Menu

Afrikaanse varkenspest weegt zwaar door

Terug naar Onderwerp

De Afrikaanse varkenspest in België heeft zware gevolgen voor onze varkenssector. Meerdere exportbestemmingen hebben hun grenzen gesloten voor Belgisch varkensvlees en ook de intracommunautaire handel in varkensvlees is verstoord. Als gevolg daarvan gingen onze varkens- en biggennoteringen zwaar onderuit. Tot op heden is het virus alleen aanwezig bij de wilde everzwijnenpopulatie en de hoop is dat het niet overslaat naar de professionele sector. Als dat wel gebeurt, zijn de gevolgen niet te overzien. Het is dan ook belangrijk dat we niet alleen aan preventie werken, maar ook structurele maatregelen nemen om verspreiding van de ziekte te stoppen.

Handel verstoord

Onze varkensmarkten staan volledig in het teken van de Afrikaanse varkenspest. Bij de varkensslachterijen en de verwerking is er sprake van paniek. Al 19 niet-EU-landen hebben een embargo opgelegd voor varkensvlees uit ons land, maar ook bedrijven in onze buurlanden zetten druk op de markt door bestellingen van Belgisch varkensvlees te annuleren of prijsconcessies te eisen. Daardoor ontstaat er een overaanbod op onze markten. Nochtans zijn er geen besmette varkens en er is geen enkel gezondheidsrisico voor de consument. Het lijkt er dan ook op dat de internationale handel wil profiteren van de situatie in België. De BPG-notering ging vorige week met 12,27 cent per kg geslacht onderuit en de biggennoteringen daalden met 3,5 euro per big. Het was te voorspellen dat de Afrikaanse varkenspest zou leiden tot een extra verlaging van de varkensprijs tegenover het buitenland, maar de grootte van de daling heeft iedereen verrast. Voor onze varkenshouders is dit een zware slag en het is maar de vraag is of de markten deze week tot bedaren zullen komen. Omdat het verschil met de noteringen in het buitenland zeer groot is, zal er meer interesse zijn om hier levende varkens te komen halen.

Structurele maatregelen

De Afrikaanse varkenspest is erg besmettelijk en de aanwezigheid van het virus in de everzwijnenpopulatie is een ernstig risico voor onze varkensstapel. Ondanks de opgelegde maatregelen is de kans reëel dat de ziekte in de bufferzone overslaat naar de daar aanwezige varkens. Het leeghalen van het buffergebied zou dat kunnen voorkomen. Dat is bovendien een krachtige maatregel die vertrouwen kan wekken in de buurlanden en de exportbestemmingen buiten de EU. Wij steunen dan ook de aanpak die minister Ducarme afkondigde om de varkens op bedrijven in de afgebakende zone te slachten.

Het is belangrijk dat zo snel mogelijk actie ondernomen wordt, maar met een vergoedingsregeling die de getroffen bedrijven correct compenseert. Hiervoor zijn er middelen in het Sanitair Fonds voor varkens, dat gefinancierd wordt door de varkenshouders zelf. Maar in overleg met de Europese Commissie moet er ook een oplossing uitgewerkt worden om het inkomensverlies tijdens de periode van leegstand te overbruggen.

Het feit dat de afgebakende zone leeggemaakt wordt, wil niet zeggen dat het gevaar helemaal weg is, want de ziekte blijft er aanwezig bij de everzwijnen. Bedrijven buiten de zone moeten maximaal inzetten op de bioveiligheidsmaatregelen. Ligt je bedrijf in een gebied waar everzwijnen lopen? Dan moet je het omheinen met een dubbele afrastering, conform de maatregelen van het FAVV. Belangrijk is ook dat alleen wie nodig is voor de bedrijfsvoering in je stallen mag komen. Controleurs van de overheid en auditoren moeten de hygiëneprotocollen volgen. Het is aan jou om daarover te waken.

Varkensbedrijven die veiligheidsmaatregelen nemen, bijvoorbeeld door dubbele omheiningen of wildroosters aan te brengen, kunnen daarvoor VLIF-steun krijgen. Let op, want de volgende blokperiode voor het aanvragen van VLIF-steun wordt al op 30 september afgesloten.