Boer in de Kijker: “Bij de boer zit veel kostbare kennis”
Aangemaakt op
Tussen de heuvels van Rillaar zetten Tom Nijs en Ann Geys al bijna tien jaar in op verbreding via de korte keten en groepsbezoeken. Op hun bedrijf Het Nijswolkje melken ze 75 schapen waarvan ze elke druppel melk verwerken tot yoghurt, kaas en ijs. Tom ontfermt zich over de melkverwerking, Ann neemt de rondleidingen op zich en begeleidt ook dagelijks twee tot vier zorggasten op het bedrijf.
De burger verbinden met de landbouw, dat is waar Tom en Ann hun levensmissie van maakten. Dat doen ze op verschillende manieren, en enkele weken geleden voegden ze daar een nieuwe activiteit aan toe. Tom trok naar Mechelen om les te geven aan leerlingen van het zesde middelbaar. Hij leerde hen kaasmaken en legde het verschil uit tussen koeien-, geiten- en schapenmelk.
Boerenwijs
“Ik vond voor de klas staan een mooie kans om middelbarescholieren te bereiken, want meestal krijgen we lagere scholen op bezoek”, vertelt Tom. “Ik merkte dat zij met veel vragen zitten waarop wij als boer het antwoord heel logisch vinden, en dat deed me beseffen dat er veel kostbare kennis in onze sector zit. Die moeten we meer naar buiten brengen.
Toen het team van Landbouweducatie Boerenbond mij de vraag stelde of ik een les zou willen geven in het middelbaar, heb ik daar niet zo lang over getwijfeld. Het project Boerenwijs zorgt voor de nodige ondersteuning, waardoor ik goed voorbereid was. Ik had eerst wel wat zenuwen, maar die waren snel weg.”
Les kaasmaken
Tom gaf een les over kaasmaken, want daarin is hij gespecialiseerd. Ook zijn vrouw Ann ziet lesgeven wel zitten, vertelt Tom: “Als de school iemand zoekt die les wil geven over ondernemen of economie, dan zou Ann daar perfect voor zijn. Zij is de kracht achter onze winkel en de zorgboerderij, en zij doet hier alle rondleidingen. Als je Ann hoort praten over ons bedrijf, kan je blijven luisteren. Dat is altijd vol passie.”
"Nooit durven dromen dat onze producten zo'n succes zouden worden."
Start hoevewinkel
Tom en Ann hielden tot tien jaar geleden als hobby enkele vleesschapen, tot ze beslisten het roer om te gooien en het ouderlijk bedrijf van Tom, waar oorspronkelijk melkvee stond, om te schakelen naar een heuse schapenhouderij met melk- en vleesschapen. Tom startte in 2012 met het volgen van opleidingen tot onder andere kaasmeester en ijsbereider. In 2015 kocht hij zijn eerste twaalf melkschapen om de geleerde theorie om te zetten naar de praktijk. Vanaf toen creëerde hij verschillende ambachtelijke producten op basis van verse schapenmelk. Nu, 10 jaar later, hebben Tom en Ann 75 schapen waarvan ze alle melk zelf verwerken tot een groot aanbod kazen, ijs en dessertjes. Daarbij hebben ze een hoevewinkel opgestart die heel goed draait. De schapen krijgen voer van eigen land, wat ook essentieel is in de bedrijfsvisie van circulariteit. “Elk jaar groeit ons bedrijf met ongeveer 15 melkschapen”, vertelt Tom. “Eind 2025 hopen we er dus 90 te hebben. We hadden nooit durven dromen dat onze producten zo’n succes zouden worden, en dat het verhaal van onze hoevewinkel zo wijd verspreid zou geraken.”
Tweede winkel
“We zouden graag ons zorgaanbod nog verbreden, en ook onze winkel willen we graag uitbreiden. We hebben plannen om een tweede winkel te openen zo’n 12 km verderop. We kochten een tijdje geleden het bedrijf van mijn oma in Linden, en daar zouden we een groter assortiment willen presenteren, met ook producten van andere lokale landbouwers. Misschien kunnen onze zorggasten wel helpen bij het uitbaten van die winkel. Dat moeten we allemaal nog bekijken.”
Zorgboerderij
Tom en Ann hebben beiden een achtergrond in de zorg. Tom was voor de overname ergotherapeut en Ann was orthopedagoge. Als zorgboerderij willen ze zich blijven inzetten voor mensen die het wat moeilijker hebben in de maatschappij. “Het begeleiden van de zorggasten neemt vooral Ann op zich”, zegt Tom. “Zij voelt heel goed aan welke noden elke zorggast heeft. Dat is écht bewonderenswaardig. Ze vinden hun rust hier, en wij proberen hen zo veel mogelijk als familie te behandelen. De klusjes die ze doen, hangen af van hun interesses en zijn gevarieerd.
Binnenkort begint het lammerseizoen terug en kan onze winkel opnieuw open. Als we geen lammetjes hebben, hebben we ook geen melk, en maken we dus ook geen producten. Dan is hier weinig te zien. Toch proberen we voor onze zorggasten in de winter ook klusjes te voorzien door te experimenteren in onze akkerbouw. We zijn nu bezig met het inpakken van quinoa. Enkele weken geleden kuisten we pompoenpitten. We hebben ook zoete mais gepland en verkocht aan de horeca. Zo creëren we het hele jaar door werk voor onze zorggasten.”
Schapen melken
“Met de eerste lammetjes van het jaar komen ook de eerste klassen terug. Vorig jaar kwamen er in totaal meer dan 50 klassen op bezoek. Het zal hier dus weer een drukke bedoening worden. Ook mensen die naar de winkel komen, mogen mee schapen melken. Soms melken we de schapen in het gezelschap van 20 kinderen tegelijk. Ik vind het heel mooi om die ervaring aan de burger en onze gemeenschap te kunnen bieden. Schapen melken is iets wat nog niet veel mensen gezien hebben. Wij zijn heel fier op wat we hier doen, en willen dat aan iedereen tonen die er interesse in heeft. Ik vind dat boeren vaker naar buiten mogen treden met hun bedrijf. We mogen écht trots zijn op wat we doen, maar ik begrijp dat verbreding niet voor iedereen weggelegd is.”