Menu

Provincies slaan de brug

Terug naar Actualiteit
Sector: 
Regio: 

Vlaanderen is vanuit de lucht slechts een voorschoot groot en telt 308 gemeentes en 5 provincies. Het nut van die provincies wordt in vraag gesteld, maar op de grond ziet Vlaanderen er in werkelijkheid groter, complexer en zeer verscheiden uit. De provincies werden afgeslankt, maar ze zijn er nog. Wat doen ze? Ze slaan de brug. Is dat nodig of niet?

Boerenbond is hevige voorstander van het behoud van provincies als muur tegen de verstedelijking. Dat is recht voor de raap gezegd. Wanneer we Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker confronteren met de vraag naar de zin en/of onzin van provincies en dus van provincieraadsverkiezingen, antwoordt ze diplomatischer: “We hebben provincies nodig om het evenwicht te bewaren tussen de belangen van de stad en van het platteland. Stad en platteland ontmoeten elkaar in de provincie. Provincies slaan de brug.”

Met het oog op de gemeenteraads- en provincieraadsverkiezingen van 14 oktober besteedt de Landelijke Beweging dan ook ruime aandacht aan het provinciale beleid, onder de titel ‘Gemeend Landelijk’. Met de inspiratiefiches ‘Gemeend Landelijk’ (www.gemeendlandelijk.be) onder de arm, nodigde Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker deze zomer de vijf gedeputeerden voor Landbouw uit voor een debat over het (afgeslankte) provinciale beleid. Wat zit er nog in voor landbouwers en tuinders en voor het platteland? De vijf gedeputeerden voor Landbouw zijn Ludwig Caluwé (Antwerpen), Inge Moors (Limburg), Alexander Vercamer (Oost-Vlaanderen), Monique Swinnen (Vlaams-Brabant) en Bart Naeyaert (West-Vlaanderen). Het debat vond plaats op het bedrijf van Rita en Luc Salens-Van der Elst in Erps-Kwerps (Kortenberg), een akkerbouw- en grondwitloofbedrijf met een drukbezochte hoevewinkel. Het bedrijf is gelegen in de onmiddellijke nabijheid van een start- en landingsbaan van de nationale luchthaven en zit te paard op agrarisch en landschappelijk waardevol agrarisch gebied.

Stad en platteland ontmoeten elkaar in de provincie.

Sonja De Becker (Boerenbond)

Bij de rondgang op zijn bedrijf wees Luc de gedeputeerden op initiatieven die onder meer door de provincie Vlaams-Brabant aangestuurd werden, zoals erosiemaatregelen, de verkoop van streekproducten en samenwerking tussen boeren. De gedeputeerden stelden vragen over de omgevingsvergunning, de uitbreiding van de luchthaven en de toekomstverwachtingen van het bedrijf. Provinciaal beleid werd hierbij aan de praktijk getoetst.

We brengen het verslag van het debat over het provinciale beleid in drie afleveringen. Vooreerst: wat is er gewijzigd?

Afgeslankt beleid

Het provinciale beleid is grondig gewijzigd. Bepaalde politieke partijen wilden de provincies in hun geheel afschaffen, maar dat is uiteindelijk niet gebeurd. De bevoegdheden werden met ingang van 2018 afgeslankt en na de verkiezingen zal ook het politieke personeel afgeslankt zijn. Het aantal provincieraadsleden wordt gehalveerd en het aantal gedeputeerden wordt beperkt tot vier per provincie. De taken van de provincies worden beperkt tot bovenlokale taakbehartiging voor aangelegenheden die het lokale gemeentelijke belang overstijgen en die de gemeentes moeilijk alleen kunnen behartigen, ondersteunende taken in opdracht van andere overheden en gebiedsgerichte samenwerking tussen besturen in een welbepaalde regio. De provincies organiseren samenwerking tussen verschillende partners. Dat kunnen lokale besturen, privé-organisaties, de Vlaamse overheid of nog andere partners zijn. Gebiedsgerichte samenwerking kan flexibel ingezet worden, zonder te verzanden in nieuwe structuren. De provincies kunnen hierdoor maatwerk leveren en samenwerking tussen gemeentes bevorderen. Een stadsregio bekijkt de problemen doorgaans alleen vanuit eigen standpunt.

– De provincies verliezen sommige bevoegdheden, zogenaamde persoonsgebonden bevoegdheden zoals welzijn, cultuur en jeugd. Ze moeten zich beperken tot grondgebonden materies. Wat met armoedebestrijding op het platteland? Denk aan de steun aan ‘Boeren op een kruispunt’?

“Wanneer armoedebestrijding op het platteland kadert in Europese plattelandsontwikkelingsprojecten, is dat wel toegelaten. Ook de steun aan ‘Boeren op een kruispunt’ kan in principe behouden worden, omdat dit gebeurt vanuit een economische invalshoek van de landbouwsector.”

Blijkbaar hangt veel van interpretatie af. Het onderscheid tussen grondgebonden en persoonsgebonden materies is volgens de gedeputeerden kunstmatig. Het houdt beleidsmatig geen steek. Het verhindert immers een beleid dat domeinen overschrijdt. Dat komt trouwens sterk tot uiting in het plattelandsbeleid. Ook voor het dorpenbeleid is dat een handicap. Maar het zij zo, de afslanking van de provincies is nu eenmaal beslist en ze is van kracht. De persoonsgebonden dossier en het betrokken personeel worden overgeheveld naar de gemeentes of naar Vlaanderen, waar ze voortaan thuishoren.

De gedeputeerden verwijzen naar de recente uitspraken van politicoloog Carl Devos in Vacature.com: “De provincies afschaffen? Zou ik niet meer doen.” Als professor in de politieke wetenschappen moest hij bekennen dat hij tot nog toe maar weinig van de provincies afwist en dat ze voor hem dan ook onbelangrijk waren. Nu hij verantwoordelijk is voor de uitbouw van de Universiteit Gent in West-Vlaanderen, heeft hij geleerd hoe belangrijk de provincie is wanneer ze als bovenlokaal niveau gemeentes stimuleert en ze kan doen samenwerken om projecten op elkaar te laten aansluiten. Maar de werking van provincies valt niet op. Vandaar dat velen denken dat we zonder provincies kunnen.

“Het provinciale beleid is niet superzichtbaar, wel supernuttig”, besluit een van de gedeputeerden. Een andere stelt ons en Boerenbondvoorzitter De Becker gerust: “Wat is meer grondgebonden dan landbouw? Strikt genomen verandert er voor landbouwers en tuinders niets. Zij merken de veranderingen niet. De provinciale landbouwdiensten blijven bevolkt zoals voorheen. Daar verandert niets. Ook de provinciale Landbouwkamers blijven bestaan. Zeker wanneer het van ons afhangt!” In het vooruitzicht van de verkiezingen moeten ze immers met twee woorden spreken. We vragen Boerenbondvoorzitter De Becker nog naar het belang en dus het behoud van de provinciale Landbouwkamers. “Landbouwkamers bieden de mogelijkheid van overleg over provinciale initiatieven. Ze kunnen ook zelf initiatieven nemen. Ze zijn een draagvlak voor het provinciale beleid, dat voor ons nuttig én noodzakelijk is.”

De provincies zijn niet superzichtbaar, wel supernuttig.

Bart Naeyaert (West-Vlaanderen)

De Becker vraagt de gedeputeerden naar mogelijke gevolgen voor en de toekomst van het praktijkgericht onderzoek, met name de praktijkproefcentra die door de provincies zwaar ondersteund worden. “Die ondersteuning is destijds afgesproken in het kerntakendebat en de Vlaamse overheid heeft ze duidelijk aan de provincies toegewezen. Wij hebben onder de provincies immers een taakverdeling afgesproken. Wie doet wat? En de resultaten van het onderzoek zijn beschikbaar voor alle Vlaamse land- en tuinbouwers.” Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker wijst nog eens op het belang van die praktijkcentra en de goede verstandhouding tussen de provincies hieromtrent, want de middelen zijn beperkt en de noden zeer groot.

Niets is meer grondgebonden dan landbouw.

Alexander Vercamer (Oost-Vlaanderen)

In een volgende bijdrage gaan we dieper in op het takenpakket van de provincies. Denk aan de ontwikkeling van de landbouw, het waterbeleid en het beheer van het buitengebied in dit verstedelijkte Vlaanderen.

Wordt vervolgd.

Uit Gemeend Landelijk

Tegen de gangbare beeldvorming in, komen kansarmoede en bestaansonzekerheid niet alleen voor in grootsteden, maar ook op het platteland. De armoedeproblematiek is er vaak wel minder zichtbaar door de grotere ruimtelijke spreiding en door het specifieke profiel, met name meer (hoog)bejaarde alleenstaande eigenaars. De provincie heeft aandacht voor en waardeert de rol van lokale verenigingen in het monitoren van het samenleven op het platteland.

De provincie kiest voor een brede aanpak van armoede, bijvoorbeeld via de oprichting of voortzetting van een provinciale participatieraad rond armoede. Ze schrijft projecten uit en stimuleert initiatieven die vereenzaming en armoede aanpakken. Ze kiest bij Europese plattelandsontwikkeling ook voor initiatieven rond armoede op het platteland en in de land- en tuinbouw, en stimuleert en ondersteunt deze projecten. Armoede in de landbouw vraagt een specifieke aanpak. De provincie helpt het taboe te doorbreken door de problemen bespreekbaar te maken en ‘Boeren op een kruispunt’ zichtbaar te maken en te ondersteunen.

INFORMATIE – www.gemeendlandelijk.be

De Landelijke Beweging dat zijn Boerenbond, Landelijke Gilden, KVLV Vrouwen met vaart, KVLV-Agra, Groene Kring, KLJ en LRV.

Deel deze pagina: