Koeien die probleemloos ouder worden en blijven presteren; daarvoor wil iedereen wel tekenen. Peter Claessens uit Wiekevorst doet het. In tijden van hypermoderne stalinrichtingen, geavanceerde sensoren en uitgebreide datavergaring vertrouwt Peter nog altijd op de beste sensor die er is … het menselijk oog.
Peter Claessens stond in de laatste MPR-jaarstatistieken van CRV voor 2024-2025 helemaal bovenaan in de tabellen voor gemiddelde levensproductie bij afvoer en voor gemiddelde levensproductie van aanwezige koeien. Dat is niet alleen een kwestie van leeftijd van de koeien, maar ook van productie, aangezien de ranking vooral opgemaakt wordt op basis van de gecombineerde kilogrammen vet en eiwit die de dieren weten voort te brengen. Gemiddeld gingen de koeien die het afgelopen jaar op het bedrijf werden afgevoerd 4,6 lactaties mee. Ze produceerden daarbij gecombineerd 4634 kg vet en eiwit. Van geen enkel bedrijf in de top tien haalden de koeien hogere gehalten (4,41% vet en 3,64% eiwit). Peter is daarbij niet aan zijn proefstuk toe. In de afgelopen vijf jaar was hij drie keer de nummer één en twee keer de nummer twee in het klassement voor levensproductie van de aanwezige koeien.
Als de binnenzak
“Ik doe naar mijn aanvoelen niets abnormaals. Ik werk gewoon op mijn manier.” Peter is allesbehalve een computerboer die via data-analyse het beste uit zijn koeien haalt. Liever staat hij tussen de koeien in zijn stal. “Ik ken mijn koeien zoals mijn binnenzak. Ik ben boer in hart en nieren. Ik ben gewoon zo geboren.”
Stielman zijn
De hoge levensproductie op Peters bedrijf is niet een doel op zich, maar het resultaat van zijn aanpak. Opvallend is dat hij niet beschikt over de nieuwste stal of modernste opvolgtechnieken. “Mijn stal is 57 jaar oud. Ik heb geen individuele koeherkenning of tochtigheidstdetectie. Maar ik heb wel mijn ogen. Het zit in de manager. Ge zijt stielman of ge zijt het niet”, knipoogt Peter. “Mijn vrouw Martine en ik zijn van dezelfde strekking; samen zorg dragen voor onze koeien. Ook de kinderen helpen ons zo goed als ze kunnen op de boerderij.”
Pabst Ideal
In 1994 namen Peter en Martine het ouderlijk bedrijf over. De huidige stal stond er toen ook al. Zij melken er ongeveer 80 koeien, droogstaande meegerekend. Sindsdien werd een oude varkensstal omgebouwd naar een stal voor jongvee en droogstaande koeien. De ambities lagen nooit bij het verder uitbreiden van de veestapel, maar wel in het verbeteren ervan. “Mijn ouders waren begin jaren 70 bij de eerste boeren hier in de streek om met zwartbonte stieren in te kruisen. Een van de eerst gebruikte stieren was de toen welkbekende Pabst Ideal.”
Fokkerij als hoeksteen
Ook vandaag is fokkerij de hoeksteen van Peters management. “Mijn koeien geven momenteel zo’n 10.000 liter, met momenteel ongeveer 4,7% vet en 3,8% eiwit. Ik selecteer op productie en gehalten, maar ook op de benen. Goede benen zijn het belangrijkste wat er is; die hebben ze heel hun leven nodig.”
Peter maakt via het CRV-Create programma gebruik van de nieuwste topstieren, vooraleer ze breed verkrijgbaar zijn. Om zijn veestapel in te schatten maakt hij gebruik van genomics. Op de 25% best presterende dieren gebruikt hij gesekst sperma. Daarnaast doet hij nog voor een deel aan embryoplantatie. Op driekwart van de koeien kan er op die manier een witblauwe stier als gebruikskruising worden ingezet.
Opvallend is dat Peter ook dekstieren heeft, zowel een Holstein- als witblauwtype. “Een stier is onmisbaar op het bedrijf om de probleemgevallen op een natuurlijke manier te dekken. Ik stop niet gauw met proberen om een koe opnieuw drachtig te krijgen. Zolang een koe melk blijft geven, maakt de tussenkalftijd mij niet veel uit.”
Die tolerantie voor koeien die moeilijker drachtig worden is geen nonchalance; wel integendeel. “Er wordt soms nog te weinig gerekend. Vaarzen opfokken kost veel geld, misschien wel 2000 euro per kop. Ik schat in dat mijn vervangingspercentage op iets meer dan 10% ligt. Dan heb je niet veel jongvee nodig.”
Lage ziektedruk
Alle kalveren krijgen na kalving onmiddellijk rond de drie liter biest, indien nodig met de sonde. Kalveren van vaarzen krijgen biest uit de diepvries, afkomstig van oude koeien. De kalveren worden niet gevaccineerd, maar gezien de lage ziektedruk is dat ook niet nodig. “De kalveren zitten in de stal, maar op een goed geventileerde plek. Indien mogelijk, laat ik ze snel buiten. Mijn ervaring is dat een gezond jong kalf prima tegen de weerselementen bestand is; zelfs vaak nog beter dan de pas afgekalfde moeder.”
Met een huiskavel van 11 ha beschikt Peter over voldoende graasweides. Voor Peter is die beweiding – naast zelf consequent klauwbekappen - een van dé sleutelelementen om tot langleefbare koeien te komen. “Beweiden is een grote troef voor de klauwgezondheid, nog veel meer dan soms slecht toegepaste klauwbaden. De goedkoopste stal is buiten. Als de weersomstandigheden het toelaten, laat ik ze zo lang mogelijk op de weide. Vorig seizoen heb ik de koeien een laatste keer op de weide gelaten op Nieuwjaarsdag. Eind april, na de eerste snede, gaan ze weer buiten.”
Eigen gevoel is best
In de stal hebben alle koeien ruim plek aan het voederhek. Peter stelt zelf het rantsoen samen, dat bestaat uit gras, mais en perspulp. Alle koeien krijgen hetzelfde basisrantsoen. Zeker één keer per dag worden de koeien vastgezet. Met de kruiwagen voert Peter de eiwitkern, waarbij al een stuk gedifferentieerd kan worden. Een krachtvoerbox is er niet. In de eenvoudige 2 x 6 visgraat melkstal krijgen de koeien verder geïndividualiseerd krachtvoer. Het gemak van melkrobots zegt Peter voorlopig niets. “We melken al 40 jaar op dezelfde plaats en we doen het nog steeds graag. Ik moet mijn koeien tweemaal daags gezien hebben. Als er iets verkeerd is met een koe, heb ik het vaak al gezien nog voor de koe op haar plaats in de melkstal staat. We kregen vorig jaar een MCC-diploma voor melkkwaliteit, maar handschoentjes draag ik niet. Ik moet mijn koeien zelf voelen. Het eigen gevoel is best.”
Peter Claessen (60) en Martine Van Noten (54), Robin (27), Carolien (25) en Eveline (16)
Ontdek tijdens de Demoreeks Klimaat & Technologie praktische innovaties voor land- en tuinbouwbedrijven. Bekijk demo’s op het veld, stel vragen en laat je inspireren door concrete oplossingen uit de praktijk.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.