BT2342cartoon1

Tracering gewasbeschermingsmiddelen: memorandum is stap vooruit

18 oktober 2023

Eind vorige week ondertekenden een aantal federaties en organisaties van gebruikers, producenten en handelaars van of in gewasbeschermingsmiddelen het ‘Memorandum van overeenstemming inzake de opvolging van incidenten gelinkt aan gewasbeschermingsmiddelen en producten met een gewasbeschermende werking’. Dat moet de traceerbaarheid van ons dagelijks voedsel nog extra verbeteren, bovenop de toch al hoge standaarden die we voordien al hanteerden.

Stel je voor: je hebt je groenten of fruit opgekweekt en levert die met een uitstekende kwaliteit en in de best mogelijke condities af bij de veiling of een handelaar. Achteraf krijg je bericht dat er een maximale residulimiet (MRL) is overschreden. Vele soorten groenten en fruit ondergaan bijna standaard een residucontrole, wanneer ze op de veiling komen. Dat gebeurt ook geregeld bij heel wat andere land- of tuinbouwproducten bij levering in een handelskanaal of bij een verwerker. Die staalnames moeten waarborgen dat mogelijke restanten van gewasbeschermingsmiddelen beneden de wettelijk toegestane maximale normen blijven. Gelukkig werkte de voorbije periode het autocontrolesysteem van de telers (Vegaplan) goed, waardoor die konden aantonen dat er geen verkeerde teelthandelingen plaatsvonden. In het aangehaalde incident wees verder onderzoek uit dat er een probleem was met een van de door de teler gebruikte gewasbeschermingsmiddelen. Dat bleek een verontreiniging te bevatten met een niet voor die teelt erkende actieve stof, die dus helemaal niet mocht voorkomen in het residustaal. De bewuste teler was de dupe van het verhaal. Zijn product werd afgekeurd, waardoor hij het niet kon verkopen. Sommige producten kunnen in die situatie een tijdelijke blokkering verdragen, omdat je ze kan bewaren. Maar bij heel wat soorten groenten of fruit kan dat niet, en zit de teler (soms letterlijk) met de gebakken peren. De prijs van die producten is ondertussen ook onderhevig aan marktprijsschommelingen. Boerenbond vond dat er een einde moest komen aan dergelijke incidenten en sprak de federatie van gewasbeschermingsmiddelenproducenten Phytofar (nu Belplant) en ook het Voedselagentschap (FAVV) aan om hier iets aan te doen. Niet alleen veroorzaakt een dergelijke non-conformiteit economische schade bij de betrokken teler, die kan ook een grote impact hebben op de voedselveiligheid en bijgevolg op de gezondheid van de gebruikers.

Memorandum

Na heel wat gesprekken zijn het FAVV, Belplant, Phybelco, PhytoSystem, Phytodis, Boerenbond, ABS, VBT en FWA tot een afsprakenkader gekomen, dat ze hebben vastgelegd in het genoemde memorandum.

Er werd afgesproken dat de verantwoordelijken van gewasbeschermingsmiddelen (producenten of vergunninghouders voor parallelhandel, dat zijn handelaars die middelen invoeren en die met een speciale toelating op de markt mogen brengen) hun autocontrole intensifiëren, waardoor het risico op non-conformiteit daalt. Bovendien worden de resultaten van die autocontroles gedeeld, waardoor de transparantie toeneemt. Daarnaast zal het FAVV voorrang geven aan bemonstering en analyse van gewasbeschermingsmiddelen die een risico kunnen inhouden. Ook dat kan problemen helpen voorkomen, doordat reeds vroeg in de keten wordt ingegrepen.

De traceerbaarheid gaat bij land- en tuinbouwproducten al heel ver. Sommige telers van tomaten of aardbeien kunnen op basis van de productcode zelfs teruggaan naar de rij waarin die tomaten of aardbeien geplukt zijn. Tijdens de persvoorstelling stelde Boerenbondvoorzitter Lode Ceyssens namens het Agrofront en VBT dat het belangrijk is dat de traceerbaarheid van gewasbeschermingsmiddelen nu gegarandeerd wordt “tot aan de poort van het land- en tuinbouwbedrijf”. Wanneer zich nog incidenten zouden voordoen, kan de schade daardoor beperkt worden tot de niet-conforme loten gewasbeschermingsmiddelen. Bovendien werd afgesproken dat er een snellere procedure komt bij een tweede analyse. Daardoor zullen producten niet onnodig lang geblokkeerd blijven, zonder dat dit de risico’s voor de voedselveiligheid doet toenemen.

Bij het afsluiten benadrukte Ceyssens dat het positief is dat er nooit een risico was naar de volksgezondheid en dat de kwaliteitssystemen gewerkt hebben. “Maar die onzuivere gewasbeschermingsmiddelen hebben er wel toe geleid dat producenten van groenten of fruit een tijdlang met geblokkeerd product zaten. We hebben dit initiatief genomen, omdat we de oorzaak van het blokkeren van producten en de kosten die daaruit voortvloeien voor de betrokken land- of tuinbouwer echt tot een minimum wilden beperken.”

De industrie

Sylvain Moissonnier, voorzitter van Belplant, sprak namens de gewasbeschermingsindustrie. Hij stelde erg blij te zijn dat zijn organisatie samen met de andere partners vooruitgang kon boeken op het gebied van voedselzekerheid. “Dat is een essentiële kwestie voor ons allemaal. Het is de prioriteit en zelfs de bestaansreden van Belplant en haar leden. We zetten ons seizoen na seizoen in om de Belgische boeren de oplossingen te bieden die ze nodig hebben om hun gewassen te beschermen en veilig voedsel te produceren, in kwantiteit en tegen een betaalbare prijs voor de consument.” Voorts bevestigde hij de noodzaak van veiligheidsnormen met betrekking tot de goedkeuring, productie en distributie van gewasbeschermingsmiddelen. Hij benadrukte dat de zelfcontroleprocedures vandaag al zeer strikt gevolgd worden door alle leden van Belplant, maar juicht het toe dat de voortdurende verbetering van de normen de veiligheid van alle spelers in de voedselketen, consumenten en milieu, garandeert en nog verder verbetert. Tot slot wees Sylvain Moissonnier ook op de investeringen, die Belplant deed om de digitale traceerbaarheid te versterken. “Dit memorandum moet ons in staat stellen het vertrouwen van het grote publiek in de voedselketen en in het redelijke gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te versterken. Het zorgt ook dat in geval van een incident alle belanghebbenden onmiddellijk zullen kunnen ingrijpen, om de nodige maatregelen te nemen en de bescherming van de consument te garanderen.”

Track & trace

Om de logistieke traceerbaarheid van aan landbouwers verkochte producten te garanderen heeft de gewasbeschermingsmiddelensector een platform opgezet dat zorgt dat, indien zich een incident zou voordoen, de bewuste producten onmiddellijk kunnen worden teruggeroepen. Door producten in elk stadium van de distributie te scannen kan men ze aan de hand van het partijnummer traceren. Voor de betrokken land- of tuinbouwers heeft dit tot gevolg dat men dan aan de hand van het partijnummer het gebruikte product snel kan identificeren.

De software van het track & tracesysteem werd voor de Benelux ontwikkeld door de Stichting Agro CloSer. Dit is een Nederlands initiatief waar Belplant en Phytodis hebben op ingepikt. Hun leden-producenten en -handelaars zijn daardoor met één enkele verbinding met iedereen verbonden. Belplant vergelijkt het met een mailbox om berichten door te sturen. Aan dit systeem hangt ook een behoorlijk zware logistieke operatie vast. Alle verpakkingen (flessen, dozen, pallets) moeten voorzien worden van een 2D-matrixcode met unieke productidentificatiegegevens, met name de artikelidentificatie (GTIN), het partijnummer en de productiedatum. Sinds januari 2022 staat er op alle verpakkingen die de leden van Belplant op de markt brengen een 2D-matrixcode, die toelaat ze te traceren via het track & tracesysteem. De leden van Belplant en ook die van distributeursorganisatie Phytodis verbinden er zich toe om vanaf 1 januari 2024 hun ERP-beheersoftware (Enterprise Ressource Planning) zodanig aan te passen, dat de traceerbaarheid per partijnummer mogelijk wordt. Ook de vergunninghouders voor parallelhandel hebben zich in het memorandum geëngageerd om de traceerbaarheid van hun middelen per partijnummer te garanderen in de hele distributieketen. Maar de hierboven beschreven digitale traceerbaarheid is voor hen optioneel.

En verder

Om het memorandum levend te houden, engageerde het FAVV zich om jaarlijks een overlegvergadering te organiseren, om de uitvoering van het memorandum te bespreken en te evalueren. Tijdens die vergadering zullen de resultaten gepresenteerd worden van de officiële controles van gewasbeschermingsmiddelen - inclusief residuen ervan - en de implementatie van de autocontrole – inclusief mogelijke bemonsteringsplannen en analyses uitgevoerd door de verschillende belanghebbenden. De andere ondertekenaars engageerden zich om die vergadering bij te wonen. Ze hebben ook het recht om te verzoeken om een specifieke vergadering, om bepaalde onderwerpen te bespreken.

België toont zich met dit initiatief opnieuw een voortrekker in het duurzaam en veilig gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen. Alle risico’s uitsluiten is onmogelijk, maar we kunnen er wel alles aan doen om die zo beperkt mogelijk te houden. Ik ben niet altijd fan van Mark Zuckerberg, maar als hij stelt: ‘The biggest risk is not taking any risk. In a world that's changing quickly, the only strategy that is guaranteed to fail is not taking risks’, dan volg ik hem daar volledig in.

Dit convenant helpt het risico voor de teler bij correct gebruik sterk reduceren.

Pieter Van Oost

adviseur Plantaardige productie

Tevreden over extra traceerbaarheid en autocontrole

Pieter Van Oost: "Om tot een goed akkoord te komen moet je soms de tijd nemen, zodat alle neuzen van alle partners in dezelfde richting gaan staan. Boerenbond is dan ook tevreden dat ons initiatief van drie jaar geleden nu tot resultaat leidt. Land- en tuinbouwers verwachten van hun leveranciers dat hun producten voldoen aan alle normen en eisen. Boerenbond vindt het bijzonder positief dat een sluitende traceerbaarheid uitgerold wordt voor gewasbeschermingsmiddelen die in België geproduceerd worden of op de markt komen tot aan de deur van het land- of tuinbouwbedrijf. Die zorgt in combinatie met een sterk georganiseerde autocontrole in de keten van gewasbeschermingsmiddelen dat het risico voor de telers bij correct gebruik sterk gereduceerd wordt. Boerenbond wil dat land- en tuinbouwers garant kunnen staan dat de voedingsmiddelen die zij afleveren voldoen aan alle milieu- en voedselveiligheidsnormen. Hiervoor moet je ook kunnen vertrouwen op je grondstoffen. Dit convenant zorgt ervoor dat we hier opnieuw serieuze stappen vooruitzetten."