Menu

Teeltadviseur

Terug naar Onderwerp
In deel 4 van de zomerreeks laten we een teeltadviseur van TACO aan het woord.
Jan Van Bavel

“We denken mee met de telers op alle vlakken”

Een modern vollegrondsgroentebedrijf heeft veel uitdagingen: kostenverlaging, kwaliteitsverbetering, productieverhoging, oogstzekerheid, bemesting, gewasbescherming … De teeltadviseurs van TACO (TelersAdviesCOöperatie) streven naar bedrijfsspecifieke optimalisatie in de teelt. Rudi Vandewiele stond samen met zijn collega Luc De Reycke, de proefcentra Inagro en PCG en telersverenigingen Ingro (Industriegroenten) en REO Veiling aan de wieg van deze coöperatie.

De coöperatie TACO (TelersAdviesCOöperatie) werd in 2009 opgericht om de toenemende nood aan individuele en neutrale teeltvoorlichting in de vollegrondsgroenteteelt in te vullen. Voor 2009 gebeurde dat door de REO Veiling voor de versmarkt en fytobedrijven voor de industriemarkt. “De medewerkers van de REO Veiling evolueerden naar marktmanagers. Ze zitten nog altijd tussen de producent en de verkoop, maar staan wel dichter bij de verkoop, waardoor ze nog maar zelden de teelt(en) opvolgen”, vertelt Rudi. “Vertegenwoordigers van de zaadhuizen (zoals Bejo Zaden, Hazera, Syngenta …) doen dat nog wel, maar slechts enkele keren per jaar.” Die evolutie verwondert Rudi niet, want de sector specialiseerde het voorbije decennium enorm. “Je moet een specialist zijn om dit vak uit te oefenen, want ook de telers zijn zeer goed op de hoogte. Een voorlichter wordt beter naarmate hij meer in de teelt loopt.”

Hoe ben je bij TACO terechtgekomen?

“Mijn ouders teelden spruitkool, bloemkool en venkel op hun bedrijf in Staden, daar kreeg ik al heel wat kennis mee. Ik doorliep het landbouwonderwijs in Roeselare en haalde een graduaatsdiploma aan het Hoger Instituut der Kempen (HIK) in Geel, de voorloper van de huidige Thomas More-hogeschool. Daarna werkte ik zeventien jaar als verkoper-adviseur bij zaadbedrijf Syngenta, waar ik me specialiseerde in koolgewassen en courgette. Uit mijn contacten met collega Luc De Reycke, die ook bedrijfsleider is bij het PCG, bleek dat de telers door de voortdurende specialisatie steeds meer individuele begeleiding vroegen. We vonden allebei dat ze met hun vragen ergens terecht moesten kunnen. Het duurde vijf jaar voor ik de stap naar TACO durfde te zetten. Maar in het veld staan en veel contacten met telers hebben is altijd mijn ding geweest.”

Hebben jullie veel contact met de proefcentra en de telersverenigingen?

“Ja, elke maand vindt er een overleg plaats met de proefcentra (PCG en Inagro) en de telersverenigingen (REO Veiling en Ingro). Daarbij komen alle actualiteiten uit de teelten (vooral de hoofdgewassen) aan bod. Problemen en vragen vanuit de afzet, proefcentra, telers en de TACO-adviseurs komen dan op tafel en er wordt een oplossing voor gezocht. Het gaat dus om een uitwisseling van praktijkgegevens met onderzoek en omgekeerd.”

Hoeveel medewerkers telt TACO?

“Aanvankelijk deed ik het werk samen met Luc en verdeelden we de teelten: Luc volgde prei en veldsla op, terwijl ik de koolgewassen (bloem-, spruit-, spits-, sluit- en Chinese kool), courgette, broccoli, paksoi en selder voor mijn rekening nam. Maar omdat we steeds meer werk kregen, kwam Liesbet Bruyneel er in 2011 bij om de teelten prei, bloem- en sluitkool, courgette en veldsla op te volgen. Toen zij in 2019 voor zaadbedrijf Hazera ging werken, volgde David Fonteyne haar op. Hij is adviseur in prei, bloem- en sluitkool en wil zich vooral toeleggen op knol- en bladselder en peterselie. Ook Tine Maes (ex-Inagro) versterkte ons team, zij geeft advies in de spruitkoolteelt. We geven geen advies in de teelten wortelen, bonen, erwten, serre- en veldsla, gewoon omdat we er te weinig kennis over hebben. Dat is meteen ons sterke punt: we zijn gespecialiseerd in bepaalde teelten, we zoeken het niet in de breedte. We zijn vooral actief in West- en Oost-Vlaanderen, maar ook in Limburg (voor de spruitenteelt) en heel beperkt in Mechelen en Noord-Frankrijk.”

Wat komt er allemaal aan bod als je telers bezoekt?

“Naast teelttechnische vragen beantwoorden, bespreek ik ook andere aspecten van de bedrijfsvoering met hen: rassenkeuze, bemesting, inzet van gewasbeschermingsmiddelen, onkruidbestrijding, beregening ... Ik moet een soort praktijkgerichte kosten-batenanalyse voor de teler maken. Eigenlijk moeten we zoveel mogelijk ‘op de stoel van de teler gaan zitten’ en prioriteiten stellen: is het praktisch haalbaar, kost het niet te veel? We denken mee met de telers op alle vlakken, vooral in de winter. In de zomer is het meer veldopvolging. Boeren zeggen me vaak dat ze door mijn advies efficiënter kunnen werken qua bespuitingen en bemesting. We hebben niet alles in de hand, maar bepaalde dingen kunnen we toch voorkomen, bijvoorbeeld door percelen te groeperen met dezelfde standaardbemestingen. Elk advies is uniek: het is afhankelijk van de toestand van het gewas, wat er al gebeurd is en de ervaringen van de teler. We moeten meegaan in wat de teler wil en bijsturen waar nodig.”

Hoeveel kost jullie service eigenlijk?

“Je kunt kiezen tussen een enkel bezoek bij een probleemstelling, een basispakket dat één of meerdere bezoeken omvat en individuele begeleiding. Het is handig dat de teler zeker bij het eerste bezoek aanwezig is. In de winter gaat zo’n 60 à 70% van de telers mee naar het veld, in de zomer is dat maar 30%; gewoon omdat ze dan te veel werk hebben. Als je de voorgeschiedenis van een perceel kent, is dat een voordeel. Indien gewenst maken we een offerte op voor een abonnement. We bellen de teler dan af en toe en brengen regelmatige bezoeken aan percelen, zodat op afgesproken tijdstippen een advies voor bemesting, gewasbescherming en andere teelttechnische aspecten wordt opgesteld. Van elk bezoek maken we een verslag, dat we zo snel mogelijk aan de teler bezorgen. In januari voorzien we ook een jaarlijkse advieslijst, waarin proeven, onze eigen ervaring en de info van de zaadhuizen en een Nederlandse collega-adviseur wordt verwerkt.”

Mijn leukste anekdote

"Het is geen leuke anekdote maar in 2017 stond ik op een dag ’s morgens op een groot spruitkoolveld in het West-Vlaamse Moere om het gewas te inspecteren. Plots zag ik in de verte vier auto’s van de veldpolitie stoppen aan mijn wagen, die op een brede grasstrook langs de kant van het veld geparkeerd stond. Er stapten zes mannen uit die mijn auto grondig inspecteerden, langs buiten maar ook van binnen. Ik haastte me naar hen en ze vroegen wie ik was, waarna ze meteen vertrokken. Later vernam ik dat er in Gistel een moord gepleegd was en dat het moordwapen in het veld waarin ik stond gegooid zou zijn. Er zou in dat veld een zoekactie ondernomen zijn, maar het bewuste wapen werd niet gevonden. Dat zou wellicht verklaren waarom de politie zo alert was toen ik daar geparkeerd stond …”

Bij Alexander Dejonghe

Voor deze reportage waren we te gast bij teler Alexander Dejonghe, die in Passendale spruitkool, venkel, pastinaak, knolselder, aardappelen, mais en tarwe teelt. De groenten zet hij vooral af via de diepvriesfabrieken, maar ook een deel via de versmarkt. Op de hoeve baat Alexanders vader Christ ook nog een gesloten varkensbedrijf met zeugen en vleesvarkens uit. “Rudi heeft veel meer verstand dan ik van het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen of het uitvoeren van een bemesting op het juiste tijdstip”, zegt Alexander. “Ik laat me graag adviseren door iemand met kennis van zaken.”

Meer informatie