiteit niet kennen, maar wel dat het systeem steeds verder is afgedreven van wat vroeger werkte: de bodem voeden, kringlopen sluiten en vertrekken vanuit de natuurlijke behoeften van de koe. Met zijn bedrijf wil hij tonen dat het mogelijk is om opnieuw sterker te vertrekken vanuit die basis: een gezonde bodem, kwaliteitsvol ruwvoeder en een koe die centraal staat.
De bodem als basis van het bedrijf
De zorg voor de bodem loopt als een rode draad door het bedrijf. Peter werkt sinds 2010 ploegloos, gebruikt geen kunstmest en zet in op een doordachte teeltrotatie. Op de 85 hectare worden verschillende gewassen geteeld voor het voeder van de dieren en de afzet van mest. Grasland en gras-klaver nemen een belangrijke plaats in, naast granen, rogge, veldbonen en voederbieten.
Na de lunch verdiepten Zoë Borry en Stijn Pauweleyn van B3W de koppeling tussen bodem en rantsoen. Minder afhankelijk zijn van externe inputs vraagt sterke kringlopen op het bedrijf. Gras-klaver kan de behoefte aan kunstmest verkleinen, terwijl eigen granen een deel van het aangekochte krachtvoer kunnen vervangen. Dat leidde tot een interessante wisselwerking met het publiek, met veel vragen en boeiende gesprekken tussen de aanwezigen.
Vanggewassen als natuurlijke stimulans
In de samenwerking tussen B3W en Peter werd onder meer geëxperimenteerd met een tussenvanggewas tussen twee teelten. Zo blijft de bodem langer bedekt, kan de bodemstructuur verbeteren en komt er extra diversiteit in de rotatie.
Een vanggewas neemt bovendien tijdelijk koolstof en stikstof op. Wanneer het later wordt ingewerkt, komen die opnieuw beschikbaar voor de bodem en de volgende teelt. Tijdens het veldbezoek benadrukte Zoë Borry daarom: "Vanggewassen zijn de beste biostimulant die je kunt krijgen."
Kansen en uitdagingen van de koolstofmarkt
Silke Kusters van Boerenbond plaatste het verhaal binnen de bredere context van koolstof, zowel binnen als buiten de landbouw. Koolstoflandbouw krijgt ook een plaats binnen de vrijwillige koolstofmarkt. Een koolstofcredit staat voor één ton CO₂-equivalent die is vermeden, verminderd, verwijderd of opgeslagen. Dat kan nieuwe kansen bieden voor landbouwers die inspanningen leveren.
Tegelijk is de markt nog volop in ontwikkeling. Betrouwbare en betaalbare monitoring blijft een uitdaging. Ook moeten er duidelijke afspraken komen over additionaliteit, permanentie en het vermijden van dubbeltelling. Bovendien moet het verdienmodel werkbaar blijven voor de landbouwer.
Bodemmaatregelen moeten in de eerste plaats passen binnen het bedrijf en op langere termijn bijdragen aan een sterkere en weerbaardere bedrijfsvoering.
Van theorie naar het veld
De dag werd afgesloten op het veld, met een softijsje als extraatje. Peter toonde welke maatregelen hij uitprobeerde en hoe hij stap voor stap meer aandacht geeft aan zijn bodemkwaliteit. B3W maakte het verhaal zichtbaar aan de hand van profielkuilen. Zo kregen de deelnemers een concreet beeld van de bodemstructuur, de beworteling en de effecten van de gekozen aanpak.
De belangrijkste boodschap van de dag was helder: rantsoen, gewaskeuze, mest, bodem en klimaat zijn nauw met elkaar verbonden. Er bestaat geen standaardrecept dat op ieder bedrijf past. Wel begint verandering met de overtuiging dat het anders kan, gevolgd door experimenteren, goed kijken naar de bodem en leren uit de praktijk.
De droogte drukt in 2026 de opbrengst en sortering van Innovator en Challenger flink onder het vijfjarig gemiddelde. Beregende percelen doen het beter, terwijl de frietkwaliteit uitstekend blijft.
Droogtetolerante rassen, ziekteresistenties en druppelirrigatie kunnen aardappelteelt weerbaarder maken. Maar welke aanpak biedt telers én afnemers de meeste zekerheid?
Robotisering wint terrein in de tuinbouw, maar de doorbraak in vollegrondsgroenten vraagt meer dan slimme technologie. Ontdek waarom vertrouwen, arbeidskrapte en de inrichting van teelten bepalend zijn.
Het Demoproject 'Agro-Ecologie in de melkveehouderij: implementatie door inzicht' brengt de economische impact van agro-ecologische technieken in de melkveehouderij in kaart. Ontdek hoe de Routeplanner Melkvee helpt om keuzes zoals meer gras of eigen voedergewassen door te rekenen.
Hoe kan je als melkveehouder je bodem optimaal soigneren? Stijn Dewulf uit Ledegem en Mattias Braem uit Beveren-Waas legden tijdens een symposium van VLAM en BCZ op het bedrijf van Mattias uit hoe zij hiermee omgaan.
Het organischestofgehalte verhogen in de bodem wordt terecht als een belangrijke hoeksteen gezien van agro-ecologische landbouw. Maar in Vlaamse bodems is de pH evenzeer een werkpunt, net als het voorkomen van bodemverdichting
Op 6 oktober startte de 190ste bietencampagne in België. Ondanks de droge zomer hielden de bieten zich relatief goed, al wordt een iets lagere opbrengst en een kortere campagne verwacht.
In biologische wintergranen bleek laat zaaien de meest betrouwbare aanpak tegen winteronkruiden. Vroeg zaaien kan ook, maar vraagt een goed getimede wiedegstrategie.