Menu

Van-boer-tot-bordstrategie (Farm to Fork)

Terug naar Onderwerp

Boerenbond is ook op Europees niveau heel actief. Aan de hand van de deze reeks willen we je als lezer meer inzicht geven in de Europese land- en tuinbouwgerelateerde dossiers. Dit artikel gaat over de van-boer-tot-bordstrategie, de Europese strategie voor een duurzamer voedselbeleid. Dit dossier is voor de sector van belang, gezien hierin bepaald wordt hoeveel Europees budget er voor de sector voorzien wordt.

Situering

De Farm to fork-strategie of de van-boer-tot-bordstrategie, die kadert in de Green Deal, is de strategie waarmee de Europese Commissie de landbouwsector en de rest van de voedingsketen wil navigeren naar een klimaatvriendelijker, duurzamer systeem. De strategie moet een versnelde transitie inzetten van het voedingssysteem door van boer tot bord ambities, doelstellingen en aanpassingen te implementeren.

De opbouw

De strategie focust op vier elementen in de landbouwsector:

  • Resistentie en de verkoop (het gebruik) van antimicrobiële stoffen;
  • Nutriëntenverlies en het gebruik van meststoffen;
  • Het gebruik en het risico van chemische pesticiden;
  • De uitstoot van broeikasgassen en klimaatverandering/-adaptatie.

Daarnaast formuleert de strategie initiatieven omtrent voedselzekerheid, voedselbeschikbaarheid, voedselveiligheid en het informeren van consumenten, waar ook het tegengaan van voedselverspilling een onderdeel van is. Zo zal er volgens de strategie ook gewerkt moeten worden op verpakking, verwerking en marketing en promotie, om de duurzaamheid van voedsel te verhogen.

Uiteindelijk moet deze door de EU ondersteunde transitie leiden naar een duurzaam voedselsysteem dat een neutrale of positieve milieu- en klimaatimpact heeft, voedselzekerheid en burgergezondheid verzekert en een gunstig voedselklimaat creëert dat de keuze voor gezonde en duurzame voeding voor burgers vanzelfsprekend maakt. Daarenboven moet de strategie er volgens de Europese Commissie voor zorgen dat door middel van zowel import als export van producten, globale voedselstandaarden verhogen.

Naast de afbakening van werkgebieden en initiatieven, stelde de Europese Commissie ook doelstellingen voorop. Voor land- en tuinbouw werden percentages geformuleerd die men aan de hand van deze strategie wil bereiken:

  • Vermindering van het gebruik en het risico van synthetische chemische pesticiden met 50%;
  • Vermindering van nutriëntenverliezen met 50% en vermindering van het gebruik van meststoffen met 20% in 2030;
  • Verhoging van het EU bio-areaal tot 25% aan de hand van een mix van maatregelen, inclusief het stimuleren van de vraag naar bio-producten;
  • Vermindering van de verkoop van antimicrobiële stoffen voor landbouwhuisdieren en aquacultuur met 50% tegen 2030.

Over deze percentages is tot het laatste moment voor de lancering controverse geweest. De percentages worden namelijk niet verder onderbouwd en zijn niet bindend. Het geeft echter wel aan welke ambitie de Europese Commissie wil leggen in de wetgevende voorstellen die uit de strategie zullen volgen. Deze wetgevende acties en initiatieven werden opgenomen in een lijst in de bijlage van de strategie. Maar liefst 27 acties zullen ondernomen worden, waarvan de eerste al in het laatste kwartaal van 2020. In 2020 zal de Commissie alvast een herziening van het Europese promotieprogramma organiseren en aanbevelingen voor de lidstaten omtrent het GLB formuleren.  De laatste acties vinden plaats in 2024. De voorbereidingen en publieke consultaties omtrent deze acties zullen echter veel vroeger dan hun einddatum gehouden worden en door elkaar lopen, waardoor mei 2020 als het startsein van een vierjarige Europese marathon van nieuwe wetgeving en herziening van wetgeving beschouwd worden beschouwd.

Hoe wil de Europese Unie zijn doelstellingen bereiken?

Naast wetgevende acties formuleerde de Commissie in haar strategie ook hoe men de transitie wil ondersteunen om de doelstellingen te bereiken. In hoofdzaak kijkt men daarvoor naar onderzoek en ontwikkeling, investeringen en naar advies, data en kennisdeling. Extra middelen in onderzoeksprojecten zouden ter beschikking moeten komen voor agro-voeding volgens de formulering in de strategie. Ook zouden vanuit het InvestEU-fonds extra middelen vrijgemaakt moeten worden, die investeringen kunnen faciliteren voor bedrijven in de keten. Daarnaast zal het GLB zijn rol moeten spelen, zowel voor investeringen als voor kennisdeling.  In het GLB na 2020 zullen lidstaten dan ook moeten beschrijven hoe ze het kennis en innovatie-systeem in de landbouw (AKIS) zullen vormgeven en ondersteunen. Hierbij worden onderzoeksveld, adviesdiensten en de voedingsketen samengebracht. Dit moet volgens de Commissie leiden tot onafhankelijk advies op maat voor de boer. Om de inspanningen van het landbouwbedrijf te kunnen toetsen aan de doelstellingen van de Green Deal, wil de Europese Commissie ook een data-netwerk opzetten. Deze cijfers kunnen dan op hun beurt gebruikt worden in advies en begeleiding van de boer.

De volledige communicatie van de Europese Commissie omtrent de van-boer-tot-bordstrategie vind je hier.

Wat denkt Boerenbond?

De van-boer-tot-bordstrategie heeft het potentieel om samen met de landbouwsector en de rest van de keten een verdere verduurzaming te versnellen. We stellen echter vast dat de Europese voedselzekerheid en het inkomen van onze landbouwbedrijven geriskeerd worden met extra doelstellingen en ambities, zonder enige impactmeting of zekerheid over flankerend beleid. Het is daarom van belang dat de strategie niet verzandt in louter harde doelstellingen zonder de betrokken actoren voldoende in rekening te brengen. Daarbij is ook het startpunt en de eigenheid van de lidstaat van belang.  De puzzelstukken moeten passen, snelheden moeten op elkaar afgestemd en beleid moet in balans zijn. Zowel het financieel kader, handelsbeleid, economisch beleid en onderzoek en ontwikkeling moeten ertoe bijdragen dat aan de voorwaarden voldaan is. Daarnaast moet het gemeenschappelijk landbouwbeleid zijn eigenheid behouden, waarbij het extra financiële slagkracht zal vragen om mee invulling te geven aan de vooropgestelde strategieën. Zonder rekening te houden met de mogelijkheden van de land- en tuinbouwsector en zonder voedselzekerheid als belangrijk strategisch goed te beschouwen, heeft het geen zin om de lat steeds hoger te leggen. Het is nu zaak om bij elk (wetgevend) initiatief af te wegen hoe men de sector ook in staat kan stellen om verder te verduurzamen en wat haalbaar en betaalbaar is.

De tijdlijn

De van-boer-tot-bordstrategie is het begin van een marathon aan initiatieven die vier jaar zal duren. Voor de volledige lijst van acties, bekijk de bijlage van de communicatie van de Europese Commissie over de strategie.

11 december 2019. Lancering ‘The European Green Deal’ door de Europese Commissie, waarvan de van-boer-tot-bordstrategie deel uitmaakt.

15 januari 2020. Europees Parlement verwelkomt het voorstel van de Commissie om de van-boer-tot-bordstrategie lanceren.

Maart 2020. Na een openbare consultatie over de inhoud, wordt de lancering van de strategie alsnog uitgesteld door de corona-crisis.

20 mei 2020. Lancering van-boer-tot-bordstrategie

8 juni 2020. Informele bespreking van de Raad van Landbouwminister – presentatie van de strategie

Najaar 2020. Verdere bespreking van de strategie in Raad en Parlement.

Opportuniteiten en knelpunten

De van-boer-tot-bordstrategie heeft het potentieel om de middelen en de focus van de Europese Unie op een verdere verduurzaming van de keten te richten. Hieruit kunnen nieuwe marktopportuniteiten ontstaan, kan onderzoek en ontwikkeling versterkt worden, kan innovatie getriggerd worden en kan beleid beter afgestemd worden. Veel hangt echter af in welke mate de snelheid van de initiatieven op elkaar en op de realiteit afgestemd worden en of de ambitie en uitvoerbaarheid van de acties in balans is. Indien er geen fairder handelsbeleid is, zal het concurrentienadeel vergroten en carbon leakage optreden. Indien er geen haalbare en betaalbare alternatieven ter beschikking van de boer worden gesteld, resulteert een reductiedoelstelling in een onhaalbare en oneerlijke ondernemerspositie.

De initiatieven moeten afgestemd worden op de realiteit.

Op het bedrijf

De strategie zal verder vertaald worden in wetgevende initiatieven en acties. De politieke besluitvorming zal een grote rol spelen in de impact van deze initiatieven op het bedrijf. Bijvoorbeeld de reductiedoelstellingen omtrent meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen en anti-microbiële stoffen kunnen zowel de opbrengst als de kostprijs van het geproduceerd landbouwproduct negatief beïnvloeden. Indien er geen haalbare en betaalbare alternatieven ter beschikking gesteld worden van de boer, betaalt het individuele bedrijf de factuur cash. Ook de prijsvorming kan verder onder druk komen te staan, indien men goedkopere producten die aan andere standaarden geproduceerd worden vanuit het buitenland kan importeren. Bij elk initiatief zal dus de juiste toets moeten gebeuren, die moet vermijden dat onze familiale landbouwbedrijven in plaats van te kunnen verduurzamen, hier economisch zwaar onder lijden.

Meer informatie

Thema: