Menu

Op de eerste rij, 3 augustus 2017

Terug naar Opinie

Elke week bespreekt voorzitter Sonja De Becker de landbouwactualiteit in ons ledenblad Boer&Tuinder.

Wissel van de wacht in Wallonië

In Wallonië werd vorige week een nieuwe Waalse regering geïnstalleerd. Historisch, want in de Waalse regering zetelen voor het eerst sinds heel veel jaren geen socialisten meer. Met de nieuwe coalitie van CDH en MR breekt een nieuw tijdperk aan. Het gezamenlijke project ‘la Wallonie plus forte’ is ambitieus. De tijd om het te verwezenlijken is kort. De samenstelling van de nieuwe Waalse regering wordt door sommigen schamper en neerbuigend omschreven als een regering van vijftigers en landbouwers. Alsof daar iets mis mee zou zijn … Het is misschien omdat ook ik sinds dit jaar tot de vijftigers behoor, maar getuigt het nu net niet van goed bestuur om – gezien de ambitie en de tijdsdruk – te kiezen voor een stevige ploeg met ervaren politici? Met andere woorden, om te kiezen voor degelijkheid en au sérieux vanaf dag 1 … En dat er tegelijk ook gekozen wordt voor politici die met de voeten in het veld staan, die afkomstig zijn van het platteland en uit kleine stadjes, van de buiten dus? Die keuze voor het platteland kan overigens ook tellen als signaal! Wat mij betreft mag men in Wallonië dus best trots zijn op de nieuwe regering van vijftigers en landbouwers. Ook onze Waalse collega’s kijken er op dezelfde manier naar. De nieuwe regering is ook voor hen en voor de Waalse boeren een goede zaak. Ik wens de nieuwe ploeg in het zuiden van dit land dan ook alle succes toe in het belang van de boeren. Trouwens, Boerenbond is ook rechtstreeks betrokken bij de politieke gang van zaken in Wallonië via onze Duitstalige leden. Raymond Geiben, provinciaal voorzitter Oost-België, was trouwens samen met mij vorige week aanwezig in Libramont. Samen hebben we een aantal standen bezocht.

Het gevolg van de nieuwe politieke meerderheid in Wallonië is wel dat wij afscheid nemen van Willy Borsus als federaal minister van Landbouw. Hij is sinds eind vorige week minister-president van de Waalse regering. Ik gun het hem en de Waalse land- en tuinbouwers van harte, maar het is wel jammer dat hij het federale beleidsniveau verlaat. Ik heb hem dat ook persoonlijk gezegd op de openingsceremonie van de Foire de Libramont, enkele uren voordat hij de eed als minister-president bij de koning zou afleggen. Ik houd eraan Willy Borsus te danken voor de bijzonder positieve en constructieve samenwerking in de voorbije drie jaar. Hij stond steeds open voor dialoog en overleg en heeft vanuit het federale beleidsniveau onze sector maximaal ondersteund in verschillende moeilijke dossiers én dat in een zeer moeilijke crisisperiode. Hij heeft ook een belangrijke rol gespeeld in het ondersteunen van het Ketenoverleg. Ik heb hem veel succes gewenst met zijn nieuwe belangrijke opdracht en was blij van hem te horen dat hij ook vanuit zijn nieuwe functie de land- en tuinbouw, ook in Vlaanderen, verder een warm hart zal blijven toedragen. Zijn uitnodiging om blijvend in overleg en dialoog te blijven met onze organisatie is alvast genoteerd. Het kan de Vlaamse én Waalse land- en tuinbouwers enkel ten goede komen als we eensgezind aan dezelfde kar trekken.

Ook Denis Ducarme, de nieuwe federale minister van Landbouw, wens ik veel succes. Hoewel hijzelf niet zoals Borsus afkomstig is uit een landbouwersgezin, heeft ook hij toch enige affiniteit met de sector. Zijn vader was 20 jaar geleden één van de eerste regionale ministers van Landbouw. En hij kan natuurlijk rekenen op een aantal belangrijke kabinetsmedewerkers die op post blijven. Dat is belangrijk, want het werk op federaal niveau is zeker niet af … Heel wat dossiers wachten op verdere behandeling. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de carry forward, de aanpassing van het besluit over de registratie van biociden, de discussie over de sanitaire fondsen, het sociaal statuut van de zelfstandige, het statuut van de meewerkende echtgenoot enzovoort. De nieuwe federale minister van Landbouw kan alvast rekenen op onze constructieve inbreng.

Zomerakkoord

Op het moment dat in het zuiden van het land een politieke omwenteling plaatsvond, bereikte de federale regering een politiek akkoord over een aantal belangrijke en heikele dossiers. Het is jammer dat de carry forward en de aanpassing van het btw-tarief voor tuinaanleg (waarover er nochtans politieke eensgezindheid bestaat) niet in het zogenaamde zomerakkoord meegenomen zijn. Anderzijds bevat dit akkoord wel een aantal maatregelen die gunstig zijn voor kleinere ondernemingen en die dus ook voor onze sector gelden. De voorziene verlaging van de vennootschapsbelasting voor kmo’s naar 20% is een goede zaak, zij het dat we toch grondig de details van de compenserende maatregelen (zoals het afschaffen van aftrekken) zullen moeten bekijken om na te gaan of de rekening in de praktijk effectief beter zal uitvallen voor land- en tuinbouwbedrijven die de vorm van een vennootschap hebben. Ook belangrijk is de verlaging van de opzegtermijn naar één week tijdens de eerste drie maanden van tewerkstelling. Dit komt eigenlijk neer op een herinvoering van een proefperiode. Het is een maatregel die we in de Groep van Tien overeengekomen waren, maar waar de vakbonden op terug gekomen zijn. Ook de halvering van de carensmaand voor zelfstandigen die ziek worden of een arbeidsongeval krijgen, is positief. Ten slotte is ook de verlaging van de sociale bijdragen voor startende zelfstandigen in de eerste twee jaar van hun activiteit toe te juichen. Heel wat van de maatregelen van het zomerakkoord moeten de volgende maanden verdere concrete invulling krijgen. Op te volgen dus.

Leghennensector getroffen door externe contaminatie

Sinds enkele weken loopt een gerechtelijk onderzoek tegen een firma die het verboden product Fipronil gemengd heeft in een reinigingsmiddel dat door de pluimveesector gebruikt wordt tegen bloedluizen. Eieren waarin residu van het product gevonden wordt, worden geblokkeerd en vernietigd.

Ook in Nederland loopt het onderzoek – daar zijn een honderdtal bedrijven geblokkeerd – en het product zou ook in een aantal andere EU-lidstaten, onder andere in Duitsland, gebruikt zijn.

Het FAVV en het gerecht doen hun werk. Maar niettemin lijden bij ons tientallen leghennenhouders die te goeder trouw een product gebruikt hebben nu immense schade, om niet te spreken over de imagoschade die de sector weer eens oploopt door contaminatie en fraude van buitenaf. De schuldigen moeten gestraft worden en instaan voor de berokkende schade.

Intussen is het belangrijk dat de getroffen bedrijven zich ook juridisch laten bijstaan. We volgen de zaak op de voet.