Menu

Niet blind spuiten

Terug naar Onderwerp

Annie Demeyere van ADLO benadrukt dat ze niet de indruk willen wekken dat IPM een lege doos is. “We hebben gezorgd voor een minimale inspanning, maar er moet wel een inspanning komen. Om een voorbeeld te geven: vandaag kan je nog altijd blindelings kalenderbespuitingen uitvoeren. Als er met IPM iets moet veranderen, dan is het wel de mentaliteit om op vaste tijdstippen te spuiten. Nu wordt aan de land- en tuinbouwers gevraagd om te noteren waarom ze een bespuiting uitvoerden. Dat kan zijn omdat ze lid zijn van een waarschuwingsdienst, bijvoorbeeld voor de fruitteelt, granen of aardappelen, en het advies kregen om te spuiten of dat ze zelf waarnemingen in het veld hebben verricht en bijvoorbeeld bladluistellingen hebben uitgevoerd, of dat ze zich hebben laten bijstaan door een erkende beroepsadviseur. Dus naast wat ze hebben gespoten moeten ze nu ook noteren op basis waarvan ze die behandeling uitvoerden. Daarmee stappen we af van het systeem van blinde en soms nutteloze bespuitingen.”

Akkerbouwconsulent Karolien Cools bevestigt dat dit in bepaalde sectoren nog vrij veel voorkomt. “Maar ook binnen sectoren zijn er grote verschillen. De landbouwers die het eigenlijk al goed doen en al goede landbouwpraktijken volgden, zullen nauwelijks iets extra moeten doen. Voor diegenen die weinig infovergaderingen volgden en zich daar nog weinig van aantrokken zal dat wel een grote wijziging zijn.”

Wie het al goed deed, zal weinig extra inspanningen moeten doen.

Annie Demeyere, ADLO

“Het klopt dat die nu gedwongen worden om zich aan te sluiten bij de koplopers”, reageert Annie. “We krijgen nogal eens de opmerking vanuit Boerenbond dat mensen die het al goed doen nooit beloond worden. Nu worden ze in die zin beloond, dat ze weinig extra inspanningen zullen moeten doen. De achterblijvers staan nu wel voor een sterke inhaalbeweging. Voor hen zullen IPM en de fytolicentie een heel zware inspanning zijn. Goed om te weten is dat de controle blijft lopen in de termijnen die nu al golden bij Vegaplan, dus een audit om de 3 jaar. Dat betekent dat we begin 2018 een perfect beeld zullen hebben hoe goed de Vlaamse land- en tuinbouwers IPM kunnen implementeren. Dan pas kunnen we zien of het systeem haalbaar is, waar we moeten bijsturen en of we eventueel hier of daar een stapje verder kunnen gaan of wat gas terug moeten nemen. Het blijft een evolutief systeem, en dat is nodig, want de teelttechniek evolueert permanent. Er zal ook nog info komen uit de vijf ADLO-demonstratieprojecten. Telkens zal de werkgroep van die sector de evoluties bekijken en bepalen hoe hoog de lat gelegd wordt.”

Karolien vult aan dat de mensen die pas een audit achter de rug hebben niet moeten denken dat ze pas binnen 3 jaar moeten beginnen met IPM. “In de regels van Vegaplan zit ook het aspect van controle of de regels toegepast worden. Als er een nieuw lastenboek komt moet men de vereisten daarvan toepassen, en dat wordt nagegaan bij de eerstvolgende controle. Die kan ook onverwachts zijn, want de lastenboeken en accreditaties van het controlesysteem vereisen ook een bepaald percentage steekproefsgewijze niet aangekondigde audits, waarvoor men niet moet betalen.”