Maarten Van Schoonbeek runt samen met zijn vader en broer een gemengd akkerbouw‑ en vleesveebedrijf. Een deel van het vlees verkopen ze via de korte keten. Controles neemt Maarten erbij, al mag voor hem de klemtoon gerust wat meer op begeleiding liggen. “Met meer begeleiding en minder controles zou het resultaat hetzelfde zijn, en de wereld zou er een beetje mooier uitzien.”
De tractoren en hun chauffeurs krijgen weinig rust als we het bedrijf van Maarten, diens broer Vincent en vader Eugène bezoeken. De voorjaarswerkzaamheden zijn nog volop bezig. Maarten is bezig met de zaaibedbereiding voor de cichoreiteelt. Een vorenpakker vooraan verfijnt de bodemstructuur. Dat is niet alleen welkom voor wat er achteraan volgt, maar ook voor de landbouwjournalist die in de cabine notities probeert te maken. Achteraan maken de aandrukrol, nivelleerbalk, tandencombinatie, aandrukrol en verkruimelrol de zaaibedbereiding af. Doel is het bereiden van een vals zaaibed, waarna na een oppervlakkige bewerking de cichorei de grond ingaat.
“Het oogsten van de knolgewassen en drijfmest injecteren laten we doen. De rest doen we zo veel mogelijk zelf. Mijn broer maait momenteel spinazie, terwijl mijn vader spuitwerkzaamheden uitvoert”, vertelt Maarten terwijl hij handig met zijn tractor op en af rijdt. Nog tot middernacht zal hij die dag verder werken. In het veld bepalen de weersomstandigheden de werkuren. Of die overuren ook uitbetaald worden, zal pas bij de oogst blijken.
Oesterzwammen
Als 45-jarige heeft Maarten het bedrijf al eens grondig zien evolueren. Al vrij snel na het middelbaar wist hij dat hij het ouderlijk gemengd landbouwbedrijf verder wilde uitbouwen. Broer Vincent had dezelfde ambitie. Om een extra inkomen te kunnen genereren bouwden ze de varkensstal uit tot een oesterzwamkwekerij. “Van september tot april deed ik de oesterzwammen; de rest van het jaar werkte ik mee op het bedrijf. Mijn broer heeft die tak verdergezet en uitgebouwd. Uiteindelijk zullen we tien jaar oesterzwammen op het bedrijf geteeld hebben.” Voor de teler komt de teelt van oesterzwammen meestal met een vervaldatum. De massale aanwezigheid van sporen verhoogt op termijn het risico op allergische reacties. “Nu zijn er ook al variëteiten die veel minder sporen produceren. Het was een goede leerschool, en een noodzakelijke overbruggingsperiode om de akkerbouw en vleesveetak verder uit te breiden.”
Bief Exclusief
In 2010 kwam er op een nieuwe locatie een vleesveestal. Maar onder de druk van de nijpende stikstofwetgeving moesten de dieren in 2024 de stal weer verlaten. “De stal lag in de oksel van Natura 2000-gebieden. Het is hier in de streek één groot lappendeken. We hebben met spijt in het hart de stalinrichting eruit gehaald en gebruiken die nu als machineloods.” Ook de bouw van een biovleeskippenstal kreeg geen vergunning. De rundveetak wordt op een derde locatie op kleinere schaal voortgezet. Onder de naam Bief Exclusief wordt een deel van het vlees wordt in de korte keten rechtstreeks naar de consument vermarkt. “Met uitzondering van wat soja gebruiken we enkel enkelvoudige grondstoffen in het rantsoen van onze dieren, afkomstig van eigen velden”, legt Maarten uit.
Compost
Het zwaartepunt van het bedrijf ligt vandaag bij de akkerbouwtak. Daar vormen cichorei, bieten en graangewassen de belangrijkste teelten. Bij de industriegroenten gaat het om winter- en lentespinazie, rapen, koolrapen en boerenkool. Rapen en bieten worden grotendeels op het bedrijf gereinigd. “De aarde afkomstig van het reinigen, mengen we met de stalmest en met maaisel van beheerovereenkomsten en zetten we om tot compost. Op die manier verkrijgen we een waardevol product dat we kunnen inzetten voor het verbeteren van onze bodems.”
Administratieve druk
Wie veel doet, wordt ook veel gecontroleerd. “Het afgelopen jaar kwam het FAVV twee keer over de vloer, en kreeg ik controles op beheerovereenkomsten, VLIF-steun en de perceelsaangifte. Daarnaast was er ook nog een controle voor het Belbeef-lastenboek. Ik weet niet hoe de controledruk in andere sectoren is, maar in de land- en tuinbouw is die wel hoog”, ondervindt Maarten. “En als de administratieve last hoog is, is de kans dat er ergens een foutje insluipt ook groot. Ook al doe ik mijn uiterste best om elke fout te vermijden.”
Begrip tonen
Het is Maarten die op het bedrijf de administratie voor zijn rekening neemt, en tracht een foutloos parcours te rijden. “De laatste controles zijn allemaal goed verlopen. Het is mijn ervaring dat controleurs iets menselijker zijn dan 10 à 15 jaar geleden en vaker begrip tonen. In het verre verleden heb ik een paar slechte ervaringen gehad met intimiderende controleurs. Ik vond de controleur in kwestie toen ronduit arrogant, maar wie weet was ik toen zelf ook nog wat arroganter”, grijnst Maarten.
Vandaag ziet Maarten controles vooral als wat ze zouden moeten zijn: een feitelijke waarneming. “Door ter plaatse te discussiëren ga je het pleit niet winnen. Ik heb er wel al ooit een advocaat bijgehaald tijdens de controle en later beroep aangetekend. Ik heb dat beroep ook gewonnen. Mocht ik de situatie gerechtvaardigd vinden, zou ik het opnieuw doen. Er zijn mensen die een advocaat inschakelen om een verkeersboete te betwisten, dus ik zou niet weten waarom je je als boer niet mag laten bijstaan als je vindt dat een controle niet correct gebeurt.”
Aangekondigd is beter
Het onaangekondigd karakter van veel controles is volgens Maarten de grootste bron van stress. “Ik begrijp dat controlediensten in sommige gevallen een fout op heterdaad willen vaststellen, maar het merendeel van de standaardcontroles kan evengoed op afspraak. Als akkerbouwer ben ik vaak niet thuis en staan de controleurs voor een gesloten deur. Een afspraak maakt het dan veel makkelijker voor iedereen. Iedere dag heb ik een planning in mijn hoofd om mijn tijd zo goed mogelijk te besteden. We zijn bovendien sterk afhankelijk van het weer en groeistadia. Als je dan alles moet laten vallen voor een onverwachte controle, is dat frustrerend.”
default
Voor heel wat vaststellingen zou een voorafgaande afspraak bovendien geen enkel verschil maken. Of een gewas zich al dan niet (volledig) heeft ontwikkeld op een perceel, valt te elfder ure niet meer bij te sturen. “De feiten zijn wat ze zijn. Je kan een perceel of de teelt erop of een perceelsrand niet vlug wijzigen. Het heeft geen nut het zonlicht te ontkennen; daar wint niemand bij. En een woordje uitleg kan je beter geven als je de mogelijkheid krijgt om bij vaststellingen op het terrein aanwezig te zijn. Een brief achteraf met vaststellingen na een onverwachte perceelscontrole op het perceel mist soms zaken die je had kunnen duiden als je erbij kon zijn.”
“Controles op afspraak zou veel stress wegnemen.”
Out-of-the-box
Een fazant kijkt toe hoe Maarten rij na rij dichter komt, zonder zich schijnbaar al te veel zorgen te maken. Een reiger landt wat verderop. “Hoe meer vogels er bij grondbewerking op het land zijn, hoe liever ik het zie. Dat wijst op veel wormen en een rijk bodemleven”, wijst Maarten. Dat controles onvermijdelijk zijn, beseft hij ook. Controles op afspraak zou veel stress wegnemen. Maar misschien zijn er ook diepgaandere verbeteringen mogelijk. “Als ik eens out-of-the-box mag denken … Vandaag bestaan er tal van coaches: renovatie-, energie-, loopbaancoaches … Mochten ze de helft van het bestaande aantal controleurs inzetten als coach om boeren bij te staan in hun Mestbankaangifte of verzamelaanvraag, dan zou de wereld heel wat mooier zijn. En alle partijen heel wat minder stress bezorgen.”