Menu

Terug naar Persberichten >Flankerend beleid voor ‘oranje’ bedrijven goedgekeurd

Flankerend beleid voor ‘oranje’ bedrijven goedgekeurdTerug naar Persberichten >

Alle sectoren
Alle regio's

Na de IHD/PAS-beslissing van 30 november 2016 moest het flankerend beleid voor de zogenaamde ‘oranje’ bedrijven verder worden uitgewerkt. Na de kerstvakantie startten de politieke besprekingen. Het voorstel van minister Schauvliege werd vandaag door de Vlaamse regering goedgekeurd. Het is de bedoeling dat het flankerend beleid voor deze bedrijven in werking treedt op 1 juli 2017, samen met het nieuwe significantiekader.

Het flankerend beleid voor deze groep bedrijven (dit zijn de bedrijven met een impactscore van 5% of meer maar minder dan 50%) heeft dezelfde basis als het flankerend beleid voor de zogenaamde ‘rode’ bedrijven, maar er zijn wel belangrijke verschillen. Deze verschillen hebben vooral betrekking op de toegang tot het flankerend beleid en de financiering van de maatregelen. Wat de mogelijke maatregelen betreft wordt er geen onderscheid gemaakt met het flankerend beleid voor de zogenaamde ‘rode’ bedrijven: bedrijfsreconversie, bedrijfsverplaatsing, bedrijfsbeëindiging en koopplicht zijn mogelijk. Het maatregelenpakket is dus zeer ruim.

Niet elk ‘oranje’ bedrijf heeft toegang tot dit flankerend beleid. Enkel de bedrijven die niet vergunbaar zijn op basis van het nieuwe significantiekader komen in aanmerking voor het flankerend beleid. Dit betekent dat enkel bedrijven in aanmerking komen die, ondanks het feit dat ze voldoen aan het nieuwe significantiekader, niet kunnen uitbreiden zonder dat hun emissies stijgen en dit op basis van elementen die te maken hebben met de passende beoordeling en de stikstofuitstoot. Voor de gewenste ontwikkeling moet ook een financieel-technologisch ‘business plan’ worden voorgelegd. Verder wordt uitgegaan van het gegeven dat in het project de emissiereducerende maatregelen die opgenomen zijn in Vlarem worden toegepast. Dit zijn dus de maatregelen die elk landbouwbedrijf in Vlaanderen moet toepassen. Als de emissies stijgen na toepassing van deze maatregelen heeft het bedrijf toegang tot het flankerend beleid.

Dan volgt een onafhankelijk bedrijfsadvies opgemaakt door een erkend en onafhankelijk expert. In dat advies wordt eerst nagekeken of alle verplichte emissiereducerende maatregelen werden toegepast. Daarna wordt onderzocht welke andere maatregelen vanuit het flankerend beleid mogelijk zijn. Dit kan gaan over technische maatregelen die ervoor zorgen dat de totale emissies niet stijgen, maar ook over een bedrijfsverplaatsing. De bedrijfsbeëindiging en de koopplicht zullen vooral relevant zijn voor de bedrijven die geen vergunning krijgen. Dit flankerend beleid wil immers inzetten op het verder zetten van de landbouwactiviteiten. Alle oplossingsrichtingen worden beoordeeld op basis van economische, sociale en ecologische componenten. Op basis van die criteria wordt een voorkeursoptie geselecteerd. Die voorkeursoptie bepaalt de maximale vergoeding die verkregen kan worden. De landbouwer mag ook een andere flankerende maatregel kiezen, maar de hoogte van de financiële tegemoetkoming is begrensd door de voorkeursoptie.

Boerenbond reageert positief op het feit dat de Vlaamse regering erin geslaagd is om te beslissen over het flankerend beleid voor de zogenaamde 'oranje' bedrijven. De combinatie van een meer realistisch significantiekader, samen met de ondersteuning vanuit het flankerend beleid, geeft de overblijvende ‘oranje’ bedrijven de nodige ademruimte. Nu liggen alle puzzelstukken op tafel om deze groep bedrijven te begeleiden en te adviseren over hun verdere toekomstmogelijkheden.

Meer info

Anne-Marie Vangeenberghe, woordvoerder (0479 85 86 87)