Signalisatie uitzonderlijk vervoer
Uitzonderlijke voertuigen moeten voorzien zijn van extra signalisatie:
Vooraanzicht
Op het uitzonderlijke voertuig moeten in het vooraanzicht twee rood-wit gestreepte panelen geplaatst worden om de uiterste breedte van het voertuig af te bakenen. De panelen moeten uitgerust zijn met een wit licht dat permanent brandt. Het bord met opschrift ‘uitzonderlijk vervoer’ moet op het voertuig zijn aangebracht.

Achteraanzicht
Ook in het achteraanzicht moeten twee rood-wit gestreepte panelen geplaatst worden om de uiterste breedte van het voertuig af te bakenen. De panelen moeten uitgerust zijn met een rood licht dat permanent brandt. Het bord met opschrift ‘uitzonderlijk vervoer’ moet op het voertuig zijn aangebracht.

Het uitzonderlijk voertuig moet uitgerust zijn met 3 zwaai- of knipperlichten, waarvan er 2 op de cabine en 1 links achteraan op de machine. Bijkomend moeten de “gewone” lichten permanent branden (ook overdag!), en zijn een extra gevarendriehoek en twee draagbare, geeloranje, enkelgerichte, elektronische flashlichten verplicht aanwezig bij het uitzonderlijk voertuig.
Let op
- Een uitzonderlijk landbouwvoertuig mag niet op de openbare weg komen in gevaarlijke weersomstandigheden (sneeuw, hagel, …)
- Een uitzonderlijk voertuig mag geen deelbare lading vervoeren (graan, paloxen, stro, zaaizaden, pootgoed…)
Nuttige publicatie

Deze brochure (november 2015) verduidelijkt de regels met betrekking tot de signalisatie van landbouwvoertuigen. De toepassing van deze regels leidt tot een verhoogde zichtbaarheid van de landbouwvoertuigen waardoor de andere weggebruikers in staat zijn op een veilige manier te anticiperen op de typische kenmerken van een landbouwvoertuig.