Menu

Directe kosten dalen en marges naar dieptepunt

Terug naar Onderwerp

Aangekochte veevoeders maken 48% uit van de totale uitgaven (inclusief betaalde lonen) van de Vlaamse boerderij. We stellen vast dat de veevoederprijzen in de eerste 8 maanden van 2016 gemiddeld daalden met bijna 5% tegenover dezelfde periode van 2015. Die prijsdaling vloeit voort uit de prijsdaling voor de basisgrondstoffen, die zich voordeed op de internationale markten.

We verwachten op korte termijn geen gevoelige stijging van de graanprijzen. Dit is alvast positief voor de veehouders, maar zwaar voor de akkerbouwers, die hun opbrengst per hectare fors zagen dalen. Zaai- en pootgoed vertegenwoordigen bijna 10% van de totale directe kosten. Ook de kosten van meststoffen daalden gemiddeld (-12%), voornamelijk door een terugval van de prijzen van ammoniumnitraat (-20%) en vloeibare stikstof (-25%). De prijzen van andere meststoffen kenden een beperktere daling. 

De lonen betaald aan werknemers in de land- en tuinbouw vertegenwoordigen ruim 9% van de directe kosten. Voor 2016 raamt Boerenbond dat de personeelskosten zullen stijgen met 2% (inflatie). Het betreft een raming, aangezien de voornaamste tewerkstelling momenteel plaatsvindt, in het derde kwartaal van het jaar. Het gewicht van de betaalde loonkosten verschilt weliswaar enorm tussen de deelsectoren. Zo doet vooral de tuinbouw een beroep op externe betaalde arbeid waar, in functie van de teelt, de loonkosten tot 30% van de totale kosten voor hun rekening kunnen nemen. Betaalde externe arbeid komt minder voor in de veehouderij. Daar wegen vooral de veevoederkosten door. 

De energieprijzen kenden in de eerste 8 maanden van 2016 een daling met 13% tegenover dezelfde periode van 2015. Het opvallendst was de daling van de prijs van de extra zware stookolie (-23%). Ook de prijzen van diesel (-8,5%) en gas (-9,7%) liepen terug. Opvallend is wel dat de elektriciteitsprijs toenam. Dit is een gevolg van verdere stijgingen van de diverse heffingen en van de nettarieven. De land- en tuinbouw blijft alleszins inzetten op eigen (groene)energiewinning via wkk’s, zonnepanelen, (pocket)vergisters …

De totale directe kosten dalen in 2016 naar schatting met 2,5%, voornamelijk door de daling van de veevoederkosten en van de energiekosten.

Marges in 2016 naar een dieptepunt

In de periode 2006-2016 steeg de omzet van de Vlaamse land- en tuinbouw met 8,8%, terwijl de directe kosten (dus exclusief eigen arbeid en vaste kosten) toenamen met maar liefst 30%. Dit betekent dat de marges in de sector gevoelig daalden. Waar de verhouding bruto-omzet/directe kosten in 2006 nog 1,46 bedroeg, was die in 2016 gedaald naar 1,22. Dit betekent dat per 100 euro directe kosten, in 2006 een omzet gerealiseerd werd van 146 euro, terwijl in 2016 per 100 euro directe kosten, slechts een omzet van 122 euro behaald werd. Boerenbond stelt bovendien vast dat de marges in de sector de voorbije 10 jaar bijzonder volatiel geworden zijn.

Het is duidelijk dat de land- en tuinbouw er niet in slaagt om de stijgende kosten door te rekenen naar de volgende schakels in de keten. Het gevolg daarvan is dat de druk op de marges toeneemt.