Menu

Op de eerste rij, 29 juni 2018

Terug naar Opinie

Elke week bespreekt voorzitter Sonja De Becker de landbouwactualiteit in ons ledenblad Boer&Tuinder.

De staat van de boer

Vorige week maakte de Nederlandse krant Trouw de resultaten bekend van ‘het grootste opinieonderzoek ooit bij agrariërs’, een enquête uitgevoerd bij 2287 land- en tuinbouwers. Die enquête heeft geleid tot het rapport ‘De staat van de boer’. De krant zal de hele zomer reportages maken op basis van de uitgevoerde bevraging. Op basis daarvan wil men de komende maanden ook een nationaal landbouwdebat voeren.

In de Nederlandse media, en ook bij milieuorganisaties hier, wordt intussen al gretig geciteerd uit de resultaten. Zij lezen bijvoorbeeld in de studie dat het merendeel van de landbouwers zou willen overstappen op natuurinclusieve landbouw om te overleven en ook dat de meerderheid van de Nederlandse boeren tegen elke vorm van schaalvergroting zou zijn. Als je de enquête en de resultaten echter volledig doorneemt, dan krijg je een ietwat ander verhaal én een veel genuanceerder beeld met daarin heel herkenbare zaken die ook voor de Vlaamse land- en tuinbouwer van toepassing zijn. Nederlandse landbouwers geven bijvoorbeeld aan dat ze nu al aan natuurbescherming doen en dat ze bereid zijn om nog meer inspanningen te doen voor natuur en milieu, tenminste als de consument daarvoor wil betalen – wat nu veel te weinig het geval is … Het merendeel van de bevraagden is ook trots om boer te zijn, maar worstelt wel met het onterechte negatieve imago die actiegroepen en media vaak geven. Ook in Nederland maakt overregulering ondernemerschap moeilijk, en ook instroom door jonge ondernemers is een belangrijk aandachtspunt volgens de meerderheid van de deelnemers aan de bevraging. Allemaal heel herkenbaar dus. En veel genuanceerder dan de oneliners en citaten van sommige media en milieuorganisaties. Laat ons hopen dat het geplande debat in Nederland gevoerd wordt op basis van de volledige feiten en niet op basis van oneliners en onvolledige citaten. Nederlandse discussies waaien immers snel over naar Vlaanderen …

Laat ons hopen dat het geplande landbouwdebat in Nederland gevoerd wordt op basis van de volledige feiten.

Sonja De Becker, voorzitter Boerenbond

Kansen voor interprofessioneel overleg rundvlees

Voor de vleesveesector blijft de afzetmarkt nog steeds sputteren. De negatieve berichtgeving rond rundvlees en de recente schandalen in de slachthuizen hebben de negatieve beeldvorming alleen maar versterkt. Nochtans heeft de vleesveesector ook heel wat positieve elementen in zich om mee uit te pakken! En dat op verschillende vlakken. Vlees heeft zeker – door zijn nutritionele waarde – zijn plaats in een evenwichtig voedingspatroon. Dat wordt trouwens door steeds meer wetenschappers en voedingsdeskundigen bevestigd. Het blijkt trouwens ook uit de analyse van verschillende wetenschappers die onlangs op de Bamst-studiedag aan bod kwamen. Maar ook op het vlak van duurzaamheid is er heel wat te vertellen. In het actieplan van de sectorvakgroep Vleesvee was inzetten op een positief imago en storytelling een cruciaal actiepunt. Het is belangrijk dat iedereen in de sector deze positieve boodschap uitdraagt, niet in het minst de vleesveehouders zelf. Om een positief verhaal te stofferen is er nood aan objectieve gegevens. Die worden geleverd door de wetenschap, maar ze kunnen ook door de sector zelf worden aangebracht. De goedkeuring van de duurzaamheidsmonitor vleesvee, die gekoppeld zal worden aan het Belbeef-lastenboek, is dan ook een belangrijke stap voorwaarts om te tonen waar de sector echt voor staat. We moeten als sector kunnen aantonen welke concrete inspanningen we leveren inzake verduurzaming. De monitor zal ons daarbij helpen. Daarnaast is het ook belangrijk om te blijven inzetten op een gestructureerd interprofessioneel overleg met de afnemers om op die manier de rundvleesketen aan te sturen. Vorige week trad de FWA, de Waalse landbouworganisatie, alvast opnieuw toe tot de werking van IVB, zodat deze Interprofessionele Vereniging voor Belgisch Vlees opnieuw een federale rol kan gaan spelen. Bijkomend werd Belbeef recent ook erkend als brancheorganisatie waardoor binnen de keten structurele en bindende afspraken kunnen worden gemaakt.

De boodschap is dus dat er eindelijk en uiteindelijk dan toch heel wat aan het bewegen is in de rundvleessector, en dat is belangrijk voor de toekomst. Heel wat kansen worden nu gecreëerd om het interprofessioneel overleg te versterken. Die kansen moeten we grijpen. Niets belet de rundvleesketen om nu ook heel snel uitvoering te geven aan alle afspraken die we gemaakt hebben in het IPA Transparantie. Het is nu aan IVB en zijn bestuurders om samen met alle betrokkenen de spreekwoordelijke koe bij de horens te vatten.