Hoe gaat Frankrijk om met vaccineren tegen vogelgriep?
Aangemaakt op
De vogelgriep blijft een grote uitdaging voor pluimveehouders wereldwijd. Nu de voorspellingen wijzen op een zwaar vogelgriepseizoen, duikt de vraag naar vaccinatie opnieuw op. Werkt vaccinatie echt? En wegen de voordelen op tegen de kosten? Frankrijk nam alvast het voortouw met een vaccinatieprogramma dat zich richt op de eendenpopulatie – een segment dat bijzonder kwetsbaar is voor deze ziekte en van nationaal belang is voor de Fransen. In dit artikel bekijken we de ervaringen en lessen uit deze Franse aanpak.
Ellen de Jong, sectorconsulent
Frankrijk versus vogelgriep
Frankrijk heeft sinds enkele jaren proactief geïnvesteerd in een uitgebreid vaccinatieprogramma tegen de vogelgriep, met eenden als prioriteit. De keuze om zich op deze dieren te richten is enerzijds ingegeven door hun rol als mogelijke dragers van het virus, wat de verspreiding naar andere pluimveesoorten kan faciliteren, maar anderzijds ook naar het belang van hun nationale product de foie gras.
De eendenpopulatie in Frankrijk bestaat uit drie rassen. Eerst is er de Muscovy duck, volledig binnenshuis gekweekt voor vleesproductie, met rondes van 10 tot 12 weken. Daarnaast heb je de Pekin duck, die eveneens in stallen wordt gehouden. Tot slot is er de gevoeligste groep: de Mule duck, een hybride ras ontstaan uit de twee voorgaande. Deze eenden krijgen buitenbeloop en worden gekweekt voor foie gras. Na 12 weken gaan ze naar de afmestafdeling.
Tussen 2015 en 2024 kreeg Frankrijk te maken met vijf grote epidemieën. De zwaarste, net als bij ons, was die van het seizoen 2021-2022: toen werden maar liefst 1.377 uitbraken geregistreerd, vooral in het westen en zuidwesten van het land. Heel wat fokmateriaal werd hierbij vernietigd en de rol van de eendenpopulatie werd zeer duidelijk. De zones met het hoogste risico op uitbraken, waren namelijk die regio’s met ook de meest dense eendenpopulatie. Het vederkleed van eenden blijkt dan ook een grote rol te spelen in de verspreiding van het virus. De ‘klassieke’ strategie van opruimen van de besmette bedrijven en het instellen van een perimeter leek op dat moment niet efficiënt genoeg in Frankrijk. In 2023 waren er een derde minder uitbraken en wijder verspreid over het land.
Het vederkleed van eenden blijkt een grote rol te spelen in de verspreiding van het virus.
Vaccinatie-inspanningen
Voor een grootschalig vaccinatieprogramma uit te rollen, werden in Frankrijk eerst enkele gecontroleerde veldproeven uitgevoerd. De vaccins tegenover hoog pathogene vogelgriep zijn namelijk nog relatief nieuw, en in België zelfs nog niet commercieel beschikbaar. Ook werd een challenge proef (hierbij worden eenden onder gecontroleerde omstandigheden in het labo besmet met het vogelgriep al dan niet na vaccinatie, nvdr) uitgevoerd om na te gaan wélk vaccin nu inzetbaar was op grote schaal en wat men mag verwachten.
De verwachte resultaten na implementatie van een vaccinatieprogramma zijn:
Minder virusuitbraken: een duidelijke daling in het aantal uitbraken onder gevaccineerde populaties - wegens een significante daling van de uitscheiding van het virus na vaccinatie. De periode waarin dieren infectieus zijn, is ook opmerkelijk korter.
Economische voordelen: het beperken van uitbraken leidt tot minder productieverlies en lagere bedrijfskosten voor pluimveeproducenten. Dit moet echter met de nodige kanttekening worden bekeken: want tenslotte moet het vaccin ook betaald worden én wordt er vanuit Europa een intensief monitoringsprogramma geëist. Iemand moet dit ook betalen.
Sinds 1 oktober 2023 moeten alle eenden op productieniveau verplicht worden gevaccineerd in Frankrijk. Het vaccineren van de opfokdieren is niet verplicht. Ander pluimvee mag niet worden gevaccineerd. Er zijn twee vaccins voor handen, die beide vanaf de eerste levensdag kunnen worden toegediend. De ene moet onder de huid worden toegediend, de andere in de spieren. Ondertussen kregen al meer dan 33 miljoen eenden op zijn minst één injectie. Wekelijks worden gemiddeld 49% Mule ducks, 44% Muscovy en een kleine 7% Pekin ducks gevaccineerd.
Zoals hierboven reeds aangehaald, verplicht de Europese Unie wel een intensieve monitoring van de bedrijven. Deze monitoring bestaat enerzijds uit passieve opvolging en anderzijds uit actieve opvolging. Bij de passieve monitoring moet de pluimveehouder wekelijks swabs nemen van vijf dode dieren, waarop dan in een erkend laboratorium een PCR-test wordt uitgevoerd om het virus te detecteren. Voor de actieve monitoring moet een dierenarts maandelijks een bedrijfsbezoek uitvoeren, waarbij zestig gevaccineerde dieren moeten worden bemonsterd om opnieuw een PCR-test op uit te voeren. Indien de PCR-test bij een van deze monitors positief is, moet er een volledige screening worden gedaan op H5/H7. Tot slot moet er op het einde van iedere ronde een bloed analyse gebeuren van twintig dieren waarbij antistoffen worden onderzocht om de effectiviteit van de vaccinatiecampagne na te gaan.
Vaccinatie resultaten
Een kleine twee maanden na de start van de vaccinatiecampagne waren er een vijftal uitbraken bij kalkoenen. Hierop besloot men een derde enting te geven aan de Mule-eenden die zich in de hoogrisicozone bevonden. Op het einde van 2023 werd nog één uitbraak vastgesteld bij leghennen. In totaal werden in het seizoen 2023-2024 slechts tien uitbraken geteld van hoog pathogene vogelgriep, tegenover 364 uitbraken in dezelfde periode het jaar ervoor (voor de vaccinatie). De vaccinatie lijkt dus zijn werk te doen.
Toch waren er begin 2024 nog drie uitbraken op eendenbedrijven. Het ging om Muscovy-eenden van 74 dagen oud die reeds een keer geënt waren en op een bedrijf met Muscovy’s van 24 dagen oud (slechts één vaccinatie). In dezelfde gemeenten werd dan ook nog eens vogelgriep vastgesteld bij kalkoenen.
Dit wijst erop dat vaccinatie besmetting niet volledig kan voorkomen. Dit geldt uiteraard voor alle vaccins en bij alle diersoorten. Vaccinatie voorkomt niet dat een dier of mens besmet raakt, maar zorgt er wél voor dat de infectie veel milder verloopt. Symptomen blijven meestal uit, het virus vermenigvuldigt zich minder in het lichaam en wordt bovendien sneller en in een kortere periode uitgescheiden. Bij de vaststelling van het hoog pathogene vogelgriepvirus op het bedrijf, moet het alsnog geruimd worden en blijft het instellen van een perimeter van belang.
Toekomstige vooruitzichten
De ervaringen in Frankrijk onderstrepen het belang van samenwerking tussen overheid, wetenschappers en landbouwers. Het is immers de overheid die de vaccinatiecampagne voor 80% financieel ondersteunt in Frankrijk. Wetenschappers - net zoals onze Sciensano - blijven investeren in onderzoek naar het griepvirus, de ontwikkeling van vaccins en de herformulering van de vaccins zodat ze ook werkzaam blijven voor nieuw ontwikkelde stammen. Samenwerking blijft een hoeksteen voor het bereiken van duurzaamheid binnen de landbouw. Door voortdurend te investeren in innovatieve gezondheidsstrategieën kunnen we de veerkracht van de pluimveesector vergroten en de gevolgen van infectieziekten minimaliseren. Uiteraard blijft bioveiligheid de topprioriteit om vogelgriep tegen te gaan.
Binnen Vepek stelt men om een kosten-batenanalyse op inzake vogelgriepvaccinatie. Het is namelijk belangrijk dat we een duidelijk standpunt innemen in Europa. Zoals in dit artikel beschreven, gaat het niet alleen om de kostprijs van vaccinatie. Ook het uiterst intensieve monitoringsprogramma moet worden meegewogen. Verder moet men het alsnog opruimen van positieve bedrijven, ondanks vaccinatie, in rekening brengen. Het is belangrijk deze en de al dan niet succesverhalen uit onze buurlanden in overweging te nemen in onze strijd tegen vogelgriep.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Boerenbond bracht landbouwers in Ronse en Wetteren samen rond slim energiebeheer, met praktische inzichten over zonnepanelen, batterijen en kosten op het erf.
De stormschade van 27 op 28 juni heeft heel wat mais doen omvallen. Landbouwcentrum voor Voedergewassen publiceerde nu een beslissingsboom die je helpt te beslissen wat je moet doen na schade.
Campo Solar groeide in tien jaar van een tuinfeest uit tot een festival voor 30.000 bezoekers, met landbouw als hart van de beleving: tussen mais, bloemen en lokale smaken.
ILVO-onderzoekster Sarah Garré gaat op zoek naar mogelijkheden voor onze boeren om ook in de toekomst nog goed te kunnen blijven telen, ongeacht of het nu veel of weinig regent; Willem Rombaut vertelt over het Steunpunt Groene Zorg; en we maken kennis met Harvestis, de nieuwe naam van de fusie van het Proefstation voor de Groenteteelt in Sint-Katelijne-Waver en Proefcentrum Hoogstraten.