Menu

Wat ben je met export wanneer je je eigen markt te grabbel gooit?

Terug naar Actualiteit
Sector: 
Regio: 

België schaarde zich deze week achter de geest van een Frans memorandum over het behoud van de Europese landbouwbegroting, maar ondertekende de tekst niet. Een meerderheid van lidstaten deed dat wel en steekt de kop uit. Hopelijk volgen hun regeringen. Inmiddels wordt het duidelijk dat aan de landbouw in het nieuwe model bijkomende eisen opgelegd zullen worden. Maar meer doen voor minder is geen optie!

De Europese Commissie meet het succes van het GLB onder meer aan de sterke stijging van de Europese export. Inmiddels legt ze haar eigen boeren bijkomende hoge productie-eisen op en gooit ze de eigen markt te grabbel voor een opeenstapeling van vrijhandelsakkoorden.

“Chinezen eten pizza’s met Belgische mozzarella van Vlaamse melk, terwijl Vlaamse studenten goedkope pizza’s eten met namaak- of analoogkaas waar geen melk maar plantaardig eiwit en palmolie aan te pas komen. Misschien hebben de mozzarella en de palmolie gebruik gemaakt van hetzelfde zeeschip? Geen gezeur, in 2017 voerde de EU voor 138 miljard euro aan landbouwproducten uit. Dat is 5,1% meer dan in 2016 en volgens Hogan een gevolg (lees: succes) van een marktgericht GLB. Gaat het na 2020 verder die kant op? Wat blijft er over van een marktgericht GLB wanneer vrijhandelsakkoorden de eigen Europese markt ondergraven? Het is geen Europees fenomeen. Ook binnen Europa wordt er geklaagd. Binnen Europa neemt het ‘gastro-nationalisme’ toe. Iedereen gaat zich beschermen tegen iedereen. De andere is de vijand. En toch.

Voedingssector trekt aan de alarmbel

Terwijl Europa met minder middelen een ambitieuzer landbouw- en voedselbeleid wil ontwikkelen, trekt de voedingsindustrie ook in ons land aan de alarmbel. Het gaat uitstekend met de export van de Belgische voedingsindustrie, zoals het ook uitstekend gaat met de export van de Europese voedingsindustrie. Maar de Belgische markt voor de Belgische voedingsindustrie brokkelt af. Dat kan ook gezegd worden van de Europese markt voor de Europese voedingsindustrie. De opeenstapeling van vrijhandelsakkoorden zet onze grenzen verder open voor voedingsproducten afkomstig van landen met andere dan Europese kwaliteitsnormen. “Wie wil exporteren, moet ook willen importeren”, luidt het dan. Verschillen in kwaliteitsnormen worden gemakshalve onderling erkend in plaats van gelijkgeschakeld. Vermelding van het land van herkomst ergens verscholen op de verpakking moet volstaan om de consument te waarschuwen. Wat de positie van de Belgische voedingsproducten op de Belgische markt betreft, is er meer aan de hand dan Europese normen, want we worden ook door Europese producten van onze markt gedrukt. Fevia, de Belgische koepel van voedingsbedrijven, wijst in zijn economisch jaarverslag op de opeenstapeling van heffingen en andere bijdragen die Belgische producten van de markt drukken.

Deel deze pagina: