10 jaar varkenscampus en 11 jaar melkveestal bij ILVO
Aangemaakt op
ILVO, UGent en HOGENT vieren het tienjarig bestaan van de onderwijs- en onderzoeksstal Varkenscampus in Merelbeke-Melle. In de stal werden 70 wetenschappelijke experimenten uitgevoerd naar diergezondheid, precisievoedering, dierenwelzijn en ammoniakemissies, en 6.000 stages, practica en workshops gegeven. ILVO viert tegelijk het elfjarige jubileum van zijn melkvee-onderzoeksstal. Daar staat de balans op meer dan 100 wetenschappelijke proeven, met een duidelijke focus op voeder- en emissieonderzoek. ILVO, UGent en HOGENT leidden voor de gelegenheid de gespecialiseerde pers rond.
Varkenscampus: tien jaar onderzoek
De Varkenscampus op de site van ILVO-Dier in Merelbeke-Melle is nog steeds uniek in zijn soort. De stal en het management zijn gericht op het gestructureerd verzamelen van diverse data. Dit gaat onder meer over individuele dierregistratie, individuele en groepsgewichten, voederverbruik, opvolgen van reproductieparameters, opvolgen van diergedrag en gezondheid (vb. mestscores, huidletsels en manken), karkasgegevens, vleeskwaliteit en klimaatparameters. Om dit nauwkeurig, objectief, uniform en snel te kunnen doen, werd de afgelopen jaren geïnvesteerd in sensoren, camera’s, dataregistratie via tablets en digitalisering via een eigen ontwikkelde applicatie (SmartFarm). Ook het gedrag van zeugen en biggen in de kraamstal wordt met nieuwe camera’s en artificiële intelligentie geanalyseerd.
Sarah De Smet, coördinator van de Varkenscampus (ILVO): “De Varkenscampus is een ongeëvenaarde bron aan data over en voor de varkenshouderij. Het onderzoek gebeurt ook altijd vraaggedreven en in praktijkrelevante omstandigheden, waardoor het snel vertaald kan worden naar toepasbare praktijken. Die beide aspecten zijn de grote sterktes van de Varkenscampus.”
In de stal liepen sinds de opening al 34 proeven van publiek gefinancierde onderzoeksprojecten, naast een 35-tal privaat gefinancierde proeven. In totaal komt dit neer op 86 vleesvarkensrondes, 71 biggenrondes en 34 kraamstalrondes. Daarmee was de stal elk jaar virtueel zo goed als ‘volgeboekt’. Waar de focus van de proeven enkele jaren geleden nog lag op het zoeken van alternatieven voor onverdoofde castratie van mannelijke biggen, vleeskwaliteit en hittestress, ligt deze vandaag op het verlagen van de ammoniakemissies, hogere bigoverleving in kraam- en biggenstal, precisievoedering en ondersteunen van de sector richting het houden van varkens met lange staarten.
Bart Sonck: “Het onderzoek in de Varkenscampus is er altijd op gericht de varkenshouderij te ondersteunen in economisch haalbare, maatschappelijk gewenste transities. Dat inspelen op actuele noden vergt ook blijvende investeringen in de infrastructuur en uitrusting.”
Varkenscampus: Investeringen
In het rijtje recente investeringen horen naast camera’s, sensoren, artificiële intelligentie en een software applicatie (SmartFarm) voor de verzameling van proefdata ook verbeteringen aan het stalklimaat door een hogedrukverneveling in de vleesvarkenscompartimenten en een innovatieve oplossing voor het winnen van hernieuwbare energie. Momenteel trekt ILVO op de site naast de Varkenscampus nog een nieuwe pilootfaciliteit op voor de productie van precisievoeders (Feed Pilot). Dit zal ILVO toelaten de eigen proefvoeders nog preciezer te formuleren en het gebruik van allerhande reststromen en nieuwe grondstoffen voor een circulaire veehouderij te onderzoeken. De Feed Pilot zal naar verwachting in april 2026 operationeel zijn.
De dagelijkse werking van de stal is in handen van Thomas Martens en vier dierverzorgers, maar tweemaal per jaar buigt een stuurgroep van ILVO, UGent en HOGENT zich dieper over de organisatorische en economische werking. Doorheen de 10 jaar samenwerking groeide een uitstekende vertrouwensband tussen de partners.
Bart Sonck: “Om de sector te kunnen blijven ondersteunen in de transitie naar vrijloopkraamhokken en om te voldoen aan emissienormen en varkens met lange staarten, zijn vandaag enkele concrete aanpassingen nodig. We denken bijvoorbeeld aan vrijloopkraamhokken, modulaire systemen waarbij de hokopstelling kan worden aangepast, een nieuwe luchtwasser en nieuwe betonnen mestopslag.”
Varkenscampus: 10 jaar onderwijs
De Varkenscampus heeft ook een belangrijke rol als onderwijsfaciliteit in de opleidingen Diergeneeskunde, Biowetenschappen en Bio-ingenieurswetenschappen van UGent en de afstudeerrichtingen Dierenzorg en Landbouw van de bachelor Agro- en Biotechnologie van HOGENT. Sinds de opening ontving de Varkenscampus in totaal bijna 6.000 studenten, adviseurs, veehouders en dierenartsen.
Studenten van de nabijgelegen UGent- en HOGENT-campussen kunnen er terecht om vaardigheden te leren tijdens practica, demonstratie en stages, en voor bachelor- en masterproeven met een onderzoeksluik. Het voordeel is dat de Varkenscampus erop gericht is grote(re) groepen studenten te ontvangen. Daarbij worden bioveiligheidsmaatregelen genomen zoals het naleven van een verplichte varkensvrije periode, douchen en het dragen van bedrijfskledij. Bovendien kunnen de studenten daarnaast makkelijk in interactie gaan met de onderzoekers, dierverzorgers en onderzoeksondersteuners.
Melkveestal: 11 jaar onderzoek
ILVO viert daarnaast ook 11 jaar melkveestal. De ILVO-kudde bestaat uit 140 melkkoeien met bijbehorend jongvee (vervangingspercentage van ca. 30%) en produceert jaarlijks gemiddeld 11.093 liter melk. Recent werd nog een bijzondere koe in de bloemetjes gezet, zij is 10 jaar oud en leverde al meer dan 100.000 kg melk. De unieke melkveestal is in twee grote onderzoekszones verdeeld, één voor voederonderzoek en één voor gedrags- of omgevingsonderzoek. In de stal werden de afgelopen 11 jaar meer dan 100 experimenten uitgevoerd, met een duidelijke focus op voeder- en emissieonderzoek. Ongeveer een kwart werd op vraag van bedrijven uitgevoerd. Daarnaast is er de laatste 5 jaar een duidelijke trend naar bijkomende experimenten op praktijkbedrijven.
De stalzone voor voederonderzoek bestaat uit 80 ligboxen en een visgraat-melkstand die melkanalyses van elke individuele koe mogelijk maakt. Belangrijk en uniek in Vlaanderen is dat de wateropname in groep en de ruwvoederopname individueel, per koe opgevolgd wordt met “roughage intake control” of RIC-bakken. Bovendien laat deze unieke installatie de onderzoekers toe om koeien tijdens experimenten in dezelfde fysieke ruimte te huisvesten, maar wel ander ruwvoeder te verstrekken. Krachtvoerautomaten en twee Greenfeed-installaties registreren elke individuele krachtvoeropname en methaanemissies. Voor emissie- en voederonderzoek bij beweiding zijn er enkele mobiele Greenfeeds beschikbaar. Verder worden de dieren opgevolgd, doordat ze na elke melkbeurt gewogen worden en ook hun body conditiescore opgevolgd wordt.
Copyright:Ivan De Clercq
Gras, maïs of alternatieve gewassen telen doet ILVO zelf, en het onderzoeken van de voederwaarde en/of -kwaliteit van deze ruwvoeders en krachtvoeders is een belangrijk expertisedomein. Deze gedetailleerde informatie wordt samengebracht in één zelf ontwikkelde database met applicatie (SmartFarm), waardoor onderzoekers precies weten hoeveel nutriënten de koeien hebben opgenomen.
Belangrijk voor het emissie-onderzoek in de melkveehouderij zijn de 6 hoogtechnologische Gas-Uitwisselings-Kamers (GUK’s) voor het meten van individuele emissies (broeikasgassen methaan, CO2 en lachgas en ook ammoniak), mest en urine. Dieren blijven maximaal enkele dagen in deze kamers, en enkel na goedkeuring door de Ethische Commissie Dierproeven. Daarnaast heeft ILVO 4 PAS-stallen om ook bij jongvee ammoniakemissies te meten en potentiële reductiemaatregelen te onderzoeken.
Leen Vandaele, wetenschappelijk directeur ILVO-Veehouderij en voormalig coördinator van het rundveeonderzoek: “Dankzij onze gespecialiseerde infrastructuur en onze voederexpertise weten we intussen dat bepaalde additieven en rantsoenen de uitstoot van methaan effectief kunnen verlagen. Vandaag lopen verschillende voederproeven en proberen we de tijd tussen labotest en stalproef te verkleinen, zodat we sneller kunnen komen tot oplossingen voor de emissie-uitdagingen van onze veehouders.”
De zone voor gedragsonderzoek in de stal telt 64 ligboxen (diepstrooiselboxen) met 2 melkrobots. Hier verblijven de koeien die niet in een voederproef zitten. In dit deel wordt o.a. met camera’s onderzoek gedaan naar de impact van aanpassingen in de huisvesting zoals beddingmateriaal en bezettingsdichtheid op diergedrag, welzijn, diergezondheid en melkproductie.
Melkveestal: Investeringen
Sinds de opening van de melkveestal in 2014 investeerde ILVO in de aanleg van een nieuw en overdekt kalverplein voor onderzoek naar jongvee-opfok en biestmanagement (2021). Ook de oudere infrastructuur voor het jongvee werd heringericht zodat daar meer ruimte is voor voederonderzoek, en er werden extra sleufsilo’s aangelegd voor het onderzoek naar specifieke rantsoenen en additieven. Een aantal van die sleufsilo’s werd uitgevoerd in gerecycleerde en cementloze beton in het kader van een onderzoek in samenwerking met Buildwise, het innovatiecentrum voor de bouwsector.
Copyright: Ivan De Clercq
ILVO heeft als een van de weinige onderzoekscentra in Europa ook een klein aantal gefistuleerde koeien. Deze koeien hebben een heelkundig aangebrachte, rechtstreekse (maar afsluitbare) toegang tot de pens of darm, waardoor de onderzoekers stalen van de pens- of darminhoud kunnen nemen en zo de vertering van het voeder in de darm nauwgezet kunnen opvolgen. Het onderzoek hier spitst zich vooral toe op het inschatten van de waarde van nieuwe voederstromen voor rundvee, denk maar aan reststromen uit de voedingsindustrie (bierdraf, koekjesmix, algenproducten,…).
ILVO investeerde tot slot in herkauwsensoren voor een groot deel van de koeien. Daarmee kan niet alleen de herkauwfrequentie, maar ook de temperatuur, de activiteit en gezondheid van de dieren opgevolgd worden. Deze sensoren worden ingezet in het voederonderzoek, maar zullen ook gebruikt worden om de impact van hittestress op de dieren in kaart te brengen.
Ontdek tijdens de Demoreeks Klimaat & Technologie praktische innovaties voor land- en tuinbouwbedrijven. Bekijk demo’s op het veld, stel vragen en laat je inspireren door concrete oplossingen uit de praktijk.
Ondanks de vele voorzorgen die werden genomen om het draaglijker te maken voor de dieren, heeft de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid voor oversterfte gezorgd op heel wat veehouderijen. Rendac heeft een achterstand, maar belooft er alles aan te doen om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
Beitems Bodemfestival bracht landbouwers, onderzoekers en machinebouwers samen rond bodemgezondheid, met demo’s, getuigenissen en praktijkinzichten over innovatie, precisielandbouw en duurzaam bodembeheer.