Aangepast geurbeleid biedt eindelijk meer perspectief voor veehouders
Aangemaakt op
De Vlaamse overheid heeft het geurbeleid voor veehouderijen aangepast. Daarmee wordt een belangrijke stap gezet richting meer rechtszekerheid en een meer evenwichtige afweging tussen landbouwactiviteiten en hun omgeving.
Voor Boerenbond zijn de aanpassing van het geurkader een noodzakelijke correctie van een beleid dat in de praktijk tot steeds meer juridische en vergunningsproblemen leidde voor bestaande zone-eigen veehouderijen. Daarnaast brengt het aangepaste geurkader opnieuw meer nuance zodat bestaande, vergunde bedrijven niet automatisch opnieuw worden beoordeeld alsof het om nieuwe projecten gaat.
We wijzen al geruime tijd op de knelpunten van het bestaande geurkader en de nood aan een realistischer en werkbaar beleid voor Vlaamse veehouders. Het nieuwe kader gaat nog altijd verder dan wat vóór 2021 gold, maar heeft nu wel explicieter oog voor landbouw als zone-eigen activiteit.
Problemen in de praktijk
Sinds de bijsturing van het geurbeoordelingskader in 2021 zorgde het geurbeleid in de praktijk voor steeds meer problemen bij vergunningsaanvragen van veehouderijen, ook bij loutere hernieuwingen van landbouwbedrijven die al helemaal ammoniakemissiearm zijn. Het geurkader werd steeds vaker een bijkomende en soms zelfs doorslaggevende drempel, bovenop andere complexe dossiers zoals stikstof en ruimtelijke ordening. Dit terwijl er in de praktijk voor omwonenden van deze landbouwbedrijven vaak niets was veranderd. Landbouwbedrijven die al jarenlang vergund waren en geen uitbreiding of wijziging van activiteiten vroegen, werden bij een eenvoudige verlenging van hun vergunning plots geconfronteerd met bijkomende geurvereisten. In de praktijk betekende dit dat bedrijven die historisch vergund waren en geen extra hinder veroorzaakten, alsnog een geurstudie en zelfs een saneringsplan moesten voorleggen, enkel omdat hun vergunningstermijn afliep.
De problematiek werd bovendien versterkt door de toename van zonevreemde functiewijzigingen in landbouwgebied. Nieuwe of omgevormde woningen zorgden in sommige dossiers voor extra geurdruk op bestaande bedrijven, met gevolgen voor hun verdere ontwikkelingsmogelijkheden.
Boerenbond sprak die bezorgdheden herhaaldelijk uit en drong aan op een meer proportionele en contextuele aanpak, met meer aandacht voor bestaande vergunde landbouwbedrijven in agrarisch gebied.
Lang aangekondigd
De bijsturing van het geurkader geeft uitvoering aan het Vlaams regeerakkoord, waarin wordt gesteld dat gedesaffecteerde bedrijfswoningen in landbouwgebied wel mogelijk zijn, maar altijd in respect voor en met aanvaarding van de gebiedseigen activiteiten, en dat het geurkader in dat kader wordt herbekeken.
Volgens een antwoord op een recente parlementaire vraag vertrekt de bijsturing van het geurkader vanuit twee duidelijke uitgangspunten. Zo moet het beleid beter rekening houden met de inspanningen die landbouwers de voorbije jaren al hebben geleverd, onder meer via investeringen in emissiereductie in het kader van het stikstofbeleid. Het mag niet de bedoeling zijn dat bedrijven die al fors hebben geïnvesteerd, bij een hervergunning of beoordeling opnieuw in de problemen komen door een cumulatie van normen of bijkomende verplichtingen zonder perspectief.
Bovendien moeten bijkomende maatregelen steeds technisch en economisch haalbaar blijven, zodat landbouwbedrijven ook na maximale inspanningen toekomstperspectief behouden. Tegelijk zou in het vernieuwde geurkader de ruimtelijke context explicieter worden meegenomen, met bijzondere aandacht voor de problematiek van zonevreemde bewoning. Nieuwe ontwikkelingen in de omgeving mogen niet automatisch extra druk zetten op bestaande landbouwactiviteiten, en het aangepaste kader moet vermijden dat zonevreemde woonfuncties onbedoeld doorwerken in de beoordeling van de geurimpact van vergunde landbouwbedrijven.
Wat is er aangepast?
Met de recente aanpassingen aan het geurbeleid wordt het bestaande geurbeoordelingskader verduidelijkt en beter afgestemd op andere beleidskaders, zoals het stikstofdecreet. Nieuw is ook dat bij functiewijzigingen naar wonen in landbouwgebied explicieter wordt gevraagd om rekening te houden met de bestaande landbouwcontext, zodat ruimtelijke beslissingen niet automatisch bijkomende beperkingen opleggen aan omliggende veehouderijen. Het nieuwe beoordelingskader heeft als doel om de toepassing van het beleid te uniformiseren en te zorgen voor een duidelijkere leidraad voor vergunningverlenende overheden.
Concreet betekent dit onder meer:
een sterkere bescherming van zone-eigen landbouwactiviteiten in agrarisch gebied;
meer nuance bij de beoordeling van geurhinder, met aandacht voor de specifieke ruimtelijke context én de inspanningen uit het verleden;
meer proportionaliteit;
een erkenning van het onderscheid tussen bestaande situaties en nieuwe projecten.
Positieve stap, maar waakzaamheid blijft nodig
Boerenbond is voorzichtig positief dat het geurbeleid eindelijk werd aangepast en dat een aantal pijnpunten uit het verleden worden erkend. Dit aangepaste kader zorgt voor meer rechtszekerheid en voorkomt dat geurbeleid automatisch een bijkomende blokkering vormt voor vergunningsverlening in de landbouw.
Tegelijk blijft Boerenbond het verdere verloop kritisch opvolgen. De concrete toepassing door vergunningverlenende overheden zal bepalend zijn voor het succes van deze bijsturing. Boerenbond blijft daarom in overleg met de overheid en blijft signalen uit de praktijk verzamelen om, waar nodig, verdere verbeteringen te bepleiten.
We benadrukken dat deze bijsturing geen eindpunt is. De toepassing op het terrein zal moeten uitwijzen of het aangepaste kader effectief bijdraagt aan rechtszekere en werkbare vergunningverlening, zonder afbreuk te doen aan de bescherming van omwonenden.
Bayer toont op zijn proefplatform hoe gewasbescherming evolueert naar gerichte, goed getimede combinaties. Van aardappelen tot tarwe en mais: resistentie, timing en formulering bepalen steeds vaker het verschil.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.
De stormschade van 27 op 28 juni heeft heel wat mais doen omvallen. Landbouwcentrum voor Voedergewassen publiceerde nu een beslissingsboom die je helpt te beslissen wat je moet doen na schade.
Peilbesluiten bepalen waterpeilen in Vlaanderen en beïnvloeden landbouw, natuur en bedrijfsvoering. Ontdek hoe de procedure verloopt, waar inspraak mogelijk is en wat de impact is op percelen.
VMM werkt aan een totaalplan voor de Getestreek om wateroverlast beter op te vangen, met maatregelen per deelgebied en prioriteit voor woonkernen. De stand van zaken van dit klimaatrobuuste project.