Werken aan biodiversiteit en waterkwaliteit landschap

31 maart 2022

De VLM-beheersovereenkomsten die landbouwers nu met de VLM hebben lopen, kaderen binnen het derde Vlaams programma voor plattelandsontwikkeling (2014-2020) dat uitvoering geeft aan het Europees gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB). Dat programma liep af op 31 december 2020. Om de periode naar de start van het volgende plattelandsontwikkelingsbeleid te overbruggen (2023-2027) werd een overgangsregeling binnen het GLB uitgewerkt. Daarin was het mogelijk om aflopende contracten te hernieuwen met een contract van twee jaar.

1107 ha ter bevordering van de waterkwaliteit

De kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater is een prioriteit voor het Europese en Vlaamse milieubeleid. Het verminderen van de verontreiniging van het water met nitraten afkomstig van de landbouw is daarbij een belangrijke doelstelling. Teelten met een laag risicoprofiel hebben een laag gemiddeld nitraatresidu.

Door dergelijke teelten te verbouwen, vermindert de uitspoeling van stikstof naar het grond- en oppervlaktewater. Binnen de afgebakende beheergebieden in Limburg lopen er dit jaar op 1107 ha beheersovereenkomsten waterkwaliteit. Maar liefst 42,9% van deze beheersovereenkomsten zijn in Limburg afgesloten.

126 ha erosiestroken

Voor landbouwers leidt bodemerosie tot opbrengstverlies door het wegspoelen van vruchtbare grond, zaai- en plantgoed, meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen. Op lange termijn veroorzaakt bodemerosie een vermindering van de bodemkwaliteit. Maar ook stroomafwaarts zijn er negatieve gevolgen.

In Limburg worden er dit jaar 92 meter erosiedammen, bestaande uit strobalen, aangelegd. Daarnaast worden er 126 ha erosiestroken aangelegd. Zowel de erosiedammen als de erosiestroken zorgen voor tijdelijke buffering van het afstromend water en het opvangen van de meegevoerde bodemdeeltjes.

215 ha bloemenstroken

Bijna 40% van de beheersovereenkomsten aanleg en onderhoud bloemenstroken zijn in Limburg afgesloten. Deze bloemenstroken worden aangelegd in de buurt van bijvoorbeeld houtkanten en onverharde wegen. De aanleg ervan verhoogt het voedselaanbod (pollen en nectar) voor insecten zoals bijen en vlinders, waardoor hun overlevingskansen toenemen. Een hogere overlevingskans voor die insecten betekent ook een hoger voedselaanbod voor akkervogels zoals de veldleeuwerik en gele kwikstaart.

Een andere optie voor perceelsrandenbeheer is de beheersovereenkomst aanleg en onderhoud van grasstroken. In Limburg is die op meer dan 368 ha afgesloten. Deze stroken worden aangelegd langs landschapselementen zoals holle wegen, waterlopen en bossen. Deze stroken hebben een bufferende functie: ze beschermen de landschapselementen tegen meststoffen, bestrijdingsmiddelen en tegen beschadiging door grondbewerkingen.

De toepassing van een aangepast maaibeheer op de stroken draagt bovendien bij aan de ontwikkeling van een waardevolle vegetatie of de overleving van allerlei diersoorten.