Menu

Het probleem

Terug naar Onderwerp

In dit onderwerp

Alle woonuitbreidingsgebieden op de schop?
Minder uit dit onderwerp

Om een stuk grond te mogen bebouwen, moet het gelegen zijn in woongebied. Die werden in de jaren 70 behoorlijk kwistig ingekleurd, zodat vandaag nog heel wat gronden die als ‘rood’ op een bestemmingsplan staan, onbebouwd zijn. Daarnaast zijn er ‘reservegebieden’: ‘woonuitbreidingsgebieden’ die pas mogen worden aangesneden voor bebouwing als men kan aantonen dat er een woonbehoefte is.

Een inventarisatie van de administratie Ruimte leert dat er niet minder dan 60.000 ha onbebouwde percelen bestemd zijn als bouwgrond waarvan een kwart in de normale woongebieden en een kwart in woonuitbreidingsgebied. Deze percelen liggen bovendien erg verspreid en op slecht ontsloten plaatsen. Zonder ingrijpen van de overheid op dit aanbod is een verdere verstedelijking van de huidige juridische grondreserve erg waarschijnlijk. Dit zou leiden tot een nieuwe golf van suburbanisatie en een verdere versnippering van de open ruimte.

Enkele sprekende cijfers (bron: Veldverkenners)

  • Vlaanderen = 1,36 miljoen hectare
  • 6 ha open ruimte verdwijnt dagelijks
  • 14% is verhard
  • 33% of een derde van onze ruimte wordt al ingenomen door: huizen en tuinen (35%); wegen en spoorwegen (18%), kerken, monumenten, leegstaande panden (15%), bedrijfsterreinen en handelspanden (13%); pleinen, parkeerterreinen, braakliggende grond (10%); parken en recreatieterreinen (7%)