Menu

Terugblikken op veertig jaar Agro-Expo

Terug naar Actualiteit
Van 25 tot 27 januari 2020 vindt in Roeselare opnieuw Agro-Expo Vlaanderen plaats. Deze vakbeurs is aan haar twintigste editie toe en bestaat dan veertig jaar. André Debruyne en Michel Vulsteke, die jarenlang als voorzitter en secretaris mee de trekkers waren van het initiatief, blikken tevreden terug.

Patrick Dieleman

André Debruyne kwam bij het team vanuit de kring Varkenshouderij van Boerenbond. Hij initieerde de werking voor varkenshouders in het Roeselaarse en hielp daarna ook in Leuven de vakgroepwerking op de sporen zetten. Michel Vulsteke kwam vanuit de Provinciale Pluimveebond van West-Vlaanderen. “We waren al in de jaren zeventig in Ieper begonnen met een pluimveebeurs, min of meer als tegenhanger van Geel”, vertelt hij. “Na een drietal geslaagde edities hebben we er de varkens bijgenomen, op vraag van de veevoederproducenten. We zijn gaan praten met de mensen die een varkensshow organiseerden in de gebouwen van de groenteveiling in Roeselare.”

André herinnert zich dat de organisatoren op zoek waren naar een andere locatie in Roeselare omdat er op maandagmorgen nog een varkensgeur hing in de veilinggebouwen. De organisatoren van de beurs in Ieper zochten ook een uitweg, omdat ze exposeerden in de hallen, maar dat gebouw werd te klein. Michel legt uit dat ze vanwege de groei naar de verdieping en de zolder moesten en dat was logistiek niet eenvoudig in een gebouw zonder lift. Het stond buiten elke discussie dat het Roeselare moest worden. “Uiteraard, dat is het centrum van onze landbouwprovincie”, zegt André overtuigd. “We hebben hier de veiling, Inagro, machineproducenten en veevoederfabrieken. Het uitstekende land- en tuinbouwonderwijs in Roeselare draagt samen met de diepvriessector – meestal door boerenfamilies uit de grond gestampt – er ook aan bij om het hart van West-Vlaanderen tot een echte landbouwstreek te maken.”

Stevige ploeg

Michel herinnert zich dat de eerste editie van Agro-Expo in Roeselare in vergelijking met de vroegere Ieperse beurs een behoorlijke uitbreiding betekende in de richting van de varkenshouderij en de veevoeders. “De groenten waren een moeilijker verhaal, maar daar kwam verbetering in onder impuls van de veiling. Ik durf nu zelfs beweren dat we voor het aspect tuinbouw de grootste land- en tuinbouwbeurs van Vlaanderen zijn.”

Terwijl we spreken, zoeken André en Michel in hun dossiers naar foto’s om hun verhaal te illustreren. Ze diepen foto’s op met onder meer Leo Tindemans, Jean-Luc Dehaene en Yves Leterme tijdens hun bezoek aan een van de beursedities. Ik krijg ook heel wat foto’s te zien met grote groepen bestuursleden. “Omdat het actieve mensen waren, hadden we ook Roger Vanderhaeghe en Gerard Sentobin, mijn twee ondervoorzitters van de vakgroep, opgenomen in het bestuur van Agro-Expo”, legt André uit. “Maurits Wybo, de secretaris van de West-Vlaamse vee- en varkenskweeksyndicaten, hebben we erbij gevraagd, maar ook Robert Lombaert. Die was destijds de secretaris van veel landbouwbewegingen.” Michel kwam in het bestuur samen met Georges Vandeputte, voorzitter van de provinciale Pluimveebond, en met Michel Oost. Die was voorzitter van de vroegere pluimvee- en varkensbeurs in de Hallen van Ieper, waar Michel Vulsteke de coördinator van was.

De eerste editie vond plaats op 6000 m². De totale oppervlakte van de hallen is 10.000 m². “Om schommelingen op te vangen, konden we toen wat spelen met de oppervlakte van de stand van de varkenshouders”, vertelt Michel. “Maar voor de derde editie in 1986 werden we te groot. Van de 5 hallen hebben er 2 een sportvloer en daar mochten we niet op. We hebben dan een tent van 1500 m² geplaatst, maar op zondagavond rond 18 u. werd het dak afgerukt door een hevige storm. De standjes stonden onder de blote hemel en dat leidde tot heel wat paniek. Het was ook min of meer een blaam voor Roeselare. Het bestuur moest erkennen dat 4 tennisspelers op zondagnamiddag niet konden opwegen tegen 10.000 mensen in moeilijke omstandigheden op een beurs. Daardoor konden we in de volgende editie groeien naar 10.000 m² en we zitten nu al enkele edities op 15.000 m², opnieuw dankzij een tent. Die staat op een verharde ondergrond, eigenlijk de parking van het sportcomplex. Daardoor zijn we wel verplicht om shuttlediensten in te leggen van en naar de parkings, die verderop liggen.”

Topmomenten

Een echt topmoment aanduiden vindt André moeilijk. “De beurzen zijn met de jaren groter en mooier geworden. We zitten nu al enkele jaren op hetzelfde peil, ook wegens de beperkte oppervlakte, maar we houden stand. Het is nu een moeilijke periode voor beurzen. Er vallen overal beurzen weg, maar wij doen het hier prachtig. De mensen zijn onze beurs genegen. Ze komen graag. Het is kermis in die dagen en ze willen daarbij zijn. Ze willen dat niet missen. Het is aangenaam, maar ook interessant, want alle belangrijke firma’s zijn er.” Een editie die er echt bovenuit stak, kan hij niet noemen, maar hij herinnert zich veel heerlijke dagen, met belangrijke mensen bij de opening. “We hebben alle ministers van Landbouw gekregen, ook Vera Dua”, vult Michel aan. “Leo Tindemans als minister van Landbouw, maar ook Martens en Dehaene als eerste minister.”

Michel kijkt vooral met tevredenheid terug naar de promotieactiviteiten die de organisatie opgezet heeft. Hij verwijst daarbij naar het verhaal van de Superano, een Vlaamse ham die de Italiaanse gedroogde hammen klopte in een smaakpanel van vooraanstaande koks. “Daaruit werd de ‘Duke of Flanders’ geboren, een rauwe ham gepromoot door VLAM. Met medewerking van de restaurants uit de regio hebben we ook wedstrijden georganiseerd voor bloemkool. We hebben twee prei-awards uitgereikt, een bedrijf bekroond met het prei-juweel en de courgettewedstrijd opgezet, waarbij vijfduizend folders met courgetterecepten verspreid werden. Ik wil daarmee benadrukken dat we niet alleen een ‘expo’ zijn. Uiteraard helpen onze beurscontacten bijvoorbeeld om een prijzenpot samen te stellen voor de wedstrijden. We willen daarmee het landbouwimago en onze productie hoog houden.” Als anekdote herinnert Michel zich dat hij ooit een gasboete kreeg van de politie, omdat hij te weinig parkeerwachters had. “Een wijkagent dacht dat het zijn plicht was om het aantal parkeerwachters te tellen. Maar zo’n gasboete wordt opgemaakt op een bepaald moment. Omdat we meer bezoekers verwachtten in de namiddag, zouden er dan veel meer parkeerwachters zijn. Daarom heb ik bij wijze van tegenzet ook het aantal parkeerwachters laten vaststellen om 14 u.”

Mijn beide gesprekspartners zien niet meteen wat ze zouden veranderen, indien ze het parcours van Agro-Expo konden herdoen. Ze hebben wel een verschillende mening over de toekomst. Michel haalt aan dat het gebouw in Roeselare versleten is. Er zijn telkens problemen met het dak en met de nutsvoorzieningen. Daarom is er wel eens gelonkt naar Kortrijk. “Ik leg me neer bij de beslissing van het bestuur om niet te verhuizen, maar ik vind het een gemiste kans om te groeien.” André reageert dat in stand houden wat er nu is ook al een prestatie is in een tijd waarin veel beurzen daar niet in slagen. “Een grote sterkte is dat de bezoekers contact hebben met de firma’s uit hun eigen streek, waar ze dagelijks zaken mee doen. Het is een rendez-vous dat ze niet mogen missen. Die firma’s hebben niet altijd de mogelijkheden of de kans om in Brussel op de beurs te staan.” Michel bevestigt dat dit het succes is van de regionale beurzen. “Dat wordt nog versterkt door de afstand, de vrees voor files en de wetenschap dat drank uit den boze is als je later van Brussel naar huis moet geraken.” Een andere troef is volgens André dat het initiatief gegroeid is uit bewegingen van landbouwers. “Wij hadden de voormannen mee. Onze mensen waren overal bekend en ze waren actief in allerlei organisaties. West-Vlaamse boeren zoeken elkaar en zijn solidair met elkaar. Als er iets ernstigs wordt ingericht, dan lukt dat doorgaans. Ze dagen ervoor op.”

Deel deze pagina: 

Meer informatie