Menu

Terug naar Actualiteit >Russische landbouw voldoet (nog) niet aan verwachtingen

Alle regio's
Alle sectoren

Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie doet Rusland verwoede pogingen om zijn zelfvoorzieningsgraad voor voedsel te verhogen. Het land voert 40% van zijn voedsel in. Rusland is nochtans een belangrijke uitvoerder van granen geworden maar tegelijk ook een belangrijke invoerder van dierlijke producten.

Rusland, ook wel de Federatie Rusland genoemd, is het grootste land ter wereld en buurland van de Europese Unie. Meerdere EU-lidstaten grenzen aan Rusland. De gemeenschappelijk grens bedraagt duizenden kilometers. Er ligt trouwens een stukje Rusland in de Europese Unie, Kaliningrad of Koningsbergen genaamd. Niettegenstaande Rusland het grootste landbouwareaal per inwoner telt, is het altijd sterk afhankelijk geweest van zijn buurlanden voor de voedselvoorziening. Die buurlanden zijn landen die destijds onder Sovjet-invloed stonden maar vandaag deel uitmaken van de Europese Unie en de NAVO, het westers bondgenootschap. Na de overgangsperiode zijn deze landen samen met de hele EU opnieuw belangrijke voedselleveranciers van Rusland geworden, tot op 7 augustus 2014 een Russisch invoerverbod werd ingesteld. Dit embargo is een represaillemaatregel voor westerse sancties als gevolg van de Russische inval in Oekraïne. Rusland en de EU zijn nochtans gedoemd tot samenwerking, al is het omdat zij buren zijn. Goede buren hebben elkaar nodig. De ene heeft voedsel en de andere energie nodig.

De landbouwsector is belangrijk voor Rusland. Landbouw is 5% van het bruto nationaal product. 11% van de Russen is in de landbouwsector tewerkgesteld. Belangrijker is het feit dat 18% van de Russen in armoede leeft. Russen moeten gemiddeld 38% van hun huishoudelijk inkomen aan voedsel uitgeven tegenover 12% in de EU. De Russische overheid heeft er dan ook alle belang bij om de voedselprijzen laag te houden.

Sinds 1990 kende de Russische landbouw een grondige verandering. Staatsbedrijven en coöperatieve landbouwbedrijven werden ontmanteld en de grond werd herverdeeld. Naast familiale bedrijven en bestaanslandbouw kwamen nieuwe spelers op de landbouwmarkt, met name grote private ondernemingen. Mede als gevolg van die ontwikkeling groeide Rusland van netto-invoerder van granen tot ’s werelds grootste uitvoerder van tarwe. Al bedraagt de gemiddelde opbrengst amper 2,7 ton/ha. Tegelijk steeg echter de invoer van landbouw- en voedingsproducten van 7 tot 15 miljard dollar waardoor Rusland na China het tweede belangrijkste ontwikkelingsland werd inzake invoer van voedsel. De Russische politiek paste vanaf 2000 het beleid aan ten voordele van die grote bedrijven om de zelfvoorzieningsgraad op te krikken. In de EU wordt gedacht dat het invoerverbod de eigen sector en politiek dan ook goed uitkomt. Dat blijkt niet onmiddellijk zo te zijn.

Land van tegenstellingen

De Russische landbouw zit vol tegenstellingen. De Russische graanprijzen liggen lager dan de graanprijzen op de wereldmarkt, waardoor het land massaal granen uitvoert en dierlijke producten moet invoeren om de eigen bevolking (duur) te voeden. Na het invoerverbod wordt varkens- en pluimveevlees voornamelijk uit Zuid-Amerika ingevoerd. Verwerkte dierlijke producten, lactosevrije zuivelproducten mogen echter uit de EU blijven komen. Echter niet het invoerverbod, wel de economische crisis en de lage olieprijzen, de devaluatie van de roebel tegenover de westerse munten en de inflatie geven de landbouwproductie in Rusland een boost. Toch blijft de stijging in werkelijkheid beperkt. De stijging van de varkensproductie kan de toegenomen eigen vraag niet volgen. Waar komt die stijging vandaan? Paradoxaal genoeg komen de zware investeringen in de dierlijke sector uit de EU en de VS. Grootste belemmeringen voor de landbouw in Rusland zijn immers kapitaal, geschikt personeel en klimaat. Slechts 30% van het landbouwareaal bevindt zich in gebieden met betrouwbare en voorspelbare weersomstandigheden. Om de 2 à 3 jaar vindt een misoogst plaats. Ter vergelijking, in Frankrijk komt slechts gemiddeld om de vijf jaar winter- of droogteschade voor. Er zijn meer problemen zoals een tekort aan meststoffen, alhoewel Rusland met zijn goedkope gas- en olie een belangrijke meststoffenproducent is. Rusland hoopt echter opnieuw de landbouwgronden van weleer in Siberië en Oost-Rusland in gebruik te kunnen nemen. Die liggen sinds de val van de Sovjet-Unie nog steeds braak.

Dit artikel is gebaseerd op ‘Russia: policy impacts on agricultural production and trade 2017’, van Brian Gardner, Agra Europa – Agribusiness Intelligence/Informa.