Europese landbouw in cijfers

Spanje is met 23% de grootste EU-producent van varkens, op de voet gevolgd door Duitsland (20,2%) maar ver vooruit lopend op de derde producent Frankrijk (9,8%). Binnen Spanje is de varkenshouderij echter zeer divers, gaande van de zeer extensieve productie van zwarte varkens (pata negra), gevoederd met eikels in de provincie Extramadura tot zeer grote geïntegreerde industriële bedrijven van witte varkens, vaak uitgebaat door Nederlanders, in Catalonië en omstreken (westen). Uit de jaarlijkse kerncijfers die door Eurostat, het statistisch bureau van Europese Commissie, verspreidt over de landbouw en de voedingsketen, blijkt op het eerste gezicht niet hoe divers de Europese landbouw wel is. Het gaat immers om Europese cijfers. Wie de cijfers analyseert per lidstaat en streek ziet de grote verschillen. Wie ter plaatse gaat kijken, ziet pas op hoe divers de landbouwmodellen binnen eenzelfde lidstaat en regio’s zijn.

Landbouwsector

Het verhaal is gekend. De gemiddelde Europees boer is Roemeen, man, 57 jaar, werkt deeltijds, is gespecialiseerd en beschikt niet over een landbouwopleiding. Herken je je daarin? Helemaal niet! De Europese landbouw is zeer divers, neigt op termijn naar eenvormigheid om vervolgens opnieuw uit te waaieren naar zeer verschillende landbouwverdienmodellen. Welke lidstaten zijn koploper voor welke teelten of producties? Spanje voert, zoals reeds gezegd, de lijst in de varkenssector aan. Datzelfde Spanje is ook koploper voor groenten, fruit en noten (28,3%), op de voet gevolgd door Italië (26%). Voor pluimveehouderij moet je in Polen zijn (22,5%). Alweer Spanje volgt hier weliswaar op grote afstand (13,5%), samen met Duitsland (12,7%) en Frankrijk (12,4%). Deze laatste voert dan weer de lijst van rundvlees aan met 20,5%, gevolgd door Duitsland (14,8%). Ook voor granen gaat Frankrijk veruit aan kop (22,7%) - toch zolang Oekraïne nog niet is toegetreden tot de Europese Unie. Spanje staat met 8,3% op de vijfde plaats maar het is bekend dat de Spaanse graanoogst een grotere invloed heeft op de Europese graanmarkt dan de Franse gelet op het meer eenvormige klimaat in dat land. In Spanje lukt de graanoogst of niet. Er is geen tussenweg. In Frankrijk wordt graan geteeld in klimatologisch meer verschillende regio’s.

Intussen hebben we ook geleerd dat de graanprijzen in de EU zeer sterk kunnen verschillen van regio tot regio. Dat heeft niet alleen met de oogst te maken maar vooral de aanwezige logistiek zoals opslagplaatsen en transport waardoor overtollig graan kan worden weggevoerd en graantekorten kunnen worden aangevuld. Tot slot voor melk moeten we in Duitsland zijn (20,4%). Nederland staat met 9,1% van de melkproductie pas op de vierde plaats na Frankrijk en Polen. Meteen is duidelijk de belangrijkheid niet (enkel) te maken heeft met hoeveelheden maar meer met kostprijs en waarde. Zo vind je in Ierland, een EU-lidstaat die niet voorkomt in de top vijf van melk producerende landen, de regio (Zuid Ierland) met de hoogste zuivelwaarde, gevolgd door Bretagne (Frankrijk) en Lombardije (Italië).

Met Europese kerncijfers komt de Vlaamse landbouw niet op het Europees netvlies te staan.

Voedingssector

En zo komen we tot de kerncijfers van de Europese landbouw. In 2020 telde de Europese Unie 9,1 miljoen landbouwbedrijven waarvan ongeveer een derde (31,8%) gelokaliseerd is in Roemenië, meer dan een tiende in Polen (14,4%), op de voet gevolgd door Italië (12,5%) en Spanje (10,1%). Dus … de gemiddelde Europese boer is Roemeen. Aan de hand van infografieken nuanceert Eurostat al deze gemiddelde kerncijfers om je de echte Europese landbouw te leren ontdekken. Want tot nog toe is weing (lees: niets) over België (laat staan Vlaanderen) gezegd. Met gemiddelde kencijfers komt onze landbouw dan ook niet op het Europese netvlies te staan.

Sinds enkele jaren heeft Eurostat zijn jaarlijkse kerncijfers over de Europese landbouw uitgebreid met cijfers over de voedingsketen. Zoals bekend wil de Europese Commissie ‘landbouw’ als beleidsdomein vervangen door ‘voeding’, al is het maar op de cijfers aan te dikken. In de EU zijn immers 291.000 (!) bedrijven actief in de voedingssector en 2,6 miljoen bedrijven in de voedingsdistributie. En, mocht het je interesseren: in 2022 werd 1,3 miljard ton landbouw-, bosbouw- en visserijproducten getransporteerd en 1,6 miljoen ton voedingsproducten (inclusief drank en tabak) met zwaar vrachtvervoer over de Europese weg.