Op de eerste rij: 3 november 2022

2 november 2022
MAP 7

“Dit is er zo ver over, dat we er eigenlijk geen woorden aan moeten vuil maken!”, dat was de reactie van een van onze Hoofdbestuursleden afgelopen donderdag na de toelichting over de werktekst MAP 7. Met absolute verbijstering namen we vorige week kennis van de plannen die het kabinet van minister Demir en de VLM op tafel leggen rond het nieuwe Mestactieplan. Zonder overleg met de landbouworganisaties en zonder overleg met de regeringspartijen werd er een hallucinant pakket aan maatregelen bijeengezet dat naar mijn mening niets meer te maken heeft met het verbeteren van de waterkwaliteit. Dit gaat gewoon over het onderuithalen van de volledige Vlaamse voedselproductie. De zaken die we vandaag lezen, hebben grote gevolgen voor onze Vlaamse land- en tuinbouwers én voor de hele agrovoedingsketen, die 120.000 jobs vertegenwoordigt, en waar zoveel ministers verklaarden fier op te zijn. Dit staat zwaar in contrast met de bezorgdheid die ik overal hoor over onze eigen voedselproductie, waarmee we niet dezelfde historische fout mogen maken als met onze energieproductie. De aanpak van het kabinet van minister Demir is zo onredelijk dat het ons ondenkbaar lijkt dat de Vlaamse regering ook maar zou overwegen haar handtekening onder dit voorstel te zetten. Wanneer je op pagina 8 van dit nummer de inhoud van MAP 7 hebt gelezen, blijf je waarschijnlijk, net als wij, met veel ongeloof achter. Onze mensen zijn nu volop bezig met het maken van analyses. We staan in nauw overleg met onze collega’s van het ABS en doen samen een oproep aan de brede Vlaamse voedselketen. Samen met hen moeten wij een heel duidelijk signaal geven: “Dit plan bedreigt onze land- en tuinbouwers, dit plan bedreigt de werknemers in de bedrijven die onze verse producten verwerken, en dit plan bedreigt onze voedselproductie.”

Intussen reken ik op het gezond boerenverstand van ieder van jullie! Hoewel dit plan een pure provocatie is, moeten wij de kalmte en de rust proberen te bewaren, hoe moeilijk dat ook is.

Wij zullen, samen met hele voedselketen, de belangrijkste gevolgen van dit plan in kaart proberen te brengen. En als men daar niet naar wil luisteren, reken ik op elk van jullie om met waardige, maar duidelijke acties, onze boodschap aan heel Vlaanderen over te maken. Elke Vlaming heeft trouwens het recht om te weten dat men vandaag met zijn voedselzekerheid aan het spelen is!

Wij hopen in alle geval dat minister Demir in werkelijk overleg gaat met de sector en onze adviezen niet in de wind slaat. We zien nu in dat andere heikele dossier, namelijk het stikstofakkoord, waartoe dit leidt. Afgelopen week oordeelde de Raad voor Vergunningsbetwistingen, in wat nu al tot het ‘tweede stikstofarrest’ gedoopt wordt, dat het onderscheid tussen NOX en NH3 niet te handhaven valt. Hiermee wordt de hele ministriële instructie rond stikstof onderuitgehaald. Het bevestigt wat we van bij het eerste stikstofarrest steeds herhaald hebben: stikstof is stikstof, ongeacht of dit uit een stal of uit een fabrieksschoorsteen komt en dat industriële emissies geen ‘voorkeursbehandeling’ kunnen krijgen.

Het voorstel voor MAP7 zoals het nu voorligt is ronduit hallucinant!

Pensioen meewerkende echtgenoot goedgekeurd

De Kamer heeft vorige week het wetsontwerp in verband met het pensioen van de meewerkende echtgenoten goedgekeurd. Hierdoor komt er een einde aan een jarenlange ongelijke behandeling. De meewerkende echtgenoten die toen jonger waren dan 50 jaar zijn sinds juli 2005 verplicht om sociale bijdragen te betalen. Daardoor kon de groep tussen 35 en 50 jaar in de meeste gevallen niet aan een loopbaan komen van 30 jaar. De betaalde bijdragen waren dan ook verloren en leverden geen extra pensioen op. In de aangenomen wet wordt de voorwaarde van 30 jaar vervangen. Men moet twee derde kunnen aantonen van de loopbaan die start op 1 januari 2003 tot het kwartaal dat men met pensioen gaat. Hierdoor zullen heel wat meewerkende echtgenoten eindelijk krijgen waar ze recht op hebben: een eigen pensioen. Dat maakt dat ze op gezinsniveau méér zullen hebben dan het gezinspensioen. Héél, héél hartelijk dank aan minister Clarinval en de parlementsleden Nathalie Muylle en Leen Dierick.

Decretaal kader nationale en landschapsparken

Het gebrek aan een decretaal kader rond de parkenoproep zorgde het afgelopen anderhalf jaar bij heel wat land- en tuinbouwers voor veel onzekerheid en onrust. De impact van deze parken op bestaande bedrijven is immers zeer groot. Recent kwam de Vlaamse regering dan toch met een decretaal kader waarbij werd beslist om zowel de lokale besturen als de landbouworganisaties een plaats aan tafel te geven in de parkenbureaus. Vooral de lokale besturen krijgen een bepalende rol in het parkenverhaal. Dat is een stap in de goede richting, want zo krijgen lokale besturen de kans om erover te waken dat de land- en tuinbouwactiviteiten in en rond de parken niet in het gedrang zullen komen. We vragen dan ook aan de lokale besturen om deze handschoen op te nemen en om erover te waken dat er geen sprake zal zijn van beperkende maatregelen of bijkomende verplichtingen voor de land- en tuinbouwactiviteiten in en rond een park.