Menu

“Mijn dieren doen het heel goed met hooi en gras”

Terug naar Boer in de kijker
Sector: 
Regio: 

Daniël Kindt

73 jaar
Lichtervelde (West-Vlaanderen)
Ook al is Daniël ondertussen met pensioen, toch blijft hij begaan met zijn passie: koeien kweken van het West-Vlaamse rode ras.
Daniël Kindt uit Lichtervelde kweekt rode runderen.

Patrick Dieleman

Op 4 november werd ‘Vlees van het rood ras van West-Vlaanderen’ erkend als Europese beschermde oorsprongsbenaming (BOB). Dat was voor ons de aanleiding om in Lichtervelde langs te gaan bij Daniël Kindt. Hij heeft heel zijn carrière dubbeldoelkoeien van het rode ras gemolken. Tien jaar geleden stopte hij met melken, en ging hij meer de vleesrichting uit. Ook al is Daniël ondertussen met pensioen, toch blijft hij begaan met zijn passie.

In de jaren 70 konden we het aan de runderen zien, wanneer we in West-Vlaanderen kwamen. De Oost-Vlaamse witrode runderen ruimden geleidelijk plaats voor hun roodbruine zussen en broers. Toen was zowat 80% van het vee er nog rood.

Daniël haalt er wat documentatie bij. Eerst laat hij me het dekboek zien van Gino van ’t Heereveld. Het dateert uit 1992. “Gino ging toen naar de prijskamp in Brussel. Dat was het laatste jaar dat daar een prijskamp voor het rood ras is doorgegaan. In 2008 stonden we tijdens de folklorefeesten met tien van onze koeien op de markt.” We bladeren door een brochure, die de Landelijke Gilde van Lichtervelde toen samenstelde ter ondersteuning van een tentoonstelling over het rode ras. Daniël wijst een foto aan van zijn zoon Peter met de stier Gino. Het wordt even stil. Peter stierf in 2010, tijdens een ongeval met een tractor. Vier jaar voordien overleed ook Gerda, Daniëls echtgenote. Daniël haalt ook het jaarboek 2011 van de heemkundige kring boven, dat voor de helft gewijd is aan het rode ras. Bij het doorbladeren stuit hij op een foto van Ivo. “Dat was de eerste stier waar de KI mee werkte. Aanvankelijk waren de veehouders georganiseerd in syndicaten. Oorspronkelijk was het rood ras een dubbeldoelras. Nadien geraakte dat opgesplitst in een vlees- en een dubbeldoeltype. Ondertussen zijn de meesten overgeschakeld naar het vleestype, maar er zijn nog enkele boeren die rode koeien melken.”

Sterke en zwakke punten

Daniël hield zelf lang vast aan zijn rode koeien, omdat hij in zijn bindstal geen Holsteins kon houden. Als sterk punt van het rood ras noemt Daniël hun handelbaarheid. “Ik heb heel wat weiden aan de overkant van de autosnelweg (toen Daniël 8 jaar getrouwd was, legde men de A17 van Brugge naar Kortrijk aan). Er zijn koeien die uit zichzelf met hun kalf op de veewagen gaan.” Het zijn ook sterke dieren, die alleen binnenkomen als het echt wintert. De meeste dieren kalveren in februari en maart. Normaal blijven de kalveren bij de moeder tot die begin december op stal komt. Dit ras kan en moet buitenlopen en gras eten. Alleen als ze binnenstaan, krijgen ze wat krachtvoeder. Daniël probeert zo veel mogelijk hooi te winnen voor ’s winters. Het alternatief is voordroogkuil. Andere sterke punten zijn de smaak van het vlees en het goede beenwerk. Ook de groei zit goed. Daniël haalt het voorbeeld aan van een jonge stier, die 901 kg woog op zijn tweede verjaardag. “En dat op basis van gras en hooi.” Als minpunt haalt Daniël het gevaar voor inteelt aan, gezien de betrekkelijk kleine populatie. “Dan verlies je groeikracht.” Het rood ras is een klein ras geworden. Dat maakt dat Daniël heel goed moet uitkijken bij zijn stierenkeuze. “Tot nu toe lukt dat. Om wat nieuw bloed in te brengen, durft men wel eens kruisen met roodbonte dieren. We doorbladeren enkele stierencatalogi van CRV. Daniël werkt nu veel met Jacobus, een stier met veel ‘rood bloed’. Recent gebruikte hij ook Gimondi. Geregeld duiken dezelfde fokkers op: Vanclooster uit Hooglede, Demaeght uit Vlissegem, Bekaert uit Sint-Baafs-Vijve, Bauwens uit Wakken … Die laatste fokte de stier Jacobus, die wat bloed van verbeterd roodbont uit Nederland voert. Dat maakt hem vrij breed inzetbaar. Bij sommige stieren staat aangegeven voor welke bloedlijnen je ze beter niet inzet.

Afzet

Wie over het vlees van het rood ras spreekt, krijgt sowieso de naam Dierendonck te horen. Keurslagerij Dierendonck uit Sint-Idesbald (Koksijde) doet heel wat inspanningen om het op de kaart te zetten. Ze bevoorraden ook heel wat topchefs. Daniël sprak ooit met vader Dierendonck over de rechtstreekse verkoop van een dier, maar hij ondervindt dat er steeds wel een marschang tussen kruipt, een veehandelaar. “De marschangs zoeken rode runderen. Als ik vroeger met een dier naar de markt ging in Brugge, dan was dat altijd onmiddellijk verkocht.” Een grote surplus leveren rode dieren niet bij normale marktomstandigheden, maar als de prijzen dalen zijn rode dieren toch meer prijshoudend. Daniël doet inspanningen voor de premie voor runderen van het rood ras (zie kader). Je moet minstens 20 vrouwelijke dieren ouder dan 6 maanden hebben.

Nadien brengen we een bezoekje aan de stal. Eén koe kalfde de nacht voordien. Haar kalfje ligt iets verderop bij enkele jongere dieren. Hier en daar bekijken we de kwaliteiten van een dier. Ik herinner me vooral een grote koe wiens zoon, geboren in oktober 2018, ook gezien mocht worden. Daniël verwachtte dat die het heel goed zal doen. Daniël eindigde met de booschap dat hij iedereen die inspanningen leverde voor het rood ras uitdrukkelijk wil bedanken.

Streekproduct
Het rood ras werd in 2012 erkend als Vlaams streekproduct. Onder beschermde oorsprongsbenaming (BOB) wordt de naam van een streek of plaats die wordt gebruikt in de benaming van een landbouwproduct of levensmiddel verstaan. Vlees van het rood ras is pas het tweede Vlaamse product dat die erkenning in de wacht sleept, waarmee het op het niveau komt van streekproducten zoals ‘Poule de Bresse’ en Parmaham. De benaming ‘Vlees van het rood ras van West-Vlaanderen’ mag uitsluitend gebruikt worden voor het vers vlees van vrouwelijke dieren tussen 3,5 en 8 jaar oud en van ossen tussen 2 en 3,5 jaar oud en die gefokt en gekweekt werden in de provincie West-Vlaanderen.

Het vlees heeft een mooie donkerrode kleur, is licht en fijn met vet gemarmerd, heeft een zeer fijne vezel waardoor het zeer mals is en ook een volle, intense smaak, waarbij het fijne vet voor een romige toets zorgt. Dat maakt dat het vlees met verwijzing naar het rode ras geserveerd wordt in heel wat toprestaurants.

Het provinciebestuur van West-Vlaanderen ondersteunt de fokkers van het rood ras. Daarvoor maken ze gebruik van een Europees programma voor lokale bedreigde rundveerassen. De uitwerking gebeurt door het SDVR (Studie- en Documentatiecentrum van de Vlaamse rundveerassen) van CRV Vlaanderen.

De provincie ondersteunde in 2018 en 2019 een project met gesekst sperma. Hierdoor kregen de fokkers, voor een financieel interessante prijs, 92% zekerheid op een vaarskalf. De rietjes kostten 15 in plaats van 45 euro. In 2018 maakten 21 fokkers daar gebruik van (204 rietjes), in 2019 17 (151 rietjes).

Meer boeren in de kijker

Voor onze ‘Boer in de kijker’ trekken we deze keer naar het West-Vlaamse Proven, op enkele kilometers van...
Luc en zijn zoon combineren akkerbouw met een gesloten varkensbedrijf en vleesvee. Luc: “Het is een bedrijf met...
Dries en Kaatje Dejonckheere-De Boe baten in Bikschote een handel in meststoffen, granen, veevoeders en zaden uit...