Veepeiler spoort verborgen oorzaak van zeugenuitval op
Aangemaakt op
Een verhoogde uitval van zeugen is voor veel varkenshouders een frustrerend en kostelijk probleem. De uitdaging bestaat erin de werkelijke oorzaak te achterhalen. Dat bleek ook op een varkensbedrijf waar kreupelheid en pootproblemen al geruime tijd leidden tot een verhoogde uitval bij zeugen. Dankzij de begeleiding van Veepeiler kon de onderliggende oorzaak worden teruggeleid naar een belangrijke managementfactor: de naald- en spuithygiëne.
De problemen deden zich voor op een varkensbedrijf met 850 zeugen dat eigen gelten opfokt en biggen verkoopt op 7kg, en werkt in een tweewekensysteem. Omdat de verhoogde sterfte bij de zeugen bleef aanhouden, besloten de varkenshouder en zijn dierenarts om de problematiek grondig te laten analyseren via Veepeiler Varken. Veepeiler wordt gefinancierd door het Sanitair Fonds en ondersteunt de varkenshouderij via oa. tweedelijnsadvies.
Een hardnekkig probleem op het bedrijf
De veehouder en de dierenarts zagen kreupelheid en pootproblemen bij de zeugen als belangrijkste oorzaak van de uitval. Om meer inzicht in de problematiek te krijgen, besloten ze, na overleg met de regiodierenarts van DGZ, om extra informatie te verzamelen over de uitgevallen zeugen. Enerzijds door gedetailleerde gegevens in verband met de euthanasie bij te houden, maar ook door bijkomende onderzoeken uit te voeren. Zo kreeg de waterkwaliteit extra aandacht, aangezien afwijkingen de problematiek kunnen verergeren. Ook de voederkwaliteit werd onderzocht, met bijzondere aandacht voor vitamine D. Deze analyses leverden echter geen aanwijzingen op voor nutritionele tekorten, waardoor voeding als hoofdoorzaak minder waarschijnlijk werd.
Autopsie brengt de doorbraak
De doorbraak kwam er dankzij de autopsieresultaten op meerdere gestorven zeugen. Daarbij werd osteomyelitis en abcesvorming ter hoogte van de ruggenwervels vastgesteld bij verschillende dieren. Osteomyelitis is een bacteriële ontsteking van het bot die, net als de abcessen, kan veroorzaakt worden doordat kiemen via de bloedbaan in het bot terechtkomen. De vaststellingen verklaarden de klinische klachten, maar riepen tegelijk een nieuwe vraag op: hoe kwamen die bacteriën in het lichaam terecht?
De zoektocht naar de besmettingsbron
Daarop werd het bedrijf bezocht door de regiodierenarts, waarbij ze samen met de veehouder en de dierenarts op zoek ging naar mogelijke toegangspoorten voor die bacteriën. Daarbij viel op dat een groot deel van de zeugen abcessen hadden op plaatsen waar injecties waren toegediend. Daarnaast werden bij de zeugen in de kraamstal regelmatig kleine wondjes aan de achterpoten vastgesteld, vooral ter hoogte van de bijklauwen. Beide types verwondingen vormen ideale toegangspoorten voor kiemen die zich via de bloedbaan kunnen verspreiden naar het bot en de ruggenwervels.
Injectiehygiëne als ontbrekende schakel
Om deze hypothese te toetsen, werden stalen genomen van medicatieflesjes en injectienaalden. De resultaten lieten weinig twijfel bestaan: het merendeel van de stalen was sterk bacterieel verontreinigd, vaak met meerdere kiemen tegelijk en in hoge concentraties. Hiermee werd een structureel probleem in de hygiëne rond injecties aangetoond.
Volg de gouden hygiëneregel: reinig de spuiten na gebruik met warm water en bewaar ze koel en droog. Zo vermijd je contaminatie met bacteriën bij een volgende injectie en verklein je de kans op abcessen en osteomyelitis aanzienlijk.
Uit verder onderzoek bleek dat het correct gebruik van injectiemateriaal onvoldoende consequent gebeurde op dit bedrijf. Nochtans een belangrijk aspect om infecties te voorkomen. Samen met de varkenshouder werden daarom gerichte maatregelen uitgewerkt. Injectienaalden werden niet alleen sneller gewisseld (om de 10 zeugen), er werd ook hygiënischer omgegaan met het materiaal. Vanaf nu werd het injectiemateriaal na gebruik grondig gereinigd, goed gedroogd en koel bewaard. Daarnaast werd ook afgesproken om wondjes op de achterpoten goed in de gaten te houden en onmiddellijk te ontsmetten als ze worden opgemerkt, om ook via deze weg infecties te voorkomen.
Gerichte maatregelen, zichtbaar resultaat
Deze aanpak wierp snel zijn vruchten af. Tijdens een opvolgbezoek stelde men vast dat het aantal zeugen met abcessen sterk was afgenomen. Op plaatsen waar eerder abcessen te zien waren, was nu littekenweefsel aanwezig. Dit wijst op een sterk gedaalde druk. Ook de spuiten en naalden werden opnieuw gecontroleerd en scoorden deze keer goed. Alles wijst er dan ook op dat de positieve evolutie zich verder zal doorzetten.
De meerwaarde van tweedelijnsadvies
Dit praktijkgeval toont aan dat ogenschijnlijk kleine managementaspecten een grote impact kunnen hebben op de gezondheid en levensduur van zeugen. Injectiehygiëne wordt in de dagelijkse werking vaak routinematig uitgevoerd. Als ze niet consequent wordt toegepast, kunnen de gevolgen aanzienlijk zijn.
Het illustreert bovendien de meerwaarde van tweedelijnsbegeleiding. Door een bedrijf met een frisse, neutrale blik te analyseren, kunnen oorzaken aan het licht komen die in de dagelijkse bedrijfsvoering gemakkelijk onopgemerkt blijven.
Loop je op jouw bedrijf tegen gezondheidsproblemen aan waarvoor geen duidelijke verklaring wordt gevonden? Neem dan contact op met DGZ om de mogelijkheden van een begeleidingstraject (via Veepeiler) te bespreken.
Landbouwers kunnen tot 18 september 2026 subsidie aanvragen voor boslandbouw: tot 75% van de aanplantkosten, mits voldaan wordt aan strikte voorwaarden rond perceel, boomdichtheid en behoud.
Hoe kunnen innovatieve technologieën bijdragen aan een rendabele en betrouwbare koolstoflandbouw? Tijdens de Vlaamse Carbon Farming Dag brengen we landbouwers, technologieaanbieders, beleidsmakers en andere stakeholders samen rond de nieuwste ontwikkelingen in carbon farming.
In Boer&Bondig roepen we je op om jouw stem te laten horen over de MAP-meetpunten; we hebben het over waterzekerheid bij onttrekkingsverboden én rijden mee tijdens de vroegste tarweoogst ooit.
Wil je starten of overnemen in land- of tuinbouw en VLIF-steun aanvragen als jonge landbouwer? Volg het starterstraject en toon je vakbekwaamheid aan met opleiding type A vanaf september.