Welke gevolgen kan het capaciteitstarief hebben?

22 februari 2022

Op 21 december keurde de VREG de distributienettarieven 2022 voor aardgas en elektriciteit goed. Tot en met 30 juni worden de nettarieven zoals vanouds verrekend. Vanaf 1 juli wordt het capaciteitstarief geïntroduceerd en worden tegelijk de distributie- en transmissietarieven gecombineerd tot één nettarief. Wij maakten de eerste simulaties van het effect van deze tariefstructuurwijziging op de factuur voor verschillende land- en tuinbouwbedrijven.

Nieuwe nettarieven vanaf 1 juli 2022

Op 1 juli verandert de elektriciteitsfactuur voor iedereen en worden er nieuwe nettarieven ingevoerd. Naast grote bedrijven betalen ook gezinnen en kmo’s vanaf dan een capaciteitstarief. Dit betekent dat je vanaf dan ook moet betalen voor het maximale vermogen (kilowatt, kW) dat er maandelijks nodig is op het bedrijf. Op middenspanning was dat al het geval, de grootste verandering komt er dus voor laagspanningsaansluitingen. Een overzicht van alle parameters die kosten met zich meebrengen vind je in de tabel.

Deze tariefstructuurwijziging komt er voornamelijk omdat investeringen in het net getriggerd worden door capaciteitsproblemen. Daarom wil men dat de elektriciteitsfactuur meer kostenreflectief wordt. Wie hoge pieken veroorzaakt zal meer betalen dan wie zijn verbruik spreidt. Door een bewustzijn te creëren rond het piekvermogen, wordt het gedrag van de consument hopelijk aangepast en kan het toekomstig investeringsbedrag voor het net verlaagd worden. Dat zou dan weer rechtstreeks moeten leiden tot betaalbare nettarieven voor iedereen, de komende jaren. In het geheel zou ongeveer 20% van de energiefactuur omgevormd worden door het capaciteitstarief (zie figuur).

Capaciteitstarief
energie

Wat betekent dit voor mijn bedrijf?

Voor deze vraag bestaat geen eenduidig antwoord. Er bestaat namelijk niet zoiets als één nettarief, dat voor iedereen hetzelfde is. Het nettarief is afhankelijk van een aantal parameters. Als eerste wordt het elektriciteitsnet in Vlaanderen beheerd door een tiental kleinere netbeheerders, denk aan Gaselwest, Imewo of Fluvius. Elk van deze netbeheerders heeft eigen kosten om zijn gebied te onderhouden. Elke netbeheerder hanteert een eigen tarief. Afhankelijk van jouw postcode hoor je bij een van deze netbeheerders. Zo zal een boer uit Ieper al snel 25% meer moeten betalen om eenzelfde hoeveelheid elektriciteit op zijn erf te krijgen dan eentje die in Bree woont. Hier kan je niets aan veranderen.

De tweede parameter is het spanningsniveau. Voor onze sector zal dit hoofdzakelijk middenspanning (1 tot 26 kV) en laagspanning zijn (< 1 kV). Op middenspanning zijn de nettarieven een stuk lager dan op laagspanning.

De derde parameter is de afname van elektriciteit van het net. Hoe meer elektriciteit je afneemt, hoe meer je moet betalen voor het net. In de eerste helft van 2022 betaal je hier op laagspanning gemiddeld 0,085 euro/kWh voor, op middenspanning bedraagt dit 0,008 euro/kWh. Met dit verschil kon/kan je dus de cabine terugverdienen. De onderverdeling in piekuren en daluren wordt ook afgeschaft.

Als vierde zal elke afnemer vanaf nu ook betalen voor zijn piekvermogen. Voor bedrijven met een digitale meter zal dit gebeuren op basis van de werkelijk gemeten pieken. Hier werkt men op basis van een ‘gemiddelde maandpiek’. Dat is het hoogste kwartiervermogen dat er in die maand gemeten is. Elke maandpiek heeft voor 1/12 effect op het jaarlijks totaalbedrag. Men neemt immers voor de aangerekende piek het rollende gemiddelde van de laatste 12 maanden mee. De bedragen variëren tussen 25 en 50 euro per kW afhankelijk van de spanning en de lokale netbeheerder. Bij bedrijven met een analoge meter worden er geen pieken gemeten. Daar werkt men met een vast bedrag dat varieert tussen 85 en 120 euro per jaar.

Tenslotte zullen de middenspanningsbedrijven ook een contractueel toegangsvermogen vooraf moeten reserveren, waarvoor ze een bedrag tussen de 19 en 35 euro/kVA moeten betalen. Reserveert die boer uit Ieper bijvoorbeeld 100 kVA, dan zal hem dat 2860 euro per jaar kosten. Het maakt vervolgens niet uit of je dat vermogen ook nodig hebt in dat jaar. Doordat je het gereserveerd hebt, kan een ander het niet reserveren/kopen. Uiteraard voel je dan de neiging om zo weinig mogelijk te reserveren, maar dat wordt dan weer ontmoedigd. Wie zijn contract overschrijdt, zal een boete moeten betalen die 150% bedraagt van de kosten van het toegangsvermogen voor het aantal kVA dat die te veel nodig had.

Elke sector heeft zijn eigen typisch verbruiksprofiel.

Eerste simulaties op basis van praktijkcases

Zoals je gemerkt hebt kunnen de nettarieven al sterk variëren naargelang de situatie van de aansluiting. Daarboven moet dan nog eens de puzzel gelegd worden van de verschillende deelsectoren in de land- en tuinbouw. Want elke sector heeft zijn eigen typisch verbruiksprofiel, waarbij dus vooral de verhouding tussen piekvermogen en jaarlijkse afname belangrijk is. Dit is het eenvoudigst te duiden door een gangbaar melkveebedrijf te vergelijken met een bedrijf dat met melkrobots werkt. Het gangbare bedrijf heeft meer piekvermogen nodig dan het vlakkere profiel van een melkveerobot bij eenzelfde jaarlijkse afname. We maakten enkele simulaties, waarvan je het resultaat kan bekijken op onze website. We vergeleken een klassiek melkveebedrijf met een robotbedrijf en daarbinnen telkens ook middenspanning en laagspanning (zowel klassieke als digitale meter). Wat ons het meest opvalt, is dat het erop lijkt dat laagspanningsklanten minder zullen moeten betalen voor het net dan voorheen. Voor klanten op middenspanning geldt het tegenovergestelde. Maar middenspanning blijft wel een stuk goedkoper dan laagspanning. Het verschil tussen beide wordt wel kleiner.

De tweede voorlopige vaststelling is dat bedrijven met een digitale meter minder zullen moeten betalen dan degene die nog steeds een analoge meter hebben. Als laatste valt op te merken dat robotbedrijven minder zullen moeten betalen dan de gangbare bedrijven, omdat ze minder piekvermogen nodig hebben voor dezelfde energieafname.

De simulatie is gebeurd op basis van twee praktijkcases. We kunnen die data jammer genoeg niet zomaar toepassen voor andere melkveebedrijven, die meer of minder energie nodig hebben. De piekbehoefte van de vacuümpomp en de koeltank blijft bijvoorbeeld wel dezelfde, ook al melk je als kleinere melkveehouder een uur minder lang per melkbeurt. Een melkveebedrijf dat maar 30 MWh nodig heeft, zal relatief gezien dus een hogere piek hebben dan een dat 80 MWh gebruikt. Zonnepanelen of windturbines hebben ook hun invloed. Die halen zeker de afname naar beneden. Maar dat doen ze wellicht niet met de maandelijkse piek, omdat er altijd wel eens een kwartier zal zijn zonder wind of zon.

> Bekijk de tabel

We zoeken extra meetgegevens

Laurens Vandelannoote, consulent Energie en klimaat, Boerenbond: “Om een volledige inschatting te kunnen maken voor alle types bedrijven (groot, klein, gemengd, verbredingsactiviteiten, wel/geen hernieuwbare energie …) binnen de brede land- en tuinbouwsector hebben we nog veel meer meetdata nodig. Hierbij doen we dan ook een oproep. We zijn op zoek naar zo veel mogelijk kwartuurgegevens van verschillende types bedrijven. In ruil voor jouw energiedata maken we een persoonlijke simulatie van het effect van de tariefwijziging op jouw bedrijf.

Kwartuurgegevens kunnen aangevraagd worden door bedrijven met een digitale meter. Stuur hiervoor een mail naar marktwerking@fluvius.be. Daarin moet je het EAN-nummer van afname en je vraag voor de kwartuurgegevens van het jaar 2021 vermelden. Je mag je kwartuurgegevens via mail bezorgen aan laurens.vandelannoote@boerenbond.be met daarbij ook een korte beschrijving van je bedrijfsactiviteiten.”