Menu

Laag pathogene AI: debriefing overleg Sanitair Fonds en FAVV

Terug naar Actualiteit
Het aantal bedrijven dat getroffen is door het laag pathogene aviaire influenzavirus H3 is opgelopen tot 59. Boerenbond dringt erop aan om snel werk te maken van een gecoördineerde bestrijding met een compensatie voor de waarde van de dieren.

Wouter Wytynck, adviseur Dierlijke Veredeling Studiedienst Boerenbond

Het aantal bedrijven dat momenteel getroffen is door het laag pathogene influenzavirus van het typte H3 is ondertussen opgelopen tot 59. Er zijn momenteel nog 5 bedrijven in onderzoek. Tot op heden blijft het wachten op een gecoördineerde bestrijding door het FAVV. Ondanks de bioveiligheidsmaatregelen blijven er nieuwe besmettingen bijkomen. Het is voor de sector al lang duidelijk dat het virus zich met de wind verspreidt. Zonder een efficiënte bestrijding is het een kwestie van tijd vooraleer het virus naar andere regio’s overslaat.  Daarom blijven wij sterk aandringen bij de bevoegde overheden om snel werk te maken van een gecoördineerde bestrijding met een compensatie voor de waarde van de dieren.

Extra bioveiligheidsmaatregelen op komst

Op 4 juni was er een overleg met het Sanitair Fonds, de sectororganisaties, het FAVV en vertegenwoordigers van het kabinet-Ducarme.  Op het overleg werden een aantal extra bioveiligheidsmaatregelen besproken die ervoor moeten zorgen dat het virus zich niet verder verspreidt. De bijkomende maatregelen zullen in een ministerieel besluit worden gegoten en zullen na publicatie in voege gaan. Het gaat om volgende maatregelen:

  • De controles door overheden, de personen en keuringsinstanties die in hun opdracht werken zullen voor een maand tot een minimum beperkt worden. Praktisch betekent dit dat in deze zone DGZ de controles in het kader van de officiële gezondheidscontrole van vermeerderingspluimvee en de OCI hun audits en controles nog enkel uitvoeren op expliciete vraag van de pluimveehouder. Ook schort het FAVV zijn serologische routinebewaking op de pluimveehouderijen en andere routinecontroles in deze zone tijdelijk op. Na 30 dagen zal het agentschap de situatie evalueren.
  • Er komt een verbod op het inleggen van broedeieren van besmette moederdierbedrijven tot 30 dagen na het verdwijnen van de klinische symptomen. Nadien kunnen broedeieren pas opnieuw ingelegd worden op voorwaarde dat de betrokken toom opnieuw een stabiele eiproductie vertoont.
  • De toegang tot het eierlokaal is op elk pluimveebedrijf verboden voor wie niet tot het bedrijf behoort.
  • Bij afvoer van dieren vanaf bedrijven waar het H3-virus is vastgesteld moet het bedrijf uiteindelijk volledig leegkomen, alle stallen en lokalen dienen tijdens de leegstand grondig gereinigd en ontsmet te worden en kunnen ten vroegste 21 dagen na voltooien van de reiniging en ontsmetting van alle stallen terug herbevolkt worden. 
  • Kratten, eiertrays en rollend materiaal die gebruikt worden op een besmet bedrijf moeten tweemaal gereinigd en met een erkend ontsmettingsmiddel ontsmet worden vooraleer zij opnieuw gebruikt mogen worden.
  • Elke toom opfokdieren, die moet verplaatst worden, wordt ten vroegste 7 dagen voor het vertrek serologisch en virologisch bemonsterd. Daarbij worden 10 sera en 18 cloacale swabs genomen. De dieren mogen enkel verplaatst worden indien de laboratiumanalyses de afwezigheid van het aviaire influenzavirus van het type H3 of beschermende antistoffen tegen dit virus vaststellen.
  • De gekanaliseerde verwerking van mest van besmette bedrijven wordt uitgebreid naar de niet-besmette stallen. De mest mag enkel afgedekt met een zeil of in gesloten containers vervoerd worden naar de site van verwerking.

De maatregelen worden door ons als onvoldoende beschouwd om de ziekte een halt toe te roepen. Feit is dat bedrijven zullen opzetten in een besmette omgeving en dat zal ervoor zorgen dat het virus blijft rondlopen. 

Hoe zit het met een mogelijke vergoeding?

Op de vergadering werd aangegeven dat de Europese Commissie bezwaar blijft maken tegen het gebruik van het Sanitair Fonds om de bedrijven te compenseren bij de ruiming van de dieren. De laag pathogene H3-stam staat immers niet op de OIE-lijst of de Europese lijst van de te bestrijden ziekten en het ziet er niet naar uit dat daar snel verandering in komt. Een vergoeding uit het Sanitair Fonds of andere overheidsmiddelen zal dus aanzien worden als staatssteun en zal naderhand dus door de bedrijven terugbetaald moeten worden. Dat is geen optie voor ons. Wij willen dan ook dat andere pistes snel worden bekeken. Zo stellen we voor om snel kapitaal via een lening ter beschikking te stellen aan de sector. Op dat moment kunnen we akkoord gaan met de ruiming van alle positieve bedrijven waar er symptomen aanwezig zijn. Ondertussen dient verder te worden gezocht naar pistes die wel de goedkeuring van Europa wegdragen.

We blijven ons inzetten om te komen tot een gecoördineerde bestrijding met een vergoeding voor de geruimde dieren. De vergadering van vandaag had niet het verhoopte resultaat, maar hopelijk vinden we de komende dagen toch aanknopingspunten die tot een doorbraak kunnen leiden.

Deel deze pagina: 

Meer informatie