Menu

Erosiemaatregelen

Terug naar Onderwerp

Dit jaar werden de maatregelen om de bodem te beschermen tegen erosie verder aangescherpt. Dat gebeurt in meerdere fases tot en met 2018. Nu het besluit van de Vlaamse regering dat ook de randvoorwaarden vanaf 2015 regelt definitief goedgekeurd werd, kunnen we de erosieverplichtingen in 2015 verduidelijken. Afhankelijk van de teeltcategorie gelden er nu ook verplichtingen op percelen met een hoge erosiegevoeligheid (‘rode’ percelen op de bodemerosiekaart).

Alle landbouwpercelen werden ingedeeld in zes erosiegevoeligheidsklassen: zeer hoog, hoog, medium, laag, zeer laag en verwaarloosbaar. Wanneer een perceel behoort tot de erosiegevoeligheidsklasse zeer hoog, hoog, medium of laag, dan zal die informatie voorgedrukt staan op de verzamelaanvraag. Als jij aan de hand van een bodemanalyse kan aantonen dat het koolstofgehalte van een perceel minstens 1,7% bedraagt en de zuurtegraad (pH) ervan in de optimale zone ligt, kan je aanvragen of de erosiegevoeligheid van dat perceel met één klasse mag dalen. De optimale zone van de zuurtegraad is afhankelijk van het bodemtype:

  • zand: pH ≥4,5
  • zandleem: pH ≥5,5
  • leem: pH ≥6
  • klei: pH ≥6,5

Om deze verlaging van de erosiegevoeligheidsklasse aan te vragen, mag je een bodemanalyse gebruiken met een staalnamedatum die maximaal vijf jaar oud. De herklassering van de erosiegevoeligheidsklasse van een perceel loopt per kalenderjaar en vangt aan op 1 januari van het jaar waarin de aanvraag goedgekeurd wordt en eindigt op 31 december van het jaar dat voorafgaat aan de einddatum van de maximale geldigheidsduur van de bodemanalyse.

Verplichte maatregelen op rode percelen

Alleen wanneer er op een perceel met een hoge erosiegevoeligheid een teelt staat die het jaar rond een volledige bedekking biedt, gelden er geen verplichte maatregelen. Voor alle andere teelten op rode percelen zijn er wel nieuwe verplichtingen vanaf 2015, die verschillen in functie van de teeltcategorie.

  • Wintergranen of winterkoolzaad moet je in het najaar van 2015 inzaaien volgens de richting die het best aansluit bij de hoogtelijnen wanneer het perceel in die richting langer is dan 100 meter. Deze verplichting geldt echter niet wanneer een niet-kerende bodembewerking wordt toegepast op het perceelSinds dit jaar mag de bodem vóór die inzaai ook maximaal twee maanden onbedekt blijven.
  • Ook zomergranen, vlas en spinazie moet je inzaaien volgens de hoogtelijnen. Deze verplichting geldt ook hier niet wanneer een niet-kerende bodembewerking wordt toegepast op het perceel.Vóór je in het voorjaar van 2015 het zaaibed aanlegt, mag de bodem maximaal 2 weken onbedekt blijven.
  • Op percelen met een ‘hoge’ erosiegevoeligheid geldt voor de teelten uit de groepen ‘fruit’ (met uitzondering van aardbeien), ‘sierplanten’, ‘zaad- en plantgoed’ en ‘houtige gewassen’ uit de verzamelaanvraag de nieuwe verplichting dat die teelt samen met het gras (of eventueel een andere waterdoorlatende bodembedekking, dus bijvoorbeeld geen plastic) tussen de rijen voor minstens 80% bodembedekking moet zorgen.
  • Bij aardbeien mag de bodem maximaal twee maanden voor de aanplant onbedekt zijn en moet er van 15 april tot na de oogst tussen de rijen een volledige bodembedekking zijn met stro of een andere waterdoorlatende bodembedekking.
  • Ook voor alle andere teelten mag de bodem maximaal twee maanden onbedekt zijn vóór je het gewas inzaait. Om aan deze voorwaarde te kunnen voldoen, moet je vanaf het najaar van 2015 de voorafgaande teelt tijdig oogsten, zodat je vóór 1 oktober in een bodembedekking kunt voorzien. Als de voorafgaande teelt korrelmaïs is, geldt een uitzondering, want dan moet je oogsten vóór 15 november en alle oogstresten op het perceel laten liggen (zie kader).

Nieuwe verplichtingen op paarse percelen

Op de percelen met een zeer hoge erosiegevoeligheid (paarse percelen op de bodemerosiekaart) moesten landbouwers al langer verplichtingen naleven om erosie te bestrijden. Daar komen in 2015 nog twee verplichtingen bij. Je mag namelijk op paarse percelen blijvend grasland niet omzetten naar akkerland en bij ruggenteelt moet je drempeltjes aanleggen tussen de ruggen. Daarenboven is het niet langer mogelijk om met een beheerovereenkomst ‘Aanleg en onderhoud van grasbufferstroken en grasgangen’ te voldoen aan de verplichtingen voor minimaal landbeheer. Ook een weide of het voorzien van een buffer of dammetje onderaan het perceel volstaat niet langer als maatregel om te voldoen aan deze verplichtingen.

Info

Je vindt een schematisch overzicht van alle bestaande en nieuwe erosieverplichtingen in het kader van de randvoorwaarden in de nieuwe brochure ‘Randvoorwaarden 2015’.

Voorbeeld voorwaarden bodembedekking

De voorwaarden rond oogsten en inzaai van groenbedekker vóór 1 oktober (15 november voor korrelmaïs) zijn gekoppeld aan de teelt die het jaar nadien op het perceel komt. Staan er dus in 2015 suikerbieten op een rood perceel en je teelt in 2016 snijmaïs op datzelfde perceel, moet je die suikerbieten op tijd oogsten. Je moet immers voor 1 oktober 2015 een groenbedekker inzaaien. Is de hoofdteelt op dat rode perceel in 2016 winter- of zomertarwe, dan hoef je de suikerbieten in 2015 niet vóór 1 oktober te oogsten. Je moet uiteraard wel voldoen aan de voorwaarde dat de bodem voor de inzaai maximaal twee maanden onbedekt is bij wintergranen en twee weken bij zomergranen.