Menu

Vennootschappen en schijnzelfstandigheid

Terug naar Onderwerp

Steeds meer melkveebedrijven zijn georganiseerd in een (landbouw)vennootschap. Een vennootschap is een rechtspersoon en heeft geen familie. Strikt genomen kan gratis hulp van familieleden in een vennootschap dus niet. In de praktijk wordt vastgesteld dat in een landbouwvennootschap (LV) toch aanvaard wordt dat er door de familieleden kan worden meegewerkt. Een LV staat als structuur dicht bij de familie en vaak wordt er ook nog geopteerd om belast te worden in de personenbelasting. Met andere vormen van vennootschappen zoals een bvba of nv moet er veel voorzichtiger worden omgesprongen met de gratis inzet van familieleden.

Opgepast voor schijnzelfstandigheid

In de praktijk werken heel wat melkveehouders samen met een persoon op zelfstandige basis om bepaalde taken uit te voeren. Deze maakt dan een factuur op. Vaak verkiest men te werken met een zelfstandige omdat men dan niet gebonden is aan de strenge regels op het vlak van de arbeidsduurregeling die gelden voor loontrekkenden. Het zomaar vrij kiezen om met iemand te werken op zelfstandige basis kan echter niet. Het statuut van zelfstandige en het statuut van loontrekkende zijn elk vrij strikt gereglementeerd.

Het feit dat iemand die een factuur maakt en sociale bijdragen betaalt als zelfstandige, eventueel btw aanrekent, een fiscale aangifte doet en belastingen betaalt op zijn inkomen … kan nooit ingeroepen worden om te argumenteren dat iemand als zelfstandige moet beschouwd worden. Met al deze aspecten houden de sociale controlediensten geen rekening in de beoordeling van de case of de samenwerking met een bepaalde persoon kan beschouwd worden als een samenwerking met een zelfstandige. Het enige criterium dat geldt, is de economische afhankelijkheid van de zogenaamde zelfstandige. Een zelfstandige is iemand die autonoom kan werken en zelf zijn werk kan plannen, zelf kan beslissen om zich eventueel te laten vervangen of om een werknemer in dienst te nemen, zelf kan beslissen om te werken voor meerdere klanten, iemand die zelf instaat voor zijn vervoer en voor zijn huisvesting ...

Voor de land- en tuinbouw zijn er 10 criteria opgesteld aan de hand waarvan men in de praktijk kan beoordelen of iemand als een echte zelfstandige of schijnzelfstandige kan beschouwd worden. Wanneer bij controle wordt geoordeeld dat het gaat om schijnzelfstandigheid, dan worden alle regels die gelden voor loontrekkenden van toepassing en worden er een hele reeks van inbreuken opgesteld.

Controles op tewerkstelling

Er zijn in ons land verschillende inspectiediensten die een controle kunnen uitvoeren op een melkveebedrijf: de RSZ-inspectie, de Inspectie van sociale wetten, de RVA-inspectie, de sociale inspectie ...

De inspectie kan te allen tijde een controle doen. Zij kan 24 uur op 24, 7 dagen op 7, een controle uitvoeren. Zij heeft het recht om binnen te gaan in alle lokalen en plaatsen waar er arbeid kan verricht worden. Alleen voor de betreding van de private gedeelten (bijvoorbeel de woning) heeft ze een bevel tot huiszoeking nodig. De inspectie kan alle documenten inkijken en opvragen, ook facturen voor aankoop van voeder, meststoffen … Kortom, alle documenten en stukken die de inspecteurs informatie kunnen verschaffen om mogelijke inbreuken vast te stellen en te bewijzen, kunnen zij opvragen. Het is wel belangrijk dat de inspecteurs zich kenbaar maken en hun identiteitsgegevens moeten achterlaten. De landbouwer is niet verplicht op vragen te antwoorden waarover hij zich onzeker voelt. Men kan niet verplicht worden een verklaring of een document te ondertekenen waarbij men zich onzeker voelt. De inspectie kan een waarschuwing geven maar ook een proces-verbaal (pv) van inbreuk opmaken. Wanneer er een pv wordt opgemaakt, is er een inbreuk en zal het aan de arbeidsauditeur zijn om te beslissen wat het gevolg is dat hieraan wordt gegeven. De boetes kunnen hoog oplopen in functie van de aard van de inbreuk.

Meer informatie

Sector: