Sierteler Tom Leybaert leidt in Moerbeke een innovatief sierteeltbedrijf met vooral rododendron en azalea. In alle stappen die het bedrijf gezet heeft, speelde water een hoofdrol. “Zonder een doordacht waterbeleid, hadden we ons bedrijf nooit kunnen ontwikkelen tot wat het vandaag is.”

"Azalea’s zijn gevoelig voor een goede waterkwaliteit", zo begint Tom. "Om grote partijen planten van een hoge kwaliteit te kunnen leveren, hebben we voldoende water van topkwaliteit nodig.”

Regenwater is water van topkwaliteit. Daarom investeerde Tom bij elke uitbreiding van zijn bedrijf ook altijd in uitbreidingen in watercapaciteit. Tom: "Opgevangen regenwater wordt geleid naar een opslagtank met een capaciteit van 14 miljoen liter en twee bijkomende grote vijvers. Het regenwater dat op onze velden valt in de winter gebruiken we in de zomerperiode. Dat systeem is goud waard."

Besparing in meststoffen

Naast regenwater gebruikt het bedrijf opgepompt vijverwater en drainwater. Drainwater is het water dat aan de planten gegeven wordt, maar dat het gewas niet opneemt. “Afhankelijk van het groeistadium keert ongeveer 45% van het toegediende water terug. Dat water lozen we niet, maar vangen we volledig op. Het is niet alleen waardevol omwille van het water, maar kan ook nog nutriënten bevatten. Deze nutriënteninhoud kan op die manier in mindering gebracht worden in een volgende begieting en zo besparen we op meststoffen."

First flush

Water opvangen en hergebruiken lijkt simpel, maar is het niet. Het vergt een hele infrastructuur en investeringen in pompen, leidingen en opslag. Tom: "We hebben vier watersilo’s: voor regenwater, grondwater en ontsmet drainwater. Een vierde silo is voor het opvangen van het nog niet-ontsmet drainwater. De drie hoofdsilo’s voeden een vijftal pompinstallaties verspreid over het bedrijf, telkens gekoppeld aan specifieke blokken."

"Bij de aanleg van serres of containervelden kozen we met het oog op de toekomst altijd voor voldoende opvang, pompen en ruim gedimensioneerde waterleidingen. Daarom voldoen we nu al aan de first flush-regelgeving die oplegt dat je het eerste nutriëntenrijke afspoelwater na felle regenbuien moet kunnen opvangen.”

Ontsmetten met groene energie

Afhankelijk van de teelt wordt bepaald welke mix van de drie watersoorten aan welke planten gegeven wordt. Al het drainwater wordt via uv-ontsmetting ontdaan van ziekteverwekkers en andere micro-organismen. Dat ontsmetten gebeurt vooral overdag, met groene energie van de eigen zonnepaneleninstallatie. “Als er veel zon is, moeten we veel gieten en ook veel ontsmetten. Maar dan hebben we ook veel zonne-energie, dat komt dus goed uit.”

Economisch voordeel en extra weerbaarheid

Sommige telers stonden in het verleden wantrouwig tegenover eventuele ziektedruk afkomstig van drainwater, maar de praktijk bewijst volgens Tom dat die vrees ongegrond is. “Zeker in de mix met regenwater en grondwater valt drainwater goed in te zetten. Wel laten we het water om de paar maanden analyseren om nauwkeurig te weten welke waterkwaliteit in onze opslag zit.”

Want hoe goed of slecht het water ook is, de eisen van de klant blijven even hoog. De consument wil enkel een perfect ogende plant. Sommige grote klanten hanteren voor gewasbescherming vaak nog een eigen bovenwettelijke lijst van middelen waarvan ze geen restanten willen terugvinden. “Dat maakt dat je als teler extra voorzichtig moet zijn met welk water je voor welke partij hergebruikt. Dat zien we eerder als een uitdaging dan een probleem. De manier waarop we met water omgaan, maakt ons weerbaarder, biedt ons economisch voordeel en speelt in op wensen uit de maatschappij. Zolang de spelregels op Europees niveau gelijk zijn voor iedereen, zien we de toekomst met vertrouwen tegemoet”, besluit Tom.