Menu

Op de eerste rij, 17 juni 2020

Terug naar Opinie
Elke week bespreekt voorzitter Sonja De Becker de landbouwactualiteit in ons ledenblad Boer&Tuinder.

Sonja De Becker, voorzitter Boerenbond

Europees budget deze week opnieuw op de tafel van de staatshoofden

Deze week bespreekt de Europese Raad het nieuwe voorstel van de Europese Commissie voor een meerjarig financieel kader (MFK). Voor onze sector een cruciaal dossier, gezien daarin bepaald wordt hoe zowel het GLB als het economische relanceplan op Europees niveau zal worden gefinancierd. Het is weinig waarschijnlijk dat er deze week witte rook zal zijn, maar dat maakt deze tussenstap niet minder belangrijk om het dossier in de goede richting te sturen. Wij verwachten dat het voorstel tot MFK bewerkt wordt op drie verschillende werven. Ten eerste moet het budget voor het GLB op peil gehouden worden. Het is onaanvaardbaar dat in het voorstel van de Commissie er een duidelijk deficit is, terwijl er in het GLB steeds hogere eisen gesteld worden aan de boer. De tweede werf is het economisch relanceplan ‘Next generation EU’. De actieve boer moet ook toegang krijgen tot de instrumenten die in dit plan voorzien zijn. Omgekeerd moeten die instrumenten ook afgestemd zijn op de noden van het individuele bedrijf. Het moeten dus instrumenten zijn die hanteerbeer zijn op bedrijfsniveau. En ten slotte moeten er ook financiële middelen en een coherent beleid staan tegenover de hoge ambities die in de Green Deal vooropgezet worden. Meer doen met minder middelen is geen optie. Wij blijven op die nagel kloppen, tot vervelens toe … maar het is wel de essentie van de discussie. Onze Vlaamse land- en tuinbouw heeft een traditie van voortdurende verduurzaming. In het MFK ontkennen dat de reeds geleverde en toekomstige inspanningen kosten met zich meebrengen – en dus voedselzekerheid als vanzelfsprekend beschouwen – zou getuigen van weinig inzicht in de sector, maar ook van bijzonder weinig respect voor de volgehouden inspanningen van boeren en tuinders om kwaliteitsvol en duurzaam voedsel te produceren en dat in alle omstandigheden.

Het is van het grootste belang om onze export in postcoronatijd opnieuw op de rails te krijgen.

Sonja De Becker, voorzitter Boerenbond

Vlaams corona-exitplan ‘export’ uit de startblokken

Deze week lanceerde de Vlaamse regering een corona-exitplan voor de Vlaamse export. Export is voor een kleine open regio als Vlaanderen van groot belang. Een op drie Vlaamse jobs is exportgerelateerd.

Nu de grenzen stilaan opnieuw opengaan, is het dan ook van het allergrootste belang om onze export postcorona opnieuw op de rails te krijgen. De Vlaamse regering voorziet extra middelen voor zowel FIT als voor VLAM om samen met het bedrijfsleven volop in te zetten op het herwinnen van onze exportpositie. Een coronawerkgroep Export onder leiding van Vlaams minister-president Jan Jambon en met minister Hilde Crevits als covoorzitter waarin ook het bedrijfsleven zetelt, heeft als opdracht concrete maatregelen uit te werken. Ook Boerenbond is hierin aanwezig.

Ik heb dit initiatief tijdens de opstartvergadering positief verwelkomd en een aantal aandachtspunten van onze kant ingebracht.

Eén: internationale markten herwinnen en behouden is een werk van lange adem dat zich – nu meer dan ooit – zal afspelen binnen een hypercompetitieve omgeving. Iedereen is door corona immers teruggeworpen op zijn eigen nationale markt en wil weer naar de precoronamarkten. Met name onze noorderburen zijn daarbij – doordat ze op dezelfde markten mikken – voor ons te duchten concurrenten. Reken daarbij de impact van de brexit, waar de waarschijnlijkheid dat we afstevenen op een no-deal-brexit met de dag toeneemt, en dan weet je dat er ook de komende jaren nog nood zal zijn aan extra inspanningen én middelen.

Twee: voor onze sector moeten de middelen prioritair ingezet worden op onze thuismarkt, dus de interne Europese markt. Immers meer dan 85% van onze producten wordt naar de ons omringende landen of de rest van de EU-lidstaten (inclusief het Verenigd Koninkrijk) geëxporteerd. Daar ligt voor ons dus het zwaartepunt.

Drie: de beschikbare middelen moeten efficiënt worden ingezet. Dat vergt coördinatie en afstemming binnen de keten, tussen beleidsniveaus en ook binnen Vlaanderen. Daarom vragen we de oprichting van een Vlaamse exportcel Agrofood onder leiding van VLAM en een nog betere samenwerking tussen VLAM en FIT. Ten slotte heb ik ook gevraagd dat Vlaanderen zou voorzien in exportkredietverzekeringen en -exportwaarborgen zodat bedrijven zich kunnen wapenen tegen exportrisico’s.

Meer informatie